wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

6.3 LB voortgangstoets Nederlands

Total questions: 18

Worksheet time: 37mins

Name
Class
Date
1.

Welk begrip uit de theorie hoort er bij de omschrijving?

Je kiest een (verkeerd) woord dat qua betekenis op een ander woord lijkt.

a)

dubbele ontkenning

b)

spreektaal in plaats van schrijftaal

c)

vage verwijzingen

d)

misleidende tweeling

e)

woordendiarree

2.

Welk begrip uit de theorie hoort er bij de omschrijving?

Je schrijft achter elkaar door met weinig zinseinden.

a)

dubbele ontkenning

b)

misleidende tweeling

c)

spreektaal in plaats van schrijftaal

d)

vage verwijzingen

e)

woordendiarree

3.

Welk begrip uit de theorie hoort er bij de omschrijving?

Je gebruikt twee keer een ontkenning, waardoor je het tegenovergestelde zegt van wat je bedoelt.

a)

dubbele ontkenning

b)

misleidende tweeling

c)

spreektaal in plaats van schrijftaal

d)

vage verwijzingen

e)

woordendiarree

4.

Welk begrip uit de theorie hoort er bij de omschrijving?

Het is soms niet duidelijk over wie of wat het in de zin gaat door een verkeerde woordkeus.

a)

dubbele ontkenning

b)

misleidende tweeling

c)

spreektaal in plaats van schrijftaal

d)

vage verwijzingen

e)

woordendiarree

5.

Welk begrip uit de theorie hoort er bij de omschrijving?

Je gebruikt ongepaste woorden die je beter niet op papier kunt zetten.

a)

dubbele ontkenning

b)

misleidende tweeling

c)

spreektaal in plaats van schrijftaal

d)

vage verwijzingen

e)

woordendiarree

6.

In deze zin komt geen dubbele ontkenning voor.

a)

In de kantine van onze school waren nooit geen vette dingen te krijgen, maar dit schooljaar gaan ze helemaal op de gezonde toer.

b)

In de kantine van onze school waren al geen vette dingen te krijgen, maar dit schooljaar gaan ze helemaal op de gezonde toer.

c)

De leiding van onze school wil voorkomen dat er geen rommel op het schoolplein ligt en daarom hebben ze tien nieuwe vuilnisbakken neergezet.

d)

Ik heb voor school nooit geen boeken gelezen van Carry Slee, maar wel van Rom Molemaker.

7.

Waar zie je een losstaande bijzin. Selecteer deze zin.

a)

In de Oosterschelde werd een 2 meter lange lederschildpad gezien.

b)

Die later aanspoelde op de zuidwestkust van Denemarken.

c)

Het dier had een opmerkelijke witte vlek.

d)

Schildpadden komen normaliter niet in onze wateren voor.

e)

Van de dieren is wel bekend dat ze grote afstanden kunnen afleggen.

8.

Hoe noem je het als de zin onduidelijk wordt doordat een woordgroep op een onlogische plaats in de zin staat?

Koploper Ajax wint in Vrouwen Eredivisie ook zesde duel tegen Excelsior.

a)

verdwaling

b)

dubbele ontkenning

c)

vage verwijzing

d)

losstaande bijzin

9.

Welk stukje van de zin is de verdwaling?

Het kunstwerk was te zien op een foto in een tijdschrift met een gat erin.

a)

Het kunstwerk

b)

een foto in een tijdschrift

c)

in een tijdschrift met een gat erin.

d)

met een gat erin.

10.

Welk stukje van de zin is de verdwaling?

Chantals moeder riep dat het eten klaar was, toen ze net onder de douche stond.

a)

Chantals moeder

b)

moeder

c)

dat het eten klaar was

d)

toen

e)

toen ze net onder de douche stond.

11.

Patiënt vreest huisartsbezoek.

Artsen 'Antoni van Leeuwenhoek' bezorgd om afname kankerverwijzingen.

