wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Parlementaire democratie §1 t/m §9

Total questions: 11

Worksheet time: 6mins

Name
Class
Date
1.

Wat behoort niet tot de trias politica?

a)

Onafhankelijke rechtspraak

b)

Parlement controleert kabinet

c)

Ministeriële verantwoordelijkheid

d)

Symbolische functie koning

2.

Wat hoort niet per se bij linkse partijen?

a)

Gelijkheid

b)

Vrijheid

c)

Solidariteit

d)

Bescherming zwakkeren

3.

Welke verkiezing kan provinciegrenzen overschrijden?

a)

Gemeenteraad

b)

Provincie

c)

Waterschappen

d)

Geen van deze drie

4.

De formateur van een kabinet wordt meestel de:

a)

Minister van Binnenlandse Zaken

b)

Minister van Algemene Zaken

c)

Minister van Financiën

d)

Minister van Justitie

5.

De Staten-Generaal behoren tot de:

a)

rechtsprekende macht

b)

wetgevende macht

c)

uitvoerende macht

d)

justitiële macht

6.

'Naar aanleiding van de boerenprotesten legt het kabinet de aangepaste Stikstofwet voor aan de Tweede en Eerste Kamer.' Dit past bij de:

a)

invoerfase

b)

omzettingsfase

c)

uitvoerfase

d)

terugkoppelingsfase

7.

De Verenigde Staten zijn een voorbeeld van een:

a)

centrale eenheidsstaat

b)

gedecentraliseerde eenheidsstaat

c)

federatie

d)

constitutionele monarchie

8.

Wat is de juiste volgorde, qua stichtingsjaar van Europese samenwerkingsverbanden?

a)

EGKS - EU - EEG - EG

b)

EEG - EG -EGKS - EU

c)

EG - EEG - EGKS - EU

d)

EGKS - EEG - EG - EU

9.

De Europese Unie is niet:

a)

intergouvernmenteel

b)

supranationaal

c)

een soevereine staat

d)

een monetaire unie

10.

De Europese Unie beslist niet over:

a)

landbouw

b)

vluchtelingenbeleid

c)

milieuregels

d)

belastingen

11.

De NAVO is een .... en de VN is een ....

a)

militair bondgenootschap - internationaal samenwerkingsverband

b)

internationaal samenwerkingsverband - militair bondgenootschap

c)

internationaal samenwerkingsverband - monetaire unie

d)

monetaire unie - militair bondgenootschap