wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Chemie in de cellen

Total questions: 20

Worksheet time: 12mins

Name
Class
Date
1.
Welke 2 stoffen komen altijd vrij bij de verbranding van een kaars?
a)
zuurstof en water 
b)
kaarsvet en koolstofdioxide
c)
water en koolstofdioxide
d)
water en zuurstof 
water en kaarsvet
2.

Ontstaat koolstofdioxide bij fotosynthese?

a)

Ja

b)

Nee

3.

Bij verbranding in een lichaamscel ontstaat:

water + (a)   + energie

4.

Hoe groter de inspanning hoe ... verbranding er plaatsvindt.

a)

minder

b)

meer

5.
Dit organisme doet...
a)
Verbranding
b)
Fotosynthese
c)
Verbranding EN fotosynthese
d)
Niks
6.
Zetmeel van glucose maken noemen we...
a)
Onsimilatie
b)
Dissimilatie
c)
Assimilatie
d)
Stimulatie
7.
glucose+zuurstof --> koolstofdioxide+water+energie
Welk stofwisselingsproces staat hier?
a)
Assimilatie
b)
Fotosynthese
c)
Dissimilatie
d)
Verbranding
8.
glucose+zuurstof --> koolstofdioxide+water+energie
Waarvoor gebruik JIJ die energie NIET in je lichaam?
a)
Licht
b)
Warmte
c)
Nadenken
d)
Beweging
9.
Vet is een anorganische stof
a)
Juist
b)
Onjuist
10.

In jou zit(ten)...

a)

Organische EN anorganische stoffen

b)

Organische stoffen

c)

Anorganische stoffen

11.

Vertering is een voorbeeld van stofwisseling

a)

juist

b)

onjuist

12.

Enzymwerking is een voorbeeld van stofwisseling

a)

Juist

b)

Onjuist

13.
Fotosynthese is het omzetten van koolstofdioxide + water+ licht naar zuurstof + glucose
a)
Juist
b)
Onjuist
14.
Vindt er fotosynthese plaats in de rode bloem van een plant?
a)
Ja
b)
Nee
15.
Welke organische verbinding kan de dissimilatie van glucose opleveren?
a)
CO2
b)
H2O
c)
glycogeen
d)
ATP
16.

Wat is dissimilatie?

a)

Het afbreken van organische stoffen naar anorganische stoffen

b)

Het afbreken van anorganische stoffen naar organische stoffen

c)

Het opbouwen van organische stoffen naar anorganische stoffen

d)

Het opbouwen van anorganische stoffen naar organische stoffen

17.

Welke vorm van dissimilatie is MET zuurstof?

a)

Aerobe dissimilatie

b)

Anaerobe dissimilatie

18.

Welk van onderstaande stoffen kunnen als brandstof dienen? Er zijn meerdere antwoorden mogelijk.

a)

Koolhydraten

b)

Eiwitten

c)

Vetten

d)

Mineralen

e)

Vitaminen

19.

Welke twee producten ontstaan er bij de afbraak van glucose in het mitochondrium?

a)

CO2 en H2O

b)

O2 en H2O

c)

O2 en CO2

20.

Planten

a)

doen overdag aan fotosynthese en ’s nachts aan aerobe celademhaling

b)

doen altijd aan aerobe celademhaling

c)

doen overdag aan fotosynthese en nooit aan aerobe celademhaling

d)

doen altijd aan aerobe celademhaling en aan fotosynthese