wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Ademhalingsstelsel

Total questions: 29

Worksheet time: 29mins

Name
Class
Date
1.

Wat gebeurt er met je borstkas wanneer je diep inademt?

a)

De borstkas komt naar voor

b)

De borstkas wordt naar achter gedrukt

c)

Er gebeurt niets met de borstkas

2.

Wat gebeurt er als het middenrif naar beneden beweegt?

a)

Volume in de borstholte verkleint

b)

Volume in de borstholte vergroot

c)

Volume in de borstholte blijft hetzelfde

3.

In welk orgaan vindt ademhaling plaats?

a)
b)
c)
d)
4.

Benoem cijfertje 1.

a)

Longblaasjes

b)

Luchtpijp

c)

Longtak

d)

Longhaarvaten

5.

Benoem cijfertje 5.

a)

Longblaasje

b)

longtak

c)

Longhaarvat

d)

longpijptak

6.

Uitgeademde lucht bevat meer ..?

a)

Zuurstof (O2)

b)

Stikstof (N)

c)

Koolstofdioxide (CO2)

d)

Waterstof (H)

7.
Deze afbeelding is een schematische tekening van
a)
een longlaasje
b)
een luchttakje
c)
een bronchie
d)
de luchtpijp
8.
Nummer 2 is
a)
de luchtpijp
b)
een bronchie
c)
een longblaasje
d)
de huig
9.
Nummer 5 is
a)
de luchtpijp
b)
een bronchie
c)
een longblaasje
d)
de huig
10.
Nummer 7 is
a)
de luchtpijp
b)
een bronchie
c)
een longblaasje
d)
de huig
11.
In de animatie zie je 
a)
de buik- of middenrifademhaling
b)
de borstademhaling
c)
allebei
d)
geen van beide
12.
Het gas dat bedoelt wordt met pijl A heet
a)
zuurstof
b)
koolstofdioxide
c)
stikstof
d)
edelgassen
13.
waarom is door je neus ademen NIET beter dan door je mond ademen.
a)
wordt beter gefilterd
b)
lucht wordt vochtiger gemaakt 
c)
kan met één ademhaling meer lucht inademen
14.
Inademen door je neus is beter dan door je mond omdat
a)
de lucht vochtiger wordt
b)
de lucht af kan koelen
c)
de lucht droger wordt
d)
je je dan niet snel verslikt
15.
Wat de de juiste stand voor ademhalen?
a)
huig in stand 1, strotklepje in stand 1
b)
huig in stand 1, strotklepje in stand 2
c)
huig in stand 2, strotklepje in stand 1
d)
huig in stand 2, strotklepje in stand 2
16.
Hoe heet deel Q?
a)
huig
b)
strotklepje
c)
slokdarm
d)
luchtpijp
17.
Hoe heet deel A?
a)
huig
b)
strotklepje
c)
slokdarm
d)
luchtpijp
18.
Welk gas heb ik nodig bij verbranding?
a)
koolstodioxide
b)
zuurtsof
c)
stikstof
d)
geen van de 3 genoemde
19.
Welke 2 stoffen komen altijd vrij bij de verbranding van een kaars?
a)
zuurstof en water 
b)
kaarsvet en koolstofdioxide
c)
water en koolstofdioxide
d)
water en zuurstof 
water en kaarsvet
20.
Waarom gaat het vlammetje van de kaars uit?
a)
De koolstofdioxide in het potje raakt op
b)
De zuurstof in het potje raakt op
c)
Het lontje is te kort
d)
Het kaarsvet raakt op
21.
Wat is niet waar?
a)
Als ik ga bewegen gaat het hart sneller kloppen
b)
Als ik ga bewegen gaat mijn ademhaling sneller
c)
Als ik ga bewegen heb ik meer koolstofdioxide nodig
d)
Als ik ga bewegen heb ik meer zuurstof nodig
22.
Welke weg ,legt de ingeademde lucht af in het ademhalingsstelsel?Wat is het juiste antwoord?
a)
Neusholte-strottenhoofd-keelholte-luchtpijp-bronchie
b)
neusholte-bronchie-strottenhoofd-keelholte-luchtpijp
c)
neusholte-keelholte-strottenhoofd-luchtpijp-bronchie
d)
keelholte-neusholte-strottenhoofd-luchtpijp-bronchie
23.
Het is beter om door je neus in te ademen omdat.....
a)
De lucht hierdoor gezuiverd wordt van stof en bacteriën en warm en droger wordt
b)
De lucht hierdoor gezuiverd wordt van stof en bacteriën, kouder en vochtiger wordt
c)
De lucht hierdoor warmer ,vochtiger en geroken wordt
d)
De lucht hierdoor gezuiverd,droger en kouder wordt
24.

Gaswisseling kan snel plaats vinden in de longblaasjes omdat?

a)

ze een heel groot oppervlakte samen hebben

b)

ze een dikke wand hebben

c)

ze makkelijk glucose kunnen uitwisselen

d)

ze makkelijk water kunnen uitwisselen

25.

Welke long is het grootst?

a)

linkerlong

b)

rechterlong

26.

Wat hoort niet bij de uitademing?

a)

Lucht stroomt naar buiten

b)

Longen worden kleiner

c)

Borstholte wordt kleiner

d)

Tussenribspieren trekken samen

27.

Waardoor is de luchtpijp zo stevig?

a)

Door de spieren

b)

Doordat er continu lucht doorheen stroomt

c)

Door de kraakbeenringen

d)

Doordat er bot omheen zit

28.
In de lucht die we uitademen zit
a)
minder zuurstof
b)
meer zuurstof
c)
minder koolstofdioxide
d)
minder stikstof
29.
In de lucht die we uitademen zit
a)
meer zuurstof
b)
meer koolstofioxide
c)
minder koolstofdioxide
d)
minder stikstof