wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Woordenschat Blok 8 Taal in Beeld

Total questions: 15

Worksheet time: 7mins

Name
Class
Date
1.

Iets ergens overheen gooien noem je:

a)

takelen

b)

insmeren

c)

slijpen

d)

bedelven

2.

Wat is een kiezel?

a)

Een glad steentje

b)

Een ruw steentje

c)

Een grote steen

d)

Iets waar je op kunt kauwen

3.

Wat kun je slijpen?


Meerdere antwoorden zijn goed.

a)

een potlood

b)

een mes

c)

een theedoek

d)

een diamant

4.

Waar hebben vonken mee te maken?

a)

de mummie

b)

de speer

c)

het masker

d)

de vuursteen

5.

Een archeoloog is:

a)

iemand die veel over de ruimte weet

b)

iemand die veel weet over heel vroeger

c)

iemand die veel weet over boten

d)

iemand die dingen uitvindt

6.

Wat is waar over de Farao?


Kies de 2 goede antwoorden.

a)

de farao was altijd heel oud

b)

de farao was een koning in het oude Egypte

c)

de farao werd begraven met schatten

d)

de farao was niet de baas

7.

Wat is de goede volgorde om van een dode een mummie te maken (mummificeren)?

a)

begraven - insmeren - inwikkelen

b)

inwikkelen - insmeren - begraven

c)

insmeren - begraven - inwikkelen

d)

insmeren - inwikkelen - begraven

8.

Wat is GEEN gereedschap

a)

een container

b)

een speer

c)

een vuursteen

d)

een beitel

9.

Wat heeft een langwerpige vorm?


Kies de twee goede antwoorden.

a)

een bal

b)

een bed

c)

een dobbelsteen

d)

een speer

10.

Als iemand sprakeloos is betekent het dat:

a)

hij heel veel praat

b)

hij stom is

c)

hij van verbazing even niks kan zeggen

d)

hij nooit iets kan zeggen

11.

Stroom uit het stopcontact om apparaten te laten werken noem je:

a)

energie

b)

uitlaatgassen

c)

brandstof

d)

elektriciteit

12.

Welk woord past er op de puntjes in deze zin:


De rook van die fabriek zorgt voor de ...........

a)

luchtvervuiling

b)

uitlaatgassen

c)

elektriciteit

d)

brandstof

13.

Het water, de grond en de lucht om ons heen noem je:

a)

het kanaal

b)

de zuurstof

c)

het land

d)

het milieu

14.

Wat zijn brandstoffen?


Meerdere antwoorden zijn goed.

a)

Hout

b)

Benzine

c)

Voedsel

d)

Gas

15.

Met een hijskraan wordt de .......... op het schip gezet


Welk woord hoort er op de puntjes?

a)

juf

b)

benzinemotor

c)

container

d)

kiezel