Font size
WorksheetsPoëzie 3
Total questions: 45
Worksheet time: 23mins
Wat zijn kenmerken van gedichten? Er zijn meer antwoorden mogelijk.
er is iets bijzonders gedaan met ritme, klank en betekenis
vaak zijn dingen letterlijk bedoeld
de dichter bepaalt de lengte van de regel
de laatste woorden van de regel rijmen altijd op elkaar
Wat is geen bestaand metrum?
dactylus
jambe
trocheus
enjambement
Als je een rijmschema maakt, dan let je alleen op:
beginrijm
eindrijm
klankrijm
assonantie
De onderstreepte woorden vormen:
Als de zon en ook mijn vrienden
zijn verdwenen
struin ik nog buiten rond.
Achter raam na raam na raam
Sluiten gordijnen en gaan lampen aan.
Op straat wordt het snel later
Als elk venster zijn verhaal vertelt
in mijn schaduwstraattheater.
alliteratie
assonantie
binnenrijm
eindrijm
In welke woorden kom je assonantie tegen?
Als de zon en ook mijn vrienden
zijn verdwenen
struin ik nog buiten rond.
Achter raam na raam na raam
Sluiten gordijnen en gaan lampen aan.
Op straat wordt het snel later
Als elk venster zijn verhaal vertelt
in mijn schaduwstraattheater.
struin en buiten
achter en raam
venster en verhaal
verhaal en vertelt
Welk rijmschema zien we hier?
Er was een bij te 's-Gravenhage
die antwoord wist op alle vragen.
Toen men hem moeielijk genoeg
‘Wat was was eer was was was?’ vroeg,
werd hij de winnaar van de quiz
met ‘Eer was was was was was is.’
aa bb cc
ab ba cc
ab ab cc
aa bc cb
Het schema ABBA CDDC is een voorbeeld van:
gepaard rijm
omarmend rijm
gekruist rijm
binnenrijm
Welke stijlfiguur herken je in ieder vers?
Alliteratie
Binnenrijm
Welke stijlfiguur herken je?
Alliteratie
Binnenrijm
Welke stijlfiguur herken je?
Alliteratie
Binnenrijm
Ik ben geboren uit zonnegloren.
alliteratie
binnenrijm
De wind floot door de takken.
vergelijking
metonymie
metafoor
personificatie
Oma heeft haar laatste adem uitgeblazen.
hyperbool
eufemisme
paradox
understatement
Zij lachte zich dood.
hyperbool
eufemisme
climax
paradox
Vanwege een wisselstoring hebben de treinreizigers te maken met extra reistijd.
hyperbool
eufemisme
climax
paradox
Kijk, de zon gaat onder, het meer staat in brand.
vergelijking
metonymie
metafoor
personificatie
Lucebert, de keizer der poëten!
personificatie
metafoor
vergelijking zonder als
vergelijking met van
Hij gaat creatief met de waarheid om.
hyperbool
eufemisme
tautologie
anticlimax
ogen luistert, spraken de oren.
metafoor
metonymie
paradox
personificatie
Ik heb net twee Monets aangeschaft.
personificatie
tautologie
metafoor
metonymie
Pas in de volte van de grote stad voel je de leegheid.
climax
hyperbool
paradox
anticlimax
's Nachts staat er een zilveren sikkel aan de hemel.
metafoor
metonymie
personificatie
tautologie
De nachten zijn daar bitterkoud.
hyperbool
synesthesie
personificatie
metafoor
Rond de Kerst heeft mijn zusje altijd een gat in haar hand.
vergelijking
metafoor
synesthesie
hyperbool
Uren, dagen, maanden, jaren vliegen als een schaduw heen.
paradox
climax
hyperbool
metonymie
Bovendien is ook nog zijn vrouw overleden.
pleonasme
tautologie
antithese/tegenstelling
metonymie
Wij hebben nog nimmer zo'n stilte gehoord
climax
personificatie
paradox
metonymie
Je moet dit niet zo zwart-wit bekijken.
antithese/tegenstelling
herhaling
tautologie
hyperbool
Nieuwe woorden worden ook wel 'neologismen' genoemd.
waar
niet waar
Na de oorlog werd er veel over de oorlog geschreven. Waarom?
Er was niets anders om over te schrijven
Schrijven over de oorlog verkocht goed.
Het was een hulpmiddel om trauma's te verwerken en een manier om het verleden te begrijpen, bewaren en vorm te geven.
De oorlog vormde een nieuwe stroming in de literatuur.
Wie was een bekende auteur van de Dada-beweging?
J.C. Bloem
Hugo Claus
Lucebert
Paul van Ostaijen
Martinus Nijhoff plaatsen we onder:
Romantiek
Surrealisme
Dadaïsme
Geen stroming
Wat wilden de Vijftigers?
De naoorlogse dichtkunst voortzetten.
De naoorlogse dichtkunst vernieuwen.
De naoorlogse dichtkunst vrolijker maken.
De naoorlogse dichtkunst vergelijken met de middeleeuwen.
Welk gedicht hoort bij de stroming Dada?
Hans Andreus werd door de Vijftigers beïnvloed.
waar
niet waar
Ida Gerhardt schreef vormvaste symbolistische gedichten.
waar
niet waar
Cees Buddingh' schreef graag over alledaagse zaken met een luchtige stijl.
waar
niet waar
Bernlef is een vertegenwoordiger van de Tachtigers.
waar
niet waar
Ook een spoorboekje of menukaart kon in het tijdschrift Barbarber voorkomen.
waar
niet waar
Rawie was dichter des Vaderlands.
waar
niet waar
De Vijftigers schreven begrijpelijke poëzie.
waar
niet waar
Een kenmerk van de generatie 1910 is de romantiek.
waar
niet waar
l'art pour l'art betekent dat kunst een belangrijke boodschap moet overbrengen.
waar
niet waar
Anna Enquist laat muziek vaak een grote rol spelen in haar gedichten.
waar
niet waar
In het ik-tijdperk vanaf de jaren zeventig zijn er een paar vaste literaire stromingen.
waar
niet waar
