Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Paragraaf 2.1 & 2.2 (kader)

Total questions: 17

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.

Je wilt een nieuwe computer kopen. Waar vind je de meest onpartijdige productinformatie?

a)

bij de fabrikant van de computer

b)

bij de winkelier die de computer verkoopt

c)

bij een consumentenorganisatie die computers vergelijkt

d)

bij een vriend die vorige week een nieuwe computer heeft gekocht

2.

Noem een overeenkomst tussen de ACM en de Consumentenbond.

a)

Beide organisaties helpen bedrijven met het verbeteren van de service.

b)

beide organisaties komen op voor de belangen van consumenten.

c)

Beide organisaties zorgen ervoor dat studenten niet te veel schulden oplopen.

3.

Noem een verschil tussen de ACM en de Consumentenbond.

a)

de ACM is een overheidsinstelling, de Consumentenbond is een vereniging.

b)

de ACM is een externe partij, de Consumentenbond is een overheidsinstelling.

c)

De Consumentenbond helpt bedrijven met problemen met de overheid, de ACM doet dit niet.

4.

Bij welke manier van producten vergelijken kun je de kwaliteit en de prijs vergelijken?

a)

Bij een vergelijkend warenonderzoek

b)

Bij een productentest

c)

Bij een artikelonderzoek

5.

Meneer Giesbers wil gezonder leven. Maar hij heeft toch zin in iets hartigs. Bij een tankstation zoekt hij een snack die niet zo vet en niet zo zout is.

Waar kan hij de informatie vinden die hij zoekt?

a)

Door het te vragen aan de baliemedewerker.

b)

Door te kijken op de etiketten

c)

Door een vergelijkend warenonderzoek te doen.

6.

Een fles Coca Cola van 2 liter kost € 2,18.


Bereken de prijs per liter?

a)

1.09

b)

1.08

c)

1.07

7.

Bij bol.com is een Samsung-televisie te koop voor € 499. Bij Wehkamp kost diezelfde tv € 539.

Bereken hoeveel procent de tv bij Wehkamp duurder is. Rond af op twee decimalen.

a)

8,03

b)

8,01

c)

8,02

8.

Consumentenorganisaties doen regelmatig een vergelijkend warenonderzoek.


Leg uit wat consumenten hebben aan dit soort onderzoeken.

a)

Consumenten krijgen een mening te horen van het consumentenorganisatie over de verschillen tussen een product.

b)

Consumenten krijgen een onpartijdig overzicht over eenzelfde product van verschillende producenten.

c)

Consumenten krijgen advies bij aankoop van een product.

9.

Steeds meer huishoudens kiezen ervoor om collectief (met een grote, georganiseerde groep) energie in te kopen.

Is hier sprake van consumer power?

a)

Ja

b)

Nee

10.

Leg uit waarom het voor bedrijven interessant kan zijn om zelf een keurmerk te verzinnen.

a)

Een bedrijf wil zich graag onderscheiden.

b)

Een bedrijf wilt meer naamsbekendheid

c)

Een bedrijf wilt meer winst maken

11.

Je koopt nieuwe oortjes. Na een maand doet één oortje het niet meer. Je hebt de kassabon nog en gaat met de oortjes en de kassabon terug naar de winkel.

Waar heb je recht op, denk je?

a)

Een nieuwe aanschaffen

b)

Een deel van het aankoopbedrag terug krijgen.

c)

Gratis vervanging of teruggave van het aankoopbedrag.

12.

Wie moet jou helpen als het product niet goed werkt of kapotgaat: de producent of de winkelier?

a)

De producent

b)

De winkelier

13.

Op de markt koop je een merkloze batterij voor je oude Apple iPhone. Na een paar dagen wordt de telefoon zo warm, dat er een brandplek in je jaszak ontstaat.

Wie is aansprakelijk voor de schade aan je jas?

a)

Apple

b)

De marktkoopman

c)

Apple én de marktkoopman

d)

Geen van beide

14.

De verkoper verkoopt aan de deur bel-niet-aanstickers voor € 2,85. De man

laat zich overdonderen en koopt er eentje.

Heeft de man bedenktijd?

a)

Ja, in dit geval geldt de Colportagewet.

b)

Ja, in dit geval geldt de Wet Koop op afstand.

c)

Nee, bij koop aan de deur geldt de bedenktijd niet.

d)

Nee, het product kost minder dan € 50.

15.

Klachten over producten kun je niet direct naar De Geschillencommissie sturen. Wat moet je eerst doen?

a)

Je moet eerst aangifte doen

b)

Je moet eerst naar de verkoper

c)

Je moet eerst het probleem zelf proberen op te lossen

16.

In welk van de volgende gevallen word je beschermd door het consumentenrecht?

a)

als je iets op de rommelmarkt koopt

b)

als je iets ruilt via Marktplaats

c)

als je iets van een vriend koopt

d)

als je iets via een webshop bestelt

17.

Producten die in de winkel liggen, moeten veilig zijn.

- Welke wet schrijft dat voor?

a)

De colportagewet

b)

De warenwet

c)

De Hygiënewet