Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

H3. Meetkundig rekenen

Total questions: 28

Worksheet time: 24mins

Name
Class
Date
1.

1km = (a)   m

2.

1 dm = (a)   m

3.

1m2 = (a)<spanclass=1m^2\ =\ (a) <span class=  

4.

1m2 = (a)<spanclass=1m^2\ =\ (a) <span class=  

5.

De omtrek en oppervlakte van deze rechthoek zijn .........

a)

6 cm en 8 cm2cm^2  

b)

8 cm en 8 cm2cm^2  

c)

12 cm en 6 cm2cm^2  

d)

12 cm en 8 cm2cm^2  

6.

De bijbehorende hoogte is......

a)

CD

b)

BE

c)

AB

d)

BC

7.

Hoe berekenen je de oppervlakte van driehoek FGH?

a)

3 x 2 : 2

b)

5 x 2 : 2

c)

met inlijsten

d)

dat kan niet

8.

Met π\pi  en diameter bereken je...

a)

de omtrek van een cirkel

b)

de oppervlakte van een cirkel

c)

de omtrek van een driehoek

d)

de oppervlakte van een driehoek

9.

Met de regel π ×straal ×straal\pi\ \times straal\ \times straal  bereken je....

a)

de omtrek van een cirkel

b)

 de oppervlakte van een cirkel

c)

de omtrek van een vierkant

d)

de oppervlakte van een vierkant

10.

Hoe bereken je de oppervlakte van een driehoek?

4 lines
11.

Wat is GEEN eenheid?

a)

meter

b)

seconde

c)

gewicht

d)

liter

12.

Dit is een schets van het zijaanzicht van een gebouw.

Welke vlakke figuren kun je hier zien?

4 lines
13.

De gele ring past precies goed tussen de kleine cirkel en de grote cirkel.

Hoe bereken je de oppervlakte van de gele ring?

4 lines
14.

De inhoud van deze balk is (a)   cm3cm^3  

15.

10 cm3cm^3  is (a)   liter

16.

1 m3m^3  is (a)   liter

17.

1 L = (a)   dL

18.

323^2   = (a)  

19.

Het grondtal van 424^2   is (a)  

20.

De exponent van 10310^3  is (a)  

21.

9 - -2 =

a)

7

b)

-7

c)

11

d)

-11

22.

-5 x 5 = ........

a)

25

b)

-25

c)

10

d)

0

23.

3 : 10 =

(a)  

24.

(20 + 4) : 6 =

(a)  

25.

4 x 3 + 9 : 3 =

(a)  

26.

Wat is de bijbehorende basis?

a)

MN

b)

NL

c)

MO

d)

ON

27.

Wat is de bijbehorende basis?

(a)  

28.

Ben je klaar voor de toets?

a)

Ja, ik heb alles onder de knie.

b)

Ik moet nog even door oefenen.

c)

Oh nee ik moet nog veel studeren!

d)

Ik heb hulp nodig.