wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Woordenschat Hoofdstuk 1 Nieuw Nederlands VMBO KGT/1

Total questions: 10

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

Wat betekent het woord precies?

a)

Bijna

b)

Ongeveer

c)

Exact

d)

In de buurt

2.

Is de bewering waar of niet waar?

Synoniemen zijn woorden die hetzelfde of bijna hetzelfde betekenen.

(a)  

3.

Wat betekent het woord relatie?

a)

Verband

b)

Geluk

c)

Slim

d)

Gemakkelijk te beïnvloeden

4.

Wat betekent het woord vatbaar?

a)

Precies

b)

Zeker

c)

Afwezig

d)

Makkelijk te beïnvloeden

5.

De politie zoekt nog naar de […] van de brand die de schaapskooi verwoestte.

Welk woord hoort op de […]?

a)

Imiteren

b)

Emoties

c)

Absent

d)

Oorzaak

e)

Vorming

6.

‘Waarom was jij gisteren […]?’, vroeg de mentor aan Nick.

Welk woord hoort op de […]?

a)

Absent

b)

Emoties

c)

Imiteren

d)

Oorzaak

e)

Vorming

7.

Mijn kleine zusje wil mijn dansjes […], maar ze kan er niets van.

Welk woord hoort op de […]?

a)

Absent

b)

Emoties

c)

Imiteren

d)

Oorzaak

e)

Vorming

8.

Het Nederlands elftal heeft dit weekend een topprestatie

Welk woord past het best in de zin?

a)

Geleverd

b)

Gevormd

c)

Toegenomen

d)

Gecreëerd

9.

Jij bent [dringend|intelligent|ongetwijfeld] de leukste thuis!

Welk woord past het beste in de zin?

a)

Dringend

b)

Intelligent

c)

Ongetwijfeld

10.

Noteer het synoniem van het onderstreepte woord.

10 In Nederland zijn katten populaire huisdieren. In één op de vier huizen wonen deze geliefde dieren. Het antwoord staat in de zin.

(a)