wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Jongeren par 4 en 5

Total questions: 14

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.

Met identificatie bedoelen we:

a)

je ID kaart

b)

Je thuis voelen in een groep

c)

Dat je kenmerken van jezelf herkent bij een ander

d)

De plaats waar je woont

2.

Als jij je heel erg thuis voelt tussen de supporters van jouw voetbalclub is er sprake van:

a)

Indenticatie

b)

Groepsdruk

c)

Dezelfde belangen of problemen

d)

Groepsindentificatie

3.

Een groepsgevoel kan ontstaan op basis van een aantal dingen. Bekijk de afbeelding. Op basis waarvan is hier een groepsgevoel ontstaan?

a)

Plaats waar je woont

b)

Geloof

c)

Belangen of problemen

d)

Dezelfde smaak of interesses.

4.

Een groepsgevoel kan ontstaan op basis van een aantal dingen. Bekijk de afbeelding. Op basis waarvan is hier een groepsgevoel ontstaan?

a)

Plaats waar je woont

b)

Geloof

c)

Belangen of problemen

d)

Dezelfde smaak of interesses.

5.

Een groepsgevoel kan ontstaan op basis van een aantal dingen. Bekijk de afbeelding. Op basis waarvan is hier een groepsgevoel ontstaan?

a)

Plaats waar je woont

b)

Geloof

c)

Belangen of problemen

d)

Dezelfde smaak of interesses.

6.

Een groepsgevoel kan ontstaan op basis van een aantal dingen. Bekijk de afbeelding. Op basis waarvan is hier een groepsgevoel ontstaan?

a)

Plaats waar je woont

b)

Geloof

c)

Belangen of problemen

d)

Dezelfde smaak of interesses.

7.

Met welvaart bedoelen we de gemiddelde ....... van het ..... in een land. Welke woorden zijn weggelaten

(a)  

8.

Een jongeren cultuur is een groep jongeren met dezelfde ...

(a)  

9.

Je krijgt autorijles. Welke binding heb je met de rij-instructeur?

a)

Gevoelsbinding

b)

Kennisbinding

c)

Politieke binding

d)

Economische binding

10.

Welke binding zie je hier?

a)

Gevoelsbinding

b)

Kennisbinding

c)

Politieke binding

d)

Economische binding

11.

Welke binding zie je hier?

a)

Gevoelsbinding

b)

Kennisbinding

c)

Politieke binding

d)

Economische binding

12.

Welke bindingen heb je met je ouders?

a)

Gevoelsbinding

b)

Kennisbinding

c)

Politieke binding

d)

Economische binding

13.

welk begrip past bij voetbalrellen?

a)

groepsdruk

b)

sociale cohesie

c)

polarisatie

d)

groepsgevoel

14.

welk begrip past bij deze foto?

a)

groepsdruk

b)

sociale cohesie

c)

polarisatie

d)

groepsgevoel