wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Ecologie en gedrag 2

Total questions: 26

Worksheet time: 20mins

Name
Class
Date
1.
Geluiden, geuren en kleuren kunnen prikkels zijn die bij dieren leiden tot bepaald gedrag.
Welke van deze prikkels kunnen een rol spelen bij het voortplantingsgedrag van dieren?
a)
Alleen geluiden en geuren
b)
Alleen geluiden en kleuren
c)
alleen geuren en kleuren
d)
zowel kleuren, als geuren en kleuren 
2.
Na het uitkomen van de eieren leren de jonge eendjes dat de kip hun ‘moeder’ is.
Hoe wordt deze vorm van leren genoemd?
a)
Conditionering
b)
Gewenning
c)
Inprenting
d)
Trial and error
3.

Wat is een voorbeeld van een inwendige prikkel?

a)

Warmte in het klaslokaal

b)

Honger

c)

Lichtstralen

d)

Koud water

4.

Wat is gedrag?

a)

Alles wat een organismen doen.

b)

Bewust gedrag van mens en dier.

c)

Alles wat een mens of dier doet.

d)

Onbewust en bewust gedrag van organimen.

5.

Een etholoog doet een gedragsonderzoek. Wat is de juiste volgorde?

a)

Ethogram - Protocol

b)

Observatie - Protocol - Ethogram - Diagram

c)

Observatie - Diagram - Ethogram - Protocol

d)

Observatie - Ethogram - Protocol - Diagram

6.

Hoe noem je de vorm van leren waarbij je een nieuwe strategie bedenkt om tot een oplossing van een probleem te komen?

a)

Inprenting

b)

Gewenning

c)

Inzicht

d)

Imiteren

7.

Een bioloog die diergedrag bestudeert is een

a)

Socioloog

b)

Ecoloog

c)

Etholoog

d)

Psycholoog

8.

Welke opmerking over een supernormale prikkel is juist? Door een supernormale prikkel wordt

a)

De drempelwaarde om een gedrag uit te voeren eerder bereikt

b)

De drempelwaarde om gedrag uit te voeren later bereikt

c)

De drempelwaarde om gedrag uit te voeren verhoogd

d)

De drempelwaarde om gedrag uit te voeren verlaagd

9.

Een lijst met beschrijvingen van handelingen noem je een

a)

Protocol

b)

Tabel

c)

Ethogram

d)

Sociogram

10.

De zuigreflex bij een baby is een voorbeeld van

a)

Aangeboren gedrag

b)

Een reflex

c)

Beide

11.
Spreeuwenjongen die pas uit het ei gekomen zijn, hebben hun ogen nog dicht.
Wanneer een ouder op het nest landt, sperren ze onmiddellijk hun bek open.
Wat is de uitwendige prikkel voor dit gedrag van de spreeuwenjongen?
a)
Honger
b)
Het bewegen van het nest
c)
Het ruiken van een worm
d)
Het zien van hun ouder
12.
Hoe noem je alle biotische factoren samen.
a)
ecosysteem
b)
biotoop
c)
levensgemeenschap
d)
niche
13.
De libel is een consument van de 4e orde.
a)
juist
b)
onjuist
14.
Uit hoeveel schakels bestaat de kortste voedselketen in de afbeelding?
a)
1
b)
2
c)
3
d)
4
15.
Hoe noemen we de groene planten in een voedselketen?
a)
autotroof
b)
heterotroof
c)
consumenten
d)
producenten
16.
Wat hoort er bij nr 1 te staan?
a)
dierlijke eiwitten
b)
afvalstoffen
c)
verbranding
d)
stikstofzouten
17.
Wat zie je in de afbeelding?
a)
De energiedoorstroom in een ecosysteem.
b)
Een piramide van biomassa.
c)
De zon als energiebron voor leven.
18.
In een voedselketen gaat een deel van de energie verloren aan verbranding.
a)
juist
b)
onjuist
19.
Insecten eten is beter voor de wereldvoedselproblematiek.
a)
juist
b)
onjuist
20.
Deze vos is aangepast aan een....
a)
koud klimaat.
b)
gematigd klimaat.
c)
warm klimaat.
21.
Wat voor een soort 'ganger' zie je in deze afbeelding?
a)
zoolganger
b)
teenganger
c)
topganger/hoefganger
22.
Wat voor een soort 'ganger' zie je in deze afbeelding?
a)
zoolganger
b)
teenganger
c)
topganger/hoefganger
23.
Wat voor een soort snavel zie je bij een vogel met dit soort poten?
a)
kegelsnavel
b)
priemsnavel
c)
haaksnavel
d)
zeefsnavel
24.
Wat voor een soort snavel zie je bij een vogel met dit soort poten?
a)
kegelsnavel
b)
priemsnavel
c)
pincetsnavel
d)
zeefsnavel
25.
Het meest linker wortelstelsel is van een plant in een droog milieu.
a)
juist
b)
onjuist
26.
Je ziet hier een luchtkanaal in een stengel. Deze komen voor bij...
a)
woestijnplanten
b)
schaduwplanten
c)
zonplanten
d)
waterplanten