Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Domein D Economie

Total questions: 7

Worksheet time: 20mins

Name
Class
Date
1.

Producten zijn heterogeen als ...

a)

... de producent een beperkte oplage levert.

b)

... de consument geen onderscheid in kwaliteit kan maken.

c)

... de producent het product in grote oplage levert.

d)

... de consument een voorkeur heeft.

2.

Een markt met veel aanbieders met een onderscheidend product heet een ...

a)

... markt van volkomen concurrentie.

b)

... een markt van monopolistische concurrentie.

c)

... een markt van oligopolie.

d)

... een markt van monopolie

3.

Kies de juiste optie!

a)

Er is een aanbodtekort, want de prijs ligt boven het evenwicht.

b)

Er is een vraagoverschot, want de prijs ligt boven het evenwicht.

c)

Er is een aanbodoverschot, want de prijs ligt boven het evenwicht.

d)

Er is een vraagtekort, want het evenwicht ligt boven de prijs.

4.

Gegeven is de vraaglijn naar chrysanten, zie afbeelding. Bij een marktprijs van € 2,50 bedraagt het totale consumentensurplus...

a)

€ 2.450.000

b)

€ 1.225.000

c)

€ 875.000

d)

€ 612.500

5.

Voor de vraag naar de producten van een producent geldt de

onderstaande vraagvergelijking:

Qv = - 6p + 900

Verder zijn van deze producent de volgende gegevens bekend:

MO = -⅓Q + 150

MK = 30

GTK = 30 + 6.300 / Q

a. Bereken de omvang van de productie waarbij de winst maximaal is.

b. Bereken de prijs waarbij de winst maximaal is.

c. Bereken de maximale winst.

a)

a. 360 b. 90 c. 15300

b)

a. 360 b. 45 c. 19300

c)

a. 180 b. 90 c. 15300

d)

a. 180 b. 45 c. 19300

6.

Bij een prijs van €2,20 per brood verkoopt een bakken 500

broden per dag. De winkelier verwacht dat wanneer hij zijn prijs verhoogt tot

€2,31 de afzet met 2% zal afnemen.

a. Bereken de waarde van de prijselasticiteit van de vraag, als de winkelier gelijk heeft.

In werkelijkheid blijkt de prijselasticiteit van brood -0,6 te bedragen.

b. Hoeveel broden zal hij in werkelijkheid verkopen wanneer hij zijn prijs verhoogt naar € 2,31

c. Is de vraag naar brood prijselastisch of prijsinelastisch?

a)

a. -0.4 b. 485 c. prijselastisch

b)

a. -0.4 b. 300 c. prijselastisch

c)

a. -0.4 b. 485 c. prijsinelastisch

d)

a. 0.4 b. 300 c. prijselastisch

7.

Opgave 5

Een bedrijf produceert tuinstoelen die verkocht worden voor € 27,50 per stuk. De jaarlijkse constante kosten bestaan uit productie- en verkoopkosten. De constante productiekosten bestaan uit het salaris van een vast personeelslid, € 30.000,-, uit interest en afschrijvingen van € 25.000,- en uit huur van € 5.000,-. De constante verkoopkosten vallen uiteen in reclamekosten van € 25.000,- en uit het loon van een verkoper van € 17.000,-. De variabele kosten per tuinstoel bestaan uit € 5,75 grondstoffen en € 9,- arbeidsloon voor oproepkrachten. Het bedrijf kan per jaar maximaal 15.000 tuinstoelen maken.


Bereken de break-evenafzet.

a)

7999

b)

8743

c)

7843

d)

7532