WorksheetsHerhaling hoofdstuk 2
Total questions: 28
Worksheet time: 28mins
Bereken 52
10
25
Bereken 23
6
8
Bereken 121
11
13
60,5
Bereken 49
7
9
24,5
130 = 0
Waar
Niet waar
32 ....... 23
<
≤
>
≥
=
41
4
5
0
1
Bereken: 196
13
14
15
17
Bereken: 1600
40
400
800
20
Wat is de naam van de uitkomst van de optelling?
De som
Het verschil
Het product
Het quotiënt
Wat is de naam van de uitkomst van een deling?
De som
Het verschil
Het product
Het quotiënt
Wat is het verschil?
De uitkomst bij een optelling
De uitkomst bij een aftrekking
De uitkomst bij een vermenigvuldiging
De uitkomst bij een deling
Wat zijn termen?
De naam van de getallen die je bij elkaar optelt of aftrekt
De naam van de getallen die je vermenigvuldigd of deelt
Wat zijn factoren?
De naam van de getallen die je bij elkaar optelt of aftrekt;
De naam van de getallen die je met elkaar moet vermenigvuldigen
wat is het symbool voor " is niet gelijk aan"?
<
>
=
=
≤
Wat is het symbool voor "groter dan of gelijk aan"?
<
≤
>
≥
15⋅5=
(a)
36:9=
(a)
723+126=
(a)
845−232=
(a)
Wat is de juiste volgorde van bewerking?
Haakjes, Optellen en Aftrekken, Vermenigvuldigen en Delen, Machten en Vierkantswortels
Machten en Vierkantswortels, Optellen en Aftrekken, Haakjes, Delen en Vermenigvuldigen
Haakjes, Machten en Vierkantswortels, Delen en Vermenigvuldigen, Optellen en Aftrekken
Machten en vierkantswortels, Vermenigvuldigen en Delen, Optellen en Aftrekken, Haakjes
