wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

NT2 Contact! Nieuw 1 Herhaling H10

Total questions: 27

Worksheet time: 23mins

Name
Class
Date
1.

Om van de 2e naar de 3e verdieping te gaan, ga je naar ...en andersom naar ...

a)

onder - omhoog

b)

beneden - boven

c)

onder - boven

d)

beneden - omhoog

2.

de boeken (a)   in zijn tas.

3.

hoe noem je een armband van zilver? een (a)  

4.

... de tuin heen staat een ...(van ijzer) hek.

a)

om - ijzeren

b)

rond - ijzeren

c)

om - ijzer

d)

rond - ijzer

5.

Er loopt een paadje ...het huis heen.

= Er loopt een paadje ...het huis.

a)

rond - om

b)

over - om

c)

om - rond

d)

tegen - rond

6.

Wat is de grootte van de kamer (oppervlakte)?

3 meter lang en 5 meter (a)  

7.

waarmee strijk je je overhemden glad? je strijkt met een .... op een .... (alleen een spatie tussen de 2 woorden)

(a)  

8.

Hoe noem je een jas van katoen? een ...

(a)  

9.

Maak een hele zin en gebruik ER:

zijn - een slaapkamer - begane grond

(a)  

10.

Wat draag je ...je colbertjasje, een overhemd of een t-shirt?

(a)  

11.

Zijn sloffen staan ...het bed ...de grond.

(doe tussen de woorden alleen een spatie)

(a)  

12.

Hoe noem je een schaal van glas? een ...

(a)  

13.

Er staat een plant op de sidetable maar verder weg op de foto staat er ook een plant...de tafel ...de hoek ...de achterkant van de slaapkamer. (zet alleen een spatie tussen de woorden)

(a)  

14.

Maak een zin en gebruik ER:

Zijn - iemand - kunnen -helpen?

*Tip:

iemand = enkelvoud + de-woord

(a)  

15.

...de rechterkant van het huis is een grote uitbouw.

(a)  

16.

Waar is een krant van gemaakt?

Een krant is gemaakt van ...(materiaal)

Het is een (a)   krant.

(zet alleen een spatie tussen de 2 woorden)

17.

De spiegel ...in de woonkamer...de muur

(zet alleen een spatie tussen de woorden)

(a)  

18.

De boeken ...in de boekenkast.

(a)  

19.

De taart wordt verdeeld ...8 mensen.

(a)  

20.

Het boek bestaat ...12 hoofdstukken

(a)  

21.

Maak een zin en gebruik ER:

2 mensen - zitten - wachtkamer

(a)  

22.

Hoe ...is de huur? €500 per maand.

(a)  

23.

Maak een zin en gebruik ER:

Zijn - nog plaats?

(a)  

24.

Onze tuin ligt ...het oosten, dus we hebben in de ochtend zon. (alleen een spatie tussen de 2 woorden)

(a)  

25.

Hoe noem je een fles van plastic? een...

(a)  

26.

Onze tuin is super (a)   ! Hij loopt heel ver door naar achter.

27.

Nederland ligt ...westen van Duitsland.

Den Haag ligt ...het westen van Nederland.

Ons huis ligt ....het westen van Den Haag.

Onze tuin ligt ...het westen.

a)

aan - ten - in - aan

b)

over - in - aan - op

c)

ten - in - in - op

d)

tegen - aan - op - aan