wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Liefde voor woordleer (benoemen)

Total questions: 41

Worksheet time: 21mins

Name
Class
Date
1.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Maar het is het vocht waarvoor hij smelt. (hoofdcategorie?)

(a)  

2.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Maar het is het vocht waarvoor hij smelt. (onderverdeling?)

(a)  

3.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Op deze kruk rust zijn geluk. (hoofdcategorie?)

(a)  

4.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Op deze kruk rust zijn geluk. (onderverdeling?)

(a)  

5.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Hij heft z'n bier met weinig kracht. (hoofdcategorie?)

(a)  

6.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Hij heft z'n bier met weinig kracht. (onderverdeling?)

(a)  

7.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Doe het licht maar uit, hij heeft alles al gezien. (hoofdcategorie?)

(a)  

8.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Ooh, ooh, naar het paradijs. (hoofdcategorie?)

(a)  

9.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Ooh, ooh, naar het paradijs. (onderverdeling?)

(a)  

10.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Verdwijn in mijn armen, dan neem ik je mee naar Utopia. (hoofdcategorie?)

(a)  

11.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Verdwijn in mijn armen, dan neem ik je mee naar Utopia. (onderverdeling?)

(a)  

12.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Ik wacht al zo lang op een leven met jou. (hoofdcategorie?)

(a)  

13.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Toch blijf je rustig zonder slag of stoot. (hoofdcategorie?)

(a)  

14.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Toch blijf je rustig zonder slag of stoot. (onderverdeling?)

(a)  

15.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Het overbluft me en de tijd staat stil. (hoofdcategorie?)

(a)  

16.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Het overbluft me en de tijd staat stil. (onderverdeling?)

(a)  

17.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Ijzig kalm vraag je naar mijn naam. (hoofdcategorie?)

(a)  

18.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Ijzig kalm vraag je naar mijn naam. (onderverdeling?)

(a)  

19.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Nee, ik had niets gemerkt. (hoofdcategorie?)

(a)  

20.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Nee, ik had niets gemerkt. (onderverdeling?)

(a)  

21.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Alsof het je laatste dag is. (hoofdcategorie?)

(a)  

22.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Alsof het je laatste dag is. (onderverdeling?)

(a)  

23.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Alsof de morgen niet bestaat. (hoofdcategorie?)

(a)  

24.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Alsof de morgen niet bestaat. (onderverdeling?)

(a)  

25.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Want zij gelooft in mij. (hoofdcategorie?)

(a)  

26.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Want zij gelooft in mij. (onderverdeling?)

(a)  

27.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Zij ziet toekomst in ons allebei. (hoofdcategorie?)

(a)  

28.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Zij ziet toekomst in ons allebei. (onderverdeling?)

(a)  

29.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Want ze weet, dit gaat voorbij. (hoofdcategorie?)

(a)  

30.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Want ze weet, dit gaat voorbij. (onderverdeling?)

(a)  

31.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Kijk dan niet terug met spijt. (hoofdcategorie?)

(a)  

32.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Kijk dan niet terug met spijt. (onderverdeling?)

(a)  

33.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Als dit je laatste dag zou zijn. (hoofdcategorie?)

(a)  

34.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Als dit je laatste dag zou zijn. (onderverdeling?)

(a)  

35.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Zeg één keer dat je van me houdt. (hoofdcategorie?)

(a)  

36.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Wat als je nu nog wacht? (hoofdcategorie?)

(a)  

37.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Wat als je nu nog wacht? (onderverdeling?)

(a)  

38.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Want ik wil jouw schouder om op te huilen. (hoofdcategorie?)

(a)  

39.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Want ik wil jouw schouder om op te huilen. (onderverdeling?)

(a)  

40.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Maar alles wat ik wil, lijkt zo ver weg. (hoofdcategorie?)

(a)  

41.

Noteer de woordsoort van het onderlijnde woord. Gebruik hiervoor de, volledig correcte, afkorting. (Let dus op details.)


Maar alles wat ik wil, lijkt zo ver weg. (onderverdeling?)

(a)