WorksheetsZet het werkwoord in de juiste vorm
Total questions: 20
Worksheet time: 10mins
Zet het werkwoord in de juiste vorm in tt
Hij … [lopen] naar zijn werk.
loop
loopt
lopen
liepte
Zet het werkwoord in de tt en in de juiste vorm:
Megan ... [vinden] het jurkje niet mooi.
vinden
vond
vind
vindt
juiste vorm én tt:
Eppo en ik … [durven] niet langs die hond.
durven
durvten
durf
durfde
juiste vorm en tt:
Hoe … [komen] je nu verder?
komen
kom
komt
mok
juiste vorm én tt:
Joeri … [ontkennen] dat hij verdrietig is.
ontkende
ontken
ontkend
ontkent
juiste vorm én tt:
Faga en Ruwis … [zijn] vandaag niet op school.
zijn
waren
zongen
is
juiste vorm en tt:
Op zondag …[mogen] de dobbelsteen niet rollen.
mogen
mocht
mochten
mag
juiste vorm en tt:
Kippensoep … [hebben] ik nog nooit gemaakt.
hebben
heeft
heb
hebt
juiste vorm en tt:
… [gaan] jij nog naar school?
gaan
gaat
ging
ga
juiste vorm en tt:
Op een dag …[zitten] ik in mijn mooie nieuwe tuin.
zit
zitt
zitte
zitten
NU VERLEDEN TIJD!!
Ik … [antwoorden] niet op die vraag.
antwoordden
antwoordde
antwoordt
antwoord
juiste vorm en vt:
Hij … [branden] zijn vingers aan die pan.
brande
branden
brandden
brandde
juiste vorm en vt:
Hij en ik … [zijn] geen vrienden.
zijn
was
waren
wezen
juiste vorm en vt:
De dokter …[vertellen] me goed nieuws.
vertelt
vertelden
vertldlde
vertelde
juiste vorm en vt:
Groningen …[zijn] vroeger een grote stad.
was
is
waren
zijn
juiste vorm en vt:
Ik …[denken] niet meer aan jou.
denk
denkt
dacht
dachten
juiste vorm en vt:
Het pand …[liggen] in een stille straat.
liggen
lagen
ligt
lag
juiste vorm en vt:
Joris …[bidden] voor het eten.
bidde
bad
bood
bidt
juiste vorm en vt:
Jochem en ik …[hebben] spijt.
hebben
had
hadden
haden
juiste vorm en vt:
De spits …[lobben] de bal over het doel.
lobt
lob
lobde
lobte
