wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Tekstbron 3.4, 3.5 en 3.6

Total questions: 10

Worksheet time: 5mins

Name
Class
Date
1.

Schoonmaakmiddelen zijn in te delen in vier groepen welke zijn dit?

a)

Andy

Onderhouds-middelen

Desinfectie-middelen

Oplosmiddelen

b)

Reinigingsmiddelen

Vloerwas

Desinfectie-

middelden

Oplosmiddelen

c)

Reinigingsmiddelen

Onderhouds-middelen

Desinfectie-middelen

Oplosmiddelen

d)

Reinigingsmiddelen

Onderhouds-

middelen

Glorix

Oplosmiddelen

2.

Er zijn natuurlijke en synthetische reinigingsmiddelen.

Wat is een natuurlijk reinigingsmiddel?

a)

Plus Huismerk

Allesreiniger

b)

Soda

c)

Andy

d)

Ajax

3.

Wanneer desinfecteer je?

a)

Voordat ruwschoon heb schoongemaakt

b)

Nooit

c)

Voordat je huishoudelijk heb schoongemaakt

d)

Nadat je huishoudelijk heb schoongemaakt.

4.

Zijn de volgende stellingen juist of onjuist?

1.Oplosmiddellen zijn milieugevaarlijk.

2.Oplosmiddelen mag je niet mengen met andere schoonmaakmiddelen.

a)

1 en 2 zijn juist

b)

1 en 2 zijn onjuist

c)

1 is juist

2 is onjuist

d)

1 is onjuist

2. is juist

5.

Wat betekent dit symbool?

a)

Dode vissen in het bos

b)

Pas op voor vissen

c)

Milieugevaarlijk

d)

Gevaar voor voedselvergiftiging

6.

Wat betekent dit symbool?

a)

Ontplofbaar

b)

Kleine deeltje komen vrij

c)

Ontvlambaar

d)

Ontploffingsgevaar

7.

Wat betekent dit symbool?

a)

Brandgevaar

b)

Ontvlambaar

c)

Geen vuurtje stoken

d)

Brandbare stof

8.

Ik wil deze vloer stofzuigen.

Kan dat met deze vloer.

a)

Nooit

b)

Het is niet aan te raden

c)

Ja

d)

Deze vloer kan je beste stofwissen voor het beste resultaat.

9.

Op welke manier maak je een operatiekamer schoon?

a)

Ruwschoon

b)

Huishoudelijk schoon

c)

Smetschoon

d)

Desinfectieschoon

10.

Er zijn 5 schoonmaakregels welke missen wij?

1. Werk altijd van buiten naar binnen

2. Werk van hoog naar laag

3.Werk in een logische volgorde.

4.Werk altijd linksom of rechtsom in de ruimte.

a)

Werk van schoon naar vuil.

b)

Werk van vuil naar schoon.

c)

Werk altijd van laag naar hoog

d)

Werk altijd snel .