wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

vwo 4 Arm en Rijk H1 en §2.1

Total questions: 30

Worksheet time: 20mins

Name
Class
Date
1.

Welke bewering over de geografische ligging van Ethiopië klopt niet?

a)

Ethopië ligt ten zuiden van de evenaar

b)

Ethiopië ligt in het oosten van Afrika

c)

Ethiopië ligt tussen de Kreeftskeerkring en de evenaar

d)

Ethiopië grenst onder andere aan Kenia en Somalië

2.

Waardoor groeit de bevolking van Ethiopië snel?

a)

Veel sociale bevolkingsgroei, veel natuurlijke bevolkingsgroei

b)

Veel sociale bevolkingsgroei, weinig natuurlijke bevolkingsgroei

c)

Veel natuurlijke bevolkingsgroei, weinig sociale bevolkingsgroei

d)

Weinig natuurlijke bevolkingsgroei, weinig sociale bevolkingsgroei

3.

Het sterftecijfer in Ethiopië was in 2015 8,2 en in Nederland was dit 8,7. Dit lijkt een klein verschil. Wat is er wel opmerkelijk aan het sterftecijfer van Ethiopië?

a)

Mensen in Ethiopië worden vergeleken met mensen in Nederland ouder

b)

Mensen in Ethiopië krijgen vroeger kinderen vergeleken met mensen in Nederland

c)

In Ethiopië is er een extreem hoge kindersterfte

d)

Het sterftecijfer ligt in Ethiopië lager omdat de meeste mensen op het platteland wonen

4.

Stelling 1: De urbanisatiegraad van Ethiopië ligt hoger dan die van Nederland.

Stelling 2: Het urbanisatietempo van Ethiopië ligt hoger dan dat van Nederland

a)

Stelling 1 en 2 zijn onjuist

b)

Stelling 1 en 2 zijn juist

c)

Stelling 1 is onjuist en Stelling 2 is juist

d)

Stelling 1 is juist en Stelling 2 is onjuist

5.

Verklaar de hogere bevolkingsdichtheid in het midden van Ethiopië vanuit de fysisch-geografische dimensie

a)

Daar liggen de grote steden

b)

Daar is de hoogste natuurlijke bevolkingsgroei

c)

Daar valt de meeste neerslag

d)

Daar wordt het meeste geld verdiend

6.

Welke bewering over het bovenstaande figuur klopt NIET

a)

In de bovenstaande figuur is te zien dat de bevolking absoluut gezien groeit

b)

In de bovenstaande figuur is te zien dat de urbane bevolking relatief groeit

c)

In de bovenstaande figuur is te zien dat in 2016 er relatief meer mensen zijn die op het platteland wonen

d)

In de bovenstaande figuur is te zien at er in 2016 relatief meer mensen in de stad wonen dan op het platteland

7.

In de afbeelding zie je de leeftijdsopbouw van ........

a)

Nederland

b)

Ethiopië

8.

Welke beweringen over Ethiopië kloppen NIET?

a)

4 op de 5 Ethiopiërs leven onder de armoedegrens

b)

De provincies van Ethiopië kennen weinig autonomie

c)

Ethiopië was vroeger een kolonie van het Verenigd Koninkrijk

d)

Ethiopië heeft in de laatste paar decennia onder andere conflicten gehad met Eritrea en Somalië

9.

Welke beweringen over Ethiopië kloppen?

a)

Er is een grote middenklasse in Ethiopië

b)

De productiviteit in de landbouw van Ethiopië is hoog

c)

Er is een grote lagere klasse in Ethiopië

d)

Er is een kleine hogere maatschappelijke klasse

10.

In het ........ van Ethiopië valt de meeste neerslag

a)

westen

b)

oosten

c)

noorden

d)

zuiden

11.

In het regenseizoen ontstaat neerslag door een .......

a)

hogedrukgebied met dalende lucht

b)

hogedrukgebied met stijgende lucht

c)

lagedrukgebied met dalende lucht

d)

lagedrukgebied met stijgende lucht

12.

