wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Pesten

Total questions: 51

Worksheet time: 30mins

Name
Class
Date
1.

Kim heeft de leiding bij het pesten, wie is ze?

a)

De pester

b)

De redder

c)

De struisvogel

d)

De meeloper

2.

Mark vindt het erg maar durft niets te zeggen, zie is hij?

a)

De pester

b)

De redder

c)

De struisvogel

d)

De meeloper

3.

Lien neemt het op voor de leerling die gepest wordt, wie is ze?

a)

De pester

b)

De redder

c)

De struisvogel

d)

De meeloper

4.

Sam wordt elke dag uitgelachen op school, wie is hij?

a)

De pester

b)

De gepeste

c)

De struisvogel

d)

De meeloper

5.

Ik doe dit zodat ik zelf niet gepest wordt, wie ben ik?

a)

De pester

b)

De redder

c)

De struisvogel

d)

De meeloper

6.

Ik kwets bewust iemand dus ik pest de persoon?

a)

Juist

b)

fout

7.

Ze wordt buitengesloten, dit is plagen?

a)

Juist

b)

Fout

8.

Het duurt vaak jaren, dit is pesten?

a)

Juist

b)

Fout

9.

Er zijn blijvende gevolgen, dit is pesten?

a)

Juist

b)

Fout

10.

Wat is een vorm van pesten?

a)

Stalken

b)

Samen sporten

c)

Spontaan lachen

d)

Bestaat niet

11.

Zelfverminking is een gevolg van pesten?

a)

Juist

b)

Fout

12.

Wat is een gevolg van pesten?

a)

Goede punten

b)

Stress

c)

Gelukkig zijn

d)

Graag naar school gaan

13.

Wat kan je doen tegen pesten?

a)

Niks zeggen

b)

Ongelukkig zijn

c)

Erover praten

d)

Stress hebben

14.

Kim heeft de leiding bij het pesten, wie is ze?

a)

De pester

b)

De redder

c)

De struisvogel

d)

De meeloper

15.

Kim heeft de leiding bij het pesten, wie is ze?

a)

De pester

b)

De redder

c)

De struisvogel

d)

De meeloper

16.

Mark vindt het erg maar durft niets te zeggen, zie is hij?

a)

De pester

b)

De redder

c)

De struisvogel

d)

De meeloper

17.

Lien neemt het op voor de leerling die gepest wordt, wie is ze?

a)

De pester

b)

De redder

c)

De struisvogel

d)

De meeloper

18.

Sam wordt elke dag uitgelachen op school, wie is hij?

a)

De pester

b)

De gepeste

c)

De struisvogel

d)

De meeloper

19.

Ik doe dit zodat ik zelf niet gepest wordt, wie ben ik?

a)

De pester

b)

De redder

c)

De struisvogel

d)

De meeloper

20.

Ik kwets bewust iemand dus ik pest de persoon?

a)

Juist

b)

fout

21.

Ze wordt buitengesloten, dit is plagen?

a)

Juist

b)

Fout

22.

Het duurt vaak jaren, dit is pesten?

a)

Juist

b)

Fout

23.

Er zijn blijvende gevolgen, dit is pesten?

a)

Juist

b)

Fout

24.

Wat is een vorm van pesten?

a)

Stalken

b)

Samen sporten

c)

Spontaan lachen

d)

Bestaat niet

25.

Zelfverminking is een gevolg van pesten?

a)

Juist

b)

Fout

26.

Wat is een gevolg van pesten?

a)

Goede punten

b)

Stress

c)

Gelukkig zijn

d)

Graag naar school gaan

27.

Wat kan je doen tegen pesten?

a)

Niks zeggen

b)

Ongelukkig zijn

c)

Erover praten

d)

Stress hebben

28.

Pesten is precies hetzelfde als plagen

a)

Waar

b)

Niet waar

29.

Digitaal pesten is strafbaar

a)

Waar

b)

Niet waar

30.

Als je pesten negeert, zal het altijd stoppen.

a)

Waar

b)

Niet waar

31.

Iemand kan zijn hele leven last hebben van pesterijen.

a)

Waar

b)

Niet waar

32.

Pesten komt niet alleen voor bij kinderen, maar ook bij volwassenen.

a)

Waar

b)

Niet waar

33.

Hoeveel (van de 100) kinderen hebben wel eens gepest via internet?

a)

ongeveer 5

b)

ongeveer 10

c)

ongeveer 15

d)

ongeveer 20

34.

Waar zijn er de meeste van?

a)

pesters.

b)

gepesten.

c)

evenveel pesters als gepesten.

35.

Waar wordt het vaakst gepest?

a)

Op straat, in de wijk.

b)

In de bus, trein,..

c)

Op school

d)

Op internet

36.

1 op de 5 leerlingen wordt gepest

a)

Waar

b)

Niet waar

37.
wie wordt het vaakst gepest?
a)
Oudere leerlingen.
b)
Jongere leerlingen
38.
Wie wordt er meer gepest?
a)
jongens
b)
meisjes
c)
jongens en meisjes evenveel
39.
Vul aan: Meisjes worden vooral gepest door............
a)
andere meisjes
b)
jongens
c)
meisjes en jongens
40.
Meer jongens dan meisjes pesten anderen.
a)
meisjes pesten meer.
b)
jongens en meisjes pesten evenveel.
c)
jongens pesten meer.
41.
Waar wordt het vaakst gepest?
a)
Op straat, in de wijk.
b)
In de bus, trein,..
c)
Op school
d)
Op internet
42.
Leerlingen die pesten worden zelf ook gepest.
a)
Dat is niet zo.
b)
Dat is altijd zo.
c)
Dat kan wel.
43.
Pesters hebben vaak ook mindere punten voor taal en rekenen...
a)
Dit is onzin.
b)
Dit is juist.
c)
Pesters hebben betere punten;
44.
Vul aan: Meisjes pesten vooral........
a)
jongens
b)
meisjes
c)
jongens en meisjes
45.
Dikkere kinderen worden vaker gepest.
a)
Niet waar
b)
Wel waar
46.
Van welke soort zijn er het meest?
a)
pesters.
b)
gepesten.
c)
evenveel pesters als gepesten.
47.
Hoeveel kinderen worden online gepest? (Hoeveel van de 100?)
a)
ongeveer 5
b)
ongeveer 10
c)
ongeveer 15
d)
meer als 15
48.
Oudere kinderen pesten met woorden en jongere kinderen doen vaker echt pijn.
a)
oudere kinderen doen meer pijn.
b)
Jongere kinderen doen meer pijn.
c)
Jong of oud doen even vaak pijn.
49.
Waar wordt er meer gepest?
In de stad of in een dorp?
a)
In de stad
b)
In een dorp
c)
Bij beiden evenveel.
50.
Hoeveel kinderen hebben wel eens gepest via internet? (hoeveel op 100)
a)
ongeveer 5
b)
ongeveer 10
c)
ongeveer 15
d)
ongeveer 20
51.
1 op de 5 leerlingen wordt gepest
a)
Het zijn er minder.
b)
Dit klopt.
c)
Het zijn er meer