wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

H3 Waarnemen

Total questions: 16

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.

Een zintuig zet prikkels om in ...

a)

een waarneming

b)

andere prikkels

c)

impulsen

d)

zenuwen

2.

Welk van de onderstaande is voor het reukzintuig een prikkel?

a)

Warmte

b)

Parfum

c)

Muziek

d)

Sneeuw

3.

'Zien' is een zintuig. Waar of niet waar?

a)

Waar

b)

Niet waar

4.

Het licht komt in je oog op volgorde door:

a)

Pupil - hoornvlies - lens - glasachtig lichaam - netvlies

b)

Hoornvlies - lens - pupil - glasachtig lichaam - netvlies

c)

Hoornvlies - pupil - lens - glasachtig lichaam - netvlies

d)

Hoornvlies - pupil - lens - netvlies - glasachtig lichaam

5.

Wat wordt aangeduid met het cijfer 1?

a)

De lens

b)

Het trommelvlies

c)

Het harde oogvlies

d)

Het hoornvlies

6.

De lens in het oog van Pietje is bol. Kijkt Pietje nu naar een voorwerp ver weg of dichtbij?

a)

Ver weg

b)

Dichtbij

7.

Waar in je huid zitten tastzintuigcellen?

a)

Alleen in je vingers

b)

In je vingers en voeten

c)

In je bovenlichaam

d)

Alle bovenstaande antwoorden

8.

Welke impulsen worden niet naar de hersenen gestuurd?

Er is maar één antwoord goed!

a)

Impulsen die gemaakt worden bij het ruiken van een sinaasappel

b)

Impulsen die gemaakt worden bij het aanraken van een ovenschaal van 200 graden

c)

Impulsen die gemaakt worden door het zien van vuur

9.

Is deze persoon verziend of bijziend?

a)

Verziend

b)

Bijziend

10.
De blinde vlek:
a)
Bevat geen zintuigcellen.
b)
Is bij blinde mensen groter.
c)
Is bij blinde mensen niet aanwezig.
d)
Bevat minder zintuigcellen.
11.

De zon schijnt op je gezicht op een zonnige dag. Met welke soort zintuig neem je dit waar?

a)

Warmtezintuigen

b)

Lichtzintuigen

c)

Tastzintuigen

d)

Koudezintuigen

12.

De prikkels voor het gehoorzintuig zijn luchttrillingen. In welke volgorde worden de trillingen doorgegeven in het oor?

a)

Gehoorgang - oorschelp - gehoorbeentjes - trommelvlies - slakkenhuis

b)

Oorschelp - trommelvlies - gehoorgang - gehoorbeentjes - slakkenhuis

c)

Oorschelp - gehoorgang - trommelvlies - slakkenhuis - gehoorbeentjes

d)

Oorschelp - gehoorgang - trommelvlies - gehoorbeentjes - slakkenhuis

13.

Wat is de functie van de buis van Eustachius? Er zijn meerdere antwoorden goed.

a)

De luchtdruk bij de hersenen regelen

b)

De luchtdruk aan beide kanten van het trommelvlies gelijk houden

c)

Ervoor zorgen dat er geen ziekteverwekkers in de trommelholte komen

d)

Ervoor zorgen dat er geen ziekteverwekkers in de gehoorgang komen

14.

Wat doen de smaakstoffen?

a)

Berichten sturen naar de hersenen

b)

Smaakzintuigen prikkelen

15.

Bij proeven ontvangen de hersenen informatie van ....

a)

Alleen smaakzintuigen

b)

Alleen het reukzintuig

c)

Alleen van smaakpapillen

d)

Zowel smaakzintuigen als het reukzintuig

16.

Wat behoort niet tot het zenuwstelsel?

a)

Reukzenuw

b)

Hersenen

c)

Gehoorzintuig

d)

Ruggenmerg