WorksheetsTaal actief 4 thema 5
Total questions: 25
Worksheet time: 16mins
Hoe heet de persoon die de bewegingen van de aardkorst onderzoekt?
aannemer
antropoloog
choreograaf
geoloog
Wat doe je als je moet evacueren?
Je blijft wachten tot er hulp komt
Je gaat naar een veilige plaats
Je kruipt in de kelder onder je huis
Na de aardbeving zitten er scheuren in de muren en de kraan lekt. Wat kun je van het huis zeggen?
Het is onweerstaanbaar
Het verkeert in een slechte toestand
Het wordt in beslag genomen
Welk woord gebruik je als je vanuit je gevoel reageert?
Euforisch
Helderziend
Instinctief
Vermaard
Kun je verklaren waarom optelefoneren een contaminatie is?
Wat betekent verklaren?
Bepalen
Duidelijk maken
Nagaan
Ontdekken
Het geluid van een tandartsboor is hard en vervelend om te horen.
Welke uitdrukking past hierbij?
Door merg en been gaan
De schade en schande wijs worden
Er een potje van maken
Leven in de brouwerij brengen
Onweer gaat vaak vergezeld van regen.
Hoe kun je deze zin anders zeggen?
Eerst komt het onweer opzetten, daarna is er vaak regen.
Er is vaak regen, maar er komt dan geen onweer.
Na regen komt vaak onweer.
Onweer en regen komen vaak samen voor.
Welke twee zinnen passen bij het lage drukgebied?
Het is een gebied in de lucht.
Het is een gebied op de grond.
Het is er vaak mooi weer.
Het is er vaak slecht weer.
Laten we het zekere voor het onzekere nemen en een paraplu meenemen.
Welke zin past bij het zekere voor het onzekere nemen?
Je doet onhandig
Je bent voorzichtig
Je wilt het graag
Als het gaat stormen, kiezen we het hazenpad.
Wat is een ander woord voor het hazenpad kiezen?
blijven
genieten
vluchten
weigeren
Maak van de zin een zin met een voltooid deelwoord.
Oma en opa komen op bezoek.
(a)
Maak van de zin een zin met een voltooid deelwoord.
Ik wacht op mijn kamer.
(a)
Maak van de zin een zin met een voltooid deelwoord.
In ontsnap aan oma's dikke zoenen.
(a)
Schrijf het onderwerp en het gezegde van de zin op.
Gisteren is de directeur van onze school opgestapt.
(a)
Schrijf het onderwerp en het gezegde van de zin op.
De school had een appeltje met de gemeente te schillen.
(a)
Schrijf het onderwerp en het gezegde van de zin op.
Na deze actie zijn ze weer met elkaar gaan praten.
(a)
Staat de zin in de voltooide of de onvoltooide tijd?
De hond wordt door zijn baasje aan een touwtje voortgetrokken.
voltooide tijd
onvoltooide tijd
Staat de zin in de voltooide of de onvoltooide tijd?
De spijkerbroek had te lange pijpen.
voltooide tijd
onvoltooide tijd
Staat de zin in de voltooide of de onvoltooide tijd?
Mijn vader is gisteren voor een maand op zakenreis vertrokken.
voltooide tijd
onvoltooide tijd
Welk woord hoort op de puntjes, kies uit die, dat of wat.
De auto ......... je daar ziet, is de onze.
die
dat
wat
Welk woord hoort op de puntjes, kies uit die, dat of wat.
Dit is het mooiste ...... ik ooit heb gezien!
die
dat
wat
Welk woord hoort op de puntjes, kies uit die, dat of wat.
Deze auto is iets ......... ik altijd al had willen hebben.
die
dat
wat
Hoe heet het punt in de aardkorst waar een beving begint?
(a)
In welke tijd staat deze zin?
Ze moesten de patiënt nog eens grondig onderzoeken.
onvoltooide tegenwoordige tijd
onvoltooide verleden tijd
voltooide tegenwoordige tijd
voltooide verleden tijd
Welk woord komt er op de puntjes?
de wind - de storm - ........
de bliksem
de natuurramp
de uitbarsting
de orkaan
