Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Bewegen

Total questions: 14

Worksheet time: 18mins

Name
Class
Date
1.

Welke drie onderdelen vormen de BORSTKAST?

a)

Ribben, wervelkolom en schouderblad

b)

Schedel, wervelkolom en dijbeen

c)

Ribben, borstbeen en borstwervels

d)

Ribben, schouderblad en borstwervels

2.

Hoe heten de botten in de wervelkolom?

(a)  

3.

Lizzy beweert dat: je kan je neus niet veel bewegen omdat deze veel kraakbeen heeft.


Mohamed beweert dat: de dijbenen de langste botten zijn.

a)

Lizzy heeft gelijk

b)

Mohamed heeft gelijk

c)

Beide hebben gelijk

d)

Niemand heeft gelijk

4.

Benoem nummer 3

(a)  

5.

Welke been in het skelet zorg als voor als Saffa valt zij geen hersenschudding oploopt?

a)

Nek

b)

Opperarmbeen

c)

Bekken

d)

Schedel

6.

Wat zorgt dat Asya haar wervelkolom schokken op kan vangen? 2 antwoorden aanvinken

a)

een platte voet

b)

kraakbeenschijven

c)

dubbele S-vorm

d)

de knieën

7.

Hoe noem je het meest bewegelijk gewricht van Sebastiaan?

a)

scharniergewricht

b)

kogelgewricht

c)

rolgewricht

8.

Hoe noem je het gewricht in pols van Liza?

a)

kogelgewricht

b)

scharniergewricht

c)

rolgewricht

9.

Hoe heet de gewricht in de elleboog van Jafer?

a)

scharniergewricht

b)

rolgewricht

c)

kogelgewricht

10.

De buigspieren en strekspieren zitten aan dezelfde kant en doen gelijktijdig hetzelfde beweging.

a)

Juist

b)

Onjuist

11.

Hoe noem je de samengegroeide uiteinden van een spier?

a)

spiervezels

b)

spierbundel met bendelvlies

c)

spier

d)

pees

12.

Wat gebeurt allemaal bij een verstuiking/verzwikking?(2 antw)

a)

de gewrichtsknobbel schiet uit de gewrichtskom

b)

de botten blijven op hun plaats

c)

er is veel afvalstof gebleven in de spieren

d)

het gewricht zwel op en gescheurde enkelbanden

13.

Wat is een spierscheuring?

a)

doorgaan met een spierkramp, waardoor je bloedvaatjes en spiervezels stuk gaan.

b)

het knippen van je spieren

c)

een harde klap je spiervezels en bloedvaatjes scheuren

14.

A.leun naar voren

zit rechtop


B. gebruik de armleuning

trek je schouders niet op


C. met je hoofd over je stoel leunen

met je voeten zweven

a)

A

b)

B

c)

C