wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

SE H7 en H12 3T (MW)

Total questions: 14

Worksheet time: 33mins

Name
Class
Date
1.

 6a  3 = 2a + 176a\ -\ 3\ =\ 2a\ +\ 17  


Los deze vergelijking op met 'Links en rechts hetzelfde doen'. Vul in:  a = ...a\ =\ ...   





(a)  

2.

 x2 + 8 = 24x^2\ +\ 8\ =\ 24  

Los deze vergelijking op met pijlenkettingen. Je krijgt twee antwoorden. Kruis ze allebei aan.

a)

4

b)

- 4

c)

16

d)

- 16

3.

 x2 + 7 = 5x^2\ +\ 7\ =\ 5  
Hoeveel oplossingen heeft deze vergelijking?

a)

0

b)

1

c)

2

4.

Lees uit de grafiek af welke x-waarde bij y = 8 hoort.

(a)  

5.

Deze grafiek hoort bij de formule

 y = x3 + 2y\ =\ x^{3\ }+\ 2  
Bereken de y-waarde die hoort bij x = 1,8 en rond af op 1 decimaal. Vul in: y = ...



(a)  

6.

Deze grafiek hoort bij de formule

 y = x3 + 2y\ =\ x^{3\ }+\ 2  
Bereken door inklemmen voor welke waarde van x (op 1 decimaal nauwkeurig) de y-waarde 4 is. Vul in: x = ...



(a)  

7.

Kruis aan in welke gevallen je een puntengrafiek zou kunnen tekenen.

a)

Je tekent een grafiek over de prijs van verschillende aantallen bioscoopkaartjes.

b)

Je tekent een grafiek over de temperatuur in de maand juni.

c)

Je tekent een grafiek over de aanschafkosten van appelbomen.

d)

Je tekent een grafiek over de lengte van een kind.

e)

Je tekent een grafiek over het geld wat op je spaarrekening staat.

8.

Je ziet de grafieken van de verdiensten van Cees en Maria en nog een groene grafiek. De groene grafiek is de ...

a)

Somgrafiek

b)

Verschilgrafiek

9.

Deze tabel is de voorbereiding op het tekenen van een ...

a)

Somgrafiek

b)

Verschilgrafiek

10.

Is dit een periodieke grafiek?

a)

Ja

b)

Nee

11.

Je ziet hier een periodieke grafiek.

Kies het juiste antwoord: De pijl geeft de ... aan.

a)

Amplitude

b)

Periode

c)

Evenwichtsstand

12.

Bereken de evenwichtsstand van deze periodieke grafiek.

Vul in: de evenwichtsstand is ...

(a)  

13.

Bereken de amplitude van deze periodieke grafiek.

Vul in: de amplitude is ...

(a)  

14.

Bereken de frequentie per minuut van deze periodieke grafiek.

Vul in: de frequentie per minuut is ...

(a)