WorksheetsWis2, M06, D35-D36
Total questions: 12
Worksheet time: 9mins
Name
Class
Date
1.
35a)
a)
y2−41
b)
y2+41
c)
41y2
d)
2y2−1
2.
35b)
(schrijf een exponent als een getal onmiddellijk na een letter, b.v. 'x tot de derde macht' is 'x3')
(a)
3.
35c)
(schrijf een exponent als een getal onmiddellijk na een letter, b.v. 'x tot de derde macht' is 'x3')
(a)
4.
35d)
(schrijf een exponent als een getal onmiddellijk na een letter, b.v. 'x tot de derde macht' is 'x3')
(a)
5.
35e)
(schrijf een exponent als een getal onmiddellijk na een letter, b.v. 'x tot de derde macht' is 'x3')
(a)
6.
35f)
a)
41−94a2
b)
94a2−41
c)
−41+94a2
d)
41−92a2
7.
36a)
(schrijf een exponent als een getal onmiddellijk na een letter, b.v. 'x tot de derde macht' is 'x3')
(a)
8.
36b)
(schrijf een exponent als een getal onmiddellijk na een letter, b.v. 'x tot de derde macht' is 'x3')
(a)
9.
36c)
a)
91b2−49a2
b)
49a2−91b2
c)
91b−49a
d)
31b2−23a2
10.
36d)
(schrijf een exponent als een getal onmiddellijk na een letter, b.v. 'x tot de derde macht' is 'x3')
(a)
11.
36e)
(schrijf een exponent als een getal onmiddellijk na een letter, b.v. 'x tot de derde macht' is 'x3')
(a)
12.
36f)
a)
925−259a2b4
b)
259a2b4−925
c)
259−925a2b4
d)
925a2b4−259
100 %
