wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Kader 4 - H8

Total questions: 19

Worksheet time: 41mins

Name
Class
Date
1.

In welk gedeelte van het hart is de wand het dikst?

a)

rechterboezem

b)

linkerboezem

c)

rechterkamer

d)

linkerkamer

2.
Wat is JUIST als het om slagaders gaat?
a)
Er stroomt altijd zuurstofrijk bloed door.
b)
Bloed stroomt altijd van het hart af.
c)
Bloed is altijd helderrood dat hier doorheen stroomt.
d)
Je hebt er maar 4 van in je lichaam.
3.

Welk type bloedvat kenmerkt zich door het hebben van kleppen?

a)

Kransslagaders

b)

Haarvaten

c)

Slagaders

d)

Aders

4.
In welk bloedvat veranderd het gehalte glucose voortdurend? 
a)
In de poortader.
b)
In de leverslagader.
c)
In de aorta.
d)
In de maagslagader.
5.
Welke bloeddeeltjes functioneren niet goed meer als iemand snel moe is en kortademig? 
a)
Witte bloedcellen.
b)
Rode bloedcellen.
c)
Bloedplaatjes.
d)
Het bloedplasma.
6.

Wat is GEEN functie van een lymfeknoop?

a)

Het maken van witte bloedcellen.

b)

Het maken van rode bloedcellen.

c)

Zorgen voor de afvoer van lymfe.

7.
In welk bloedvat is de stroomsnelheid het hoogst?
a)
Slagaders
b)
Haarvaten
c)
Aders
d)
Kransslagaders
8.

Enkele stoffen die in weefselvloeistof voorkomen zijn glucose, koolstofdioxide en zuurstof. Welk van deze stoffen worden door weefselvloeistof naar de cellen toe gevoerd?

a)

Alleen glucose en zuurstof

b)

Alleen koolstofdioxide

c)

Alleen glucose, koolstofdioxide

d)

Glucose, zuurstof en koolstofdioxide

9.
Bij welk type bloedvaten kunnen witte bloedcellen door de wand heen?
a)
Slagaders
b)
Aders
c)
Haarvaten
d)
Poortader
10.

Weefselvocht wordt voor een deel uit de weefsels afgevoerd via de lymfevaten.

Zodra de vloeistof zich in de lymfevaten bevindt, wordt die niet meer weefselvocht genoemd.


Wat is de naam van de vloeistof in deze vaten?



(a)  

11.

Verteerde vetten worden met de lymfe vanuit de dunne darm afgevoerd. Bevat lymfe rode bloedcellen? En bevat lymfe witte bloedcellen?

a)

Alleen rode bloedcellen

b)

Alleen witte bloedcellen

c)

Zowel rode als witte bloedcellen

12.

Welke stof maakt je lever aan?

(a)  

13.

Je lever kan vitamines opslaan. Wat slaat je lever nog meer op?

(a)  

14.

Er gaat twee bloedvaten naar de lever toe. Welk bloedvat is zuurstofarm, maar voedingsstofrijk?

(a)  

15.

Wat wordt via je huid uitgescheden?

a)

Zouten

b)

Koolstofdioxide

c)

Alcohol

d)

Water

16.
Hoe heet onderdeel 1
a)
Linkerboezem
b)
Llinkerkamer
c)
Rechterboezem
d)
Rechterkamer
17.

Hoe noemen we deze kleppen?

a)

hartkleppen

b)

halvemaanvormige kleppen

18.
Welk nummer geeft de poortader aan?
a)
6
b)
7
c)
16
d)
15
19.
Met welke nummer word de longslagader aangeven?
a)
2
b)
4
c)
5
d)
6