Worksheetsinstroom de klas woordenschat
Total questions: 34
Worksheet time: 34mins
Name
Class
Date
1.
Welk klasvoorwerp is dit?
(a)
2.
Welk klasvoorwerp is dit?
(a)
3.
Welk klasvoorwerp is dit?
(a)
4.
Welk klasvoorwerp is dit?
(a)
5.
Wat is dat?
a)
Dat is een feits.
b)
Dat is een fiest.
c)
Dat is een fiets.
d)
Dat is een fits.
6.
Wat is dat?
a)
Dat is een bus.
b)
Dat is een bos.
c)
Dat is een bous.
d)
Dat is een boes.
7.
Wat is dit?
a)
een boek
b)
een koek
c)
een doek
d)
een vloek
8.
Wat is dit?
a)
het bord
b)
het raam
c)
de deur
d)
de leraar
9.
Wat is dit?
a)
een computer
b)
een printer
c)
een klok
d)
een lat
10.
Wat is dit?
a)
een muis
b)
een huis
c)
een luis
d)
een buis
11.
Wat is dit?
a)
de deur
b)
het raam
c)
de tafel
d)
de kast
12.
Wat is dit?
a)
een gom
b)
een pen
c)
een lat
d)
een map
13.
Wat is dit?
a)
een kast
b)
een tafel
c)
een stoel
d)
een computer
14.
Wat is dit?
a)
een klas
b)
een kast
c)
een bokaal
d)
een tafel
15.
Wat is dit?
a)
een klok
b)
een gom
c)
een klas
d)
een jas
16.
Wat is dit?
a)
een lat
b)
een map
c)
een pen
d)
een gom
17.
Wat is dit?
a)
een leerling
b)
een teerling
c)
een leraar
d)
een leerkracht
18.
Wat is dit?
a)
een leraar
b)
een kast
c)
een map
d)
een raam
19.
Wat is dit?
a)
een map
b)
een lat
c)
een kast
d)
een perforator
20.
Wat is dit?
a)
een pen
b)
een stift
c)
een potlood
d)
een gom
21.
Wat is dit?
a)
een perforator
b)
een pen
c)
een lat
d)
een muis
22.
Wat is dit?
a)
een pen
b)
een potlood
c)
een stift
d)
een klok
23.
Wat is dit?
a)
een printer
b)
een kast
c)
een leraar
d)
een bord
24.
Wat is dit?
a)
een raam
b)
een deur
c)
een kast
d)
een stoel
25.
Wat is dit?
a)
een rugzak
b)
een vuilniszak
c)
een asbak
d)
een rotzak
26.
Wat is dit?
a)
een schaar
b)
een leraar
c)
een scherper
d)
een mes
27.
Wat zijn dit?
a)
schriften
b)
boeken
c)
deuren
d)
pennen
28.
Wat is dit?
a)
een stift
b)
een potlood
c)
een pen
d)
een bord
29.
Wat is dit?
a)
een stoel
b)
een tafel
c)
een klok
d)
een scherper
30.
Wat is dit?
a)
een tafel
b)
een stoel
c)
een kast
d)
een wafel
31.
Wat is dit?
a)
het kleurpotlood
b)
de stift
c)
de lijm
d)
de schaar
32.
Wat is dit?
a)
de boom
b)
het gras
c)
de televisie
d)
de plant
33.
Wat is dit?
a)
de radio
b)
de computer
c)
de televisie
d)
de telefoon
34.
Wat is dit?
a)
de schaar
b)
de pennenzak
c)
de lijm
d)
de nietjesmachine
100 %
