Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Verwijswoorden en signaalwoorden

Total questions: 20

Worksheet time: 20mins

Name
Class
Date
1.

Waarnaar verwijst 'Zij'?

- De telefoons van huisartsen rinkelen de hele dag door. Zij moeten mensen met covid-19 helpen.

(a)  

2.

Welk verband geeft het signaalwoord ‘Daardoor’ aan?

- Niet alleen het corona-, maar ook andere virussen werden doorgegeven. Daardoor zijn er heel veel zieken.

a)

reden

b)

tegenstelling

c)

oorzaak

d)

gevolg

3.

Waarnaar verwijst 'ze'?

- De bejaarden van een verzorgingstehuis in Zweden namen deel aan een spel. Daarin moesten ze elanden neerschieten.

(a)  

4.

'Hij' is een ...

- De Luikse ingenieur Georges Nagelmackers had een droom. Hij wilde lange treinreizen in Europa mogelijk maken.

a)

signaalwoord

b)

verwijswoord

c)

werkwoord

5.

Welk verband geeft het signaalwoord ‘Toch’ aan?

- Volwassenen hebben er minder last van. Toch hebben zij dezelfde bacteriën in hun mond.

a)

reden

b)

oorzaak

c)

tegenstelling

6.

Waarnaar verwijst 'Die'?

- Imke Courtois selecteerde acht kinderen. Die zijn allemaal erg goed in hun eigen sport.

(a)  

7.

Waarnaar verwijst 'Dat'?

- Iedereen op school heeft een B-bot. Dat is een pratende robot

(a)  

8.

Waarnaar verwijst 'dat'?

- De kunstenaar beeldt iets uit. Het werk dat zij/hij maakt is tastbaar.

(a)  

9.

Welk woord in de volgende zin is een signaalwoord?

- Twee weken lang werd er vergaderd, tot alle landen akkoord waren. Dat was erg moeilijk. Want elk land wou voor zichzelf haalbare doelen stellen.

a)

Dat

b)

Want

10.

Welk woord in de volgende zin is een verwijswoord?

- Twee weken lang werd er vergaderd, tot alle landen akkoord waren. Dat was erg moeilijk. Want elk land wou voor zichzelf haalbare doelen stellen.

a)

Dat

b)

Want

11.

Welk woord is in de volgende zin een verwijswoord?

- Het leukste wat ik ooit las, is een jongerenkrant. 

(a)  

12.

Welk woord is in de volgende zin een verwijswoord?

- Het enige wat ik nog moet lezen, is de volgende alinea.  

(a)  

13.

Waarnaar verwijst 'die'?

- Micheline was de eerste Belgische vrouw die een gouden medaille won op de Olympische Spelen.

(a)  

14.

Waarnaar verwijst 'dit'?

- ‘Kunnen zijn wie je bent’. Veel jongeren vinden dit belangrijk.

(a)  

15.

Welk verband wordt in de volgende zinnen gebruikt?

- Maar je zal niet langer het aantal niet-leuks zien. Dat komt omdat er haatacties tegen sommige vloggers werden opgezet

a)

oorzaak-gevolg

b)

tegenstelling

16.

Welk verband geeft het signaalwoord 'maar' aan?

- Steevast staat er kalkoen op het menu. Maar dit jaar is er een tekort aan kalkoenen.

a)

oorzaak

b)

gevolg

c)

tegenstelling

17.

Waarnaar verwijst 'dat'?

- Het is een boek dat ik zelf als kind had willen lezen!

(a)  

18.

Waarnaar verwijst 'die'?

- Schilderijen die 500 jaar oud zijn, zien er anders uit dan schilderijen die 100 jaar oud zijn.

(a)  

19.

'Zij' is een...

- KLAP sprak met Gudrun Makelberge. Zij is een Belgische illustrator en woont in Frankrijk.

a)

signaalwoord

b)

verwijswoord

c)

werkwoord

20.

'Daarom' is een ...

- Het is een feest van hoop en licht. Daarom worden er veel kaarsjes aangestoken.

a)

signaalwoord

b)

verwijswoord

c)

werkwoord