Verschillen in de verdeling van neerslag tussen verschillende gebieden in Ethiopië ontstaan vooral door verschillen in ........

a)

landschap

b)

verstening

c)

bodemgebruik

d)

reliëf

13.

Welke producten exporteert Ethiopië?

a)

koffie, druiven, uien en knoflook

b)

koffie, chocolade en simpele elektronica

c)

koffie, rijst en landbouwmachines

d)

koffie, qat, goud, oliehoudende zaden

14.

Een verhoogde neerslagvariabiliteit levert vooral problemen op voor de ...........

a)

intensieve veeteelt

b)

akkerbouw

c)

tuinbouw

d)

extensieve veeteelt

15.

Wanneer men niet genoeg gezonde voeding en vitamines binnenkrijgt kun je spreken van (a)  

16.

Welke voedingsgewassen worden wereldwijd het meest verhandeld en waarom?

a)

cacao en quinoa omdat deze grondstoffen een hoge prijs per kilo opbrengen

b)

tarwe en mais omdat deze niet overal kunnen worden geteeld

c)

koffie en rijst omdat deze niet overal kunnen worden geteeld

d)

tarwe en mais om de goede houdbaarheid

17.

Ethiopië kent een gebrekkige binnenlandse infrastructuur. Bij welke voorwaarde uit de transporttheorie van Ullmann hoort dit?

a)

complementariteit

b)

variabiliteit

c)

transporteerbaarheid

d)

tussenliggende mogelijkheden

18.

Wat houdt het begrip 'nuttige neerslag' in?

a)

gevallen neerslag - verdamping

b)

gevallen neerslag + verdamping

c)

gemiddelde neerslag per vierkante meter

d)

gemiddelde neerslag wat terecht komt op landbouwgrond

19.

Opvang van aidswezen in Ethiopië is een vorm van ........

a)

noodhulp

b)

projecthulp

c)

voedselhulp

d)

samenwerkingshulp

20.

Welke uitwisseling tussen de hydrosfeer en de atmosfeer vindt plaats in bovenstaande figuur?

a)

Het condenseren van water in gasvormige toestand

b)

Het afstromen van oppervlakte- en grondwater

c)

Evapotranspiratie 

d)

Het verdampen van zeewater

21.

Welk begrip past het best bij bovenstaande figuur

a)

afstroming

b)

waterkringloop

c)

klimaatverandering

d)

stralingsbalans

22.

In Nederland komt het grootste gedeelte van het drinkwater uit ........

a)

het grondwater

b)

gereinigd rioolwater

c)

het oppervlakte water

d)

het duinwater

23.

De droogte-index geeft de verhouding aan tussen .......

a)

het verbruikte landbouwwater en het beschikbare landbouwwater

b)

het voorkomen van vegetatie en het watergebruik

c)

beschikbaar drinkwater en verbruikt drinkwater

d)

de neerslag en de verdamping

24.

Geef het juiste begrip bij de volgende definitie: 'leefeenheid rondom een of meer kerngezinnen op basis van familierelaties'

(a)  

25.

Geef het juiste begrip bij de volgende definitie: 'Sterke stijging van de landbouwproductie door de toepassing van hybride graanvariëteiten.'

(a)  

26.

Geef het juiste begrip bij de volgende definitie: 'Hulp om te kunnen overleven bij onvoorziene hongersnood of een andere ramp.'

(a)  

27.

Geef het juiste begrip bij de volgende definitie: 'het op de markt brengen van goederen beneden de kostprijs'

(a)  

28.

Geef het juiste begrip bij de volgende definitie: 'Ondergrondse waterhoudende grondlaag, die ten minste aan de onderzijde is afgesloten door een ondoordringbare laag.'

(a)  

29.

Geef het juiste begrip bij de volgende definitie: 'De verdeling (distributie) van voedsel over de bevolking.'

(a)  

30.

Geef het juiste begrip bij de volgende definitie: 'onenigheid over het bezit en/of bestuur van een gebied tussen twee of meer staten.'

(a)