wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

4H Genetica

Total questions: 10

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.

Hoe was je vakantie? En hoe beviel de eerste online lesdag?

4 lines
2.

Een zaadcel met in de kern een geslachtchomosoom X versmelt met een eicel. Ontstaat er een jongen of een meisje?

a)

jongen

b)

meisje

c)

kan allebei

d)

is niet te zeggen

3.

Men kruist een bruingele cavia met een witte. In de F2 krijgt men 134 bruingele, 265 lichtgele en 137 witte dieren.

Waarvan is hier sprake?

a)

X-chromosomale overerving

b)

dihybride kruising

c)

intermediair fenotype

d)

multipele allelen

4.

Een genotype met twee dezelfde allelen noemen we ook wel

a)

monohybride

b)

dihybride

c)

homozygoot

d)

heterozygoot

5.

Is de persoon van de karyogram een jongen of een meisje?

a)

jongen

b)

meisje

c)

is niet te zeggen uit deze gegevens

d)

allebei

6.

Kleurenblindheid is een recessieve, X-chromosomale eigenschap. Een vrouw die heterozygoot is voor kleurenblindheid krijgt een dochter van een man die kleurenblind is.

Hoe groot is de kans dat deze dochter kleurenblind is?

a)

25%

b)

50%

c)

75%

d)

100%

7.

Hier zie je drie stambomen.

Welke van deze stambomen kan de overerving van de oogkleur (bruin is dominant over blauw) niet juist weergeven?

a)

Alleen 1

b)

Alleen 2

c)

Alleen 3

8.

Tt is het genotype voor een bepaalde eigenschap. Hoe noemen we iemand met dit genotype?

a)

Homozygoot dominant

b)

Homozygoot recessive

c)

Heterozygoot

d)

Heterozygoot dominant

9.

Hoe groot is de kans dat een man en een vrouw die beide bloedgroep AB hebben een kind met bloedgroep AB krijgen?

a)

25%

b)

50%

c)

75%

d)

100%

10.

Wat is gekoppelde overerving?

a)

wanneer je naar twee genen op twee verschillende chromosomen kijkt

b)

wanneer je naar twee genen die naast elkaar liggen kijkt

c)

wanneer je naar twee genen voor dezelfde eigenschap kijkt

d)

wanneer je naar twee genen op hetzelfde chromosoom kijkt