wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Politiek

Total questions: 13

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.

Wat zijn ambtenaren?

a)

De tweede Kamerleden

b)

De eerste Kamerleden

c)

Personen die voor de overheid werken

d)

Docenten

2.

De overheid =

a)

Het parlement

b)

Politici en alle ambtenaren samen

c)

Alle ambtenaren

d)

De tweede kamer

3.

Nederland is een:

a)

Directe democratie

b)

Indirecte democratie

c)

Dictatuur

d)

Anarchie

4.

... noemen we het recht om te mogen stemmen

(a)  

5.

VVD is een

a)

Rechtse politieke partij

b)

Linkse politieke partij

c)

Een midden partij

6.

(a)   is het kernwoord van een linkse politieke partij

7.

Wat past bij een passieve overheid?

a)

Een overheid die zich actief inzet voor de burgers

b)

De burgers moeten zoveel mogelijk voor zichzelf zorgen

c)

Een overheid waarin je je verkiesbaar mag stellen

8.

Onze minister-president is

a)

Mark Rutte

b)

Jesse Klaver

c)

Geert Wilders

d)

Susanne van der Weel

9.

Liberalisme hoort bij

a)

Politiek links

b)

Politiek rechts

c)

Politiek midden

d)

Nergens bij

10.

Naastenliefde is een belangrijke waarde voor

a)

Sociaal- Democratie

b)

Christen- Democratie

c)

Liberalisme

d)

Geen van bovenstaande

11.

Wat is een populistische partij?

a)

Een partij die zegt dat hij de wil van het volk kent en voor hen opkomt

b)

Een partij die de meeste stemmen heeft

c)

Een populaire partij

d)

Een partij die het meest aan het woord komt

12.

Kabinet =

a)

Alle ministers en staatssecretarissen

b)

Alle ministers en de koning

c)

Alle ministers, tweede Kamerleden en de koning

d)

Alle leden van de Eerste en Tweede kamer

13.

Het recht van amendement is

a)

Wetsvoorstellen goedkeuren of afkeuren

b)

Zelf een wetsvoorstel maken

c)

Een deel van een wetsvoorstel veranderen

d)

Een minister ontslaan