wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Ken je klasgenoten

Total questions: 20

Worksheet time: 3mins

Name
Class
Date
1.

Jouw klasgenoot is jarig en mag kiezen wat we eten. Wat kiest hij/zij?

a)

Spaghetti

b)

Frietjes

c)

Pizza

d)

Kebap

2.

Jouw klasgenoot mag een kleur kiezen. Welke kleur kiest hij/zij?

a)

Blauw

b)

Geel

c)

Rood

d)

Groen

3.

Jouw klasgenoot mag kiezen welke muziek we gaan luisteren. Welke zanger/zangeres kiest hij/zij?

a)

Ariana Grande

b)

Billie Eilish

c)

Regi

d)

Clouseau

4.

Jouw klasgenoot krijgt de zapper van de tv. Welk programma zet hij/zij op?

a)

De mol

b)

Familie

c)

Down the road

d)

Een actiefilm

5.

Jouw klasgenoot krijgt een huisdier. Welk dier kiest hij/zij?

a)

Hond

b)

Paard

c)

Kat

d)

Konijn

6.

Jouw klasgenoot mag een gezelschapsspelletje kiezen. Welk spel kiest hij/zij?

a)

Cluedo

b)

Monopoly

c)

Jungle Speed

d)

4 op een rij

7.

Jouw klasgenoot mag een balsport kiezen. Welke sport kiest hij/zij?

a)

Voetbal

b)

Basketbal

c)

Volleybal

d)

Handbal

8.

Jouw klasgenoot verveelt zich thuis. Wat gaat hij/zij doen?

a)

Gamen

b)

Buiten spelen

c)

Knutselen

d)

Met vriend/vriendin op de GSM

9.

Jouw klasgenoot moet terug naar school. Rond welk uur gaat hij/zij slapen?

a)

20 uur

b)

21 uur

c)

22 uur

d)

later dan 22 uur

10.

Jouw klasgenoot krijgt maar één (kleine) schoolvakantie. Welke kiest hij/zij?

a)

Kerstvakantie

b)

Krokusvakantie

c)

Paasvakantie

d)

Herfstvakantie

11.

Jouw klasgenoot is jarig en mag een cadeau kiezen. Wat kiest hij/zij?

a)

Geld

b)

Computerspelletje

c)

Kledij

d)

Op kamp met de jeugdbeweging

12.

Jouw klasgenoot is zijn/haar drinken vergeten. Wat haalt hij/zij uit de automaat op school?

a)

Water

b)

Frisdrank

c)

Fruitsap

d)

Choco

13.

Jouw klasgenoot speelt mee met de Lotto. Op welk getal zet hij/zij in?

a)

6

b)

13

c)

21

d)

33

14.

Jouw klasgenoot krijgt kledij voor carnaval. Wat kiest hij/zij?

a)

Piraat

b)

Leeuw

c)

Dracula

d)

Prins/Prinses

15.

Jouw klasgenoot heeft geen schoenen meer. Wat koopt hij/zij als eerste?

a)

Sneakers

b)

Sportschoenen

c)

Hoge schoen

d)

Gewone schoen

16.

Jouw klasgenoot moet een vak kiezen waarover hij/zij de hele dag les krijgt. Welk vak kiest hij/zij?

a)

Nederlands en wiskunde

b)

Plastische Opvoeding

c)

Muzikale Opvoeding

d)

Lichamelijke Opvoeding

17.

Jouw klasgenoot kan voor één dag een dier zijn. Welk dier zou hij/zij willen zijn

a)

Tijger

b)

Olifant

c)

Arend

d)

Dolfijn

18.

Jouw klasgenoot mag de reisbestemming van dit jaar kiezen. Waar gaat hij/zij naartoe?

a)

Italië

b)

China

c)

Spanje

d)

Hier in België

19.

Jouw klasgenoot krijgt straf en moet thuis klusjes doen. Welk klusje kiest hij/zij?

a)

Afwassen

b)

Koken

c)

Poetsen

d)

Gras maaien

20.

Jouw klasgenoot koopt een cadeautje voor moederdag. Wat zou hij kopen?

a)

Bloemen

b)

Kledij

c)

Schmink

d)

Een boek