Op welke manier kun je de eerste zin lezen?

a)

Patiënt is bang voor het bezoek van de huisarts. Als er bezoek is bij de huisarts, durft de patiënt niet binnen te komen.

b)

De patiënt heeft ontzag voor de arts die bij hem thuis durft te komen. Daardoor krijgen minder mensen kanker.

c)

Artsen denken dat er minder kankerverwijzingen zijn omdat de patiënt bang is om naar de huisarts te gaan als hij denkt dat hij kanker heeft.

d)

Artsen in het ziekenhuis zijn bang dat de huisarts bezorgd is dat zijn patiënten kanker hebben. Daarom gaat hij naar hen toe.

12.

Is deze zin NIET correct/helder/gevarieerd?

1954 was het jaar waarin in Nederland betaald voetbal werd ingevoerd. 1955 was het jaar waarin de winnaar nog werd bepaald door de winnaars van vier klassen tegen elkaar te laten strijden. 1956 was het jaar waarin de indeling van de competitie werd gewijzigd: daarmee ontstond de eredivisie.

a)

niet correct

b)

niet helder

c)

niet gevarieerd

13.

Is deze zin NIET correct/helder/gevarieerd?

Het gebruik van make-up is niet nieuw. De oude Egyptenaren gebruikten die al om hen mooier te maken. Hun gebruikten het ook om onvolkomenheden op de huid weg te werken.

a)

niet correct

b)

niet helder

c)

niet gevarieerd

14.

Kies het juiste woord van de misleidende tweeling.


Tess is twee jaar jonger als/dan haar zus, maar ze is net zo lang

a)

als

b)

dan

15.

Kies het juiste woord van de misleidende tweeling.


Ik snap dat je boos was toen je band lek raakte maar dat is nog geen rede/reden om een trap tegen je fiets te geven.

a)

rede

b)

reden

16.

Kies het juiste woord van de misleidende tweeling.


Ik kan/ken alle Duitse voorzetsels van de derde naamval uit mijn hoofd.

a)

ken

b)

kan

17.

Welke zin bevat spreektaal?

a)

Als je vlees eet, ben je vegetariër.

b)

De meeste vegetariërs eten ook geen gevogelte, vis, schaaldieren en insecten.

c)

Rond 400 voor Christus at in India ook geen hond vlees.

d)

Vlees bevat echter welk aminozuren die voor een gezonde voeding belangrijk zijn.

18.

Welke fouten zie je in deze woordendiarree?

In de meivakantie ging ik met mijn ouders een weekje naar overijssel in een huisje en er was ook een zwembad bij hoewel het heel koud was konden we toch zwemmen. Mijn ouders gingen vaak niet mee als mijn zus en ik gingen zwemmen en hun gingen dan wandelen maar wij vinden zwemmen leuker als wandelen daarom gingen we niet met hun mee.

a)

In de meivakantie ging ik met mijn ouders een weekje naar Overijssel in een huisje. Er was ook een zwembad bij en hoewel het heel koud was, konden we toch zwemmen. Mijn ouders gingen vaak niet mee als mijn zus en ik gingen zwemmen. Zij gingen dan wandelen, maar wij vinden zwemmen leuker dan wandelen, daarom gingen we niet met hen mee.

b)

In de meivakantie ging ik met mijn ouders een weekje naar Overijssel in een huisje. Er was ook een zwembad bij hoewel het heel koud was, en konden we toch zwemmen. Mijn ouders gingen vaak niet mee als mijn zus en ik gingen zwemmen. Zij gingen dan wandelen, maar wij vinden zwemmen leuker dan wandelen, daarom gingen we niet met ze mee.

c)

In de meivakantie ging ik met mijn ouders een weekje naar Overijssel in een huisje. Er was ook een zwembad bij en hoewel het heel koud was, konden we toch zwemmen. Mijn ouders gingen vaak niet mee als mijn zus en ik gingen zwemmen. Zij gingen dan wandelen, maar wij vinden zwemmen leuker dan wandelen, daarom gingen we niet met ons mee.

d)

In de meivakantie ging ik met mijn ouders een weekje naar Overijssel in een huisje. Er was ook een zwembad bij en hoewel het heel koud was, konden we toch zwemmen. Mijn ouders gingen vaak niet mee als mijn zus en ik gingen zwemmen, zij gingen dan wandelen, maar wij vinden zwemmen leuker als wandelen, daarom gingen we niet met ze mee.