wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Quizje voorkennis breuken

Total questions: 7

Worksheet time: 4mins

Name
Class
Date
1.

Door breuken kun je een deel van een heel getal opschrijven.

Wat is de naam van het bovenste gedeelte van een breuk?

a)

Aantal

b)

Noemer

c)

Teller

d)

Deler

2.

Wat is de naam van het onderste gedeelte van een breuk?

a)

Aantal

b)

Deler

c)

Teller

d)

Noemer

3.

Wat geeft het bovenste gedeelte van een breuk aan?

a)

het aantal waardoor is gedeeld

b)

het aantal hoeveel er is

4.

Wat geeft het onderste gedeelte van een breuk aan?

a)

het aantal waardoor is gedeeld

b)

het aantal hoeveel er is

5.

Breuken met verschillende noemers kunnen dezelfde waarde hebben. Deze breuken noem je gelijkwaardig (zie afbeelding).

Welk van onderstaande breuken is gelijkwaardig aan 14\frac{1}{4}  

a)

  23\frac{2}{3}  

b)

28\frac{2}{8}  

c)

25\frac{2}{5}  

d)

58\frac{5}{8}  

6.

Welke breuk is gelijk aan 1520\frac{15}{20}  ?

a)

1131\frac{1}{3}  

b)

34\frac{3}{4}  

c)

57\frac{5}{7}  

d)

45\frac{4}{5}  

7.

Bij alle oplossingen met een breuknotatie moet je de breuk zo ver mogelijk 'vereenvoudigen'.

Wat moet je bij 'vereenvoudigen' doen?... kies het meest nauwkeurige antwoord.

a)

je haalt de helen eruit en rekent de breuk om door boven en onder met hetzelfde getal op te tellen.

b)

je haalt de helen eruit en rekent de breuk om naar een zo klein mogelijke noemer door boven en onder met hetzelfde getal af te trekken.

c)

je haalt de helen eruit en rekent de breuk om naar een zo klein mogelijke noemer door boven en onder met hetzelfde getal te delen.

d)

je haalt de helen eruit en rekent de breuk om naar een zo klein mogelijke noemer door boven en onder met hetzelfde getal te vermenigvuldigen.