wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

kwaliteitszorg 4

Total questions: 15

Worksheet time: 1hrs 15mins

Name
Class
Date
1.

Benoem de STARRT begrippen.

4 lines
2.

Wat is een diagnose-receptmodel?

4 lines
3.

Omschrijf een valkuil van het diagnose-receptmodel. Het zijn er 2.

4 lines
4.

Wat wordt hier omschreven: Je helpt de ander door zelf na te denken over welke stappen hij het beste kan zetten op een bepaald moment in zijn leven.

a)

participatiemodel

b)

diagnose-receptmodel

5.

Bij welke fase van het participatiemodel hoort deze omschrijving: In de fase ga je met de ander de mogelijke oplossingen na.

a)

exploratieve fase

b)

probleemoplossende fase

6.

Benoem een valkuil van het participatiemodel. Het zijn er 5. Een daarvan is "De ander wil te snel naar een oplossing".

4 lines
7.

Benoem de 5 fase van gedragsverandering de eerste is ontkenning.

4 lines
8.

Welke fase van gedragsverandering wordt hier omschreven: De ander ervaart de nadelige gevolgen van zijn gedrag en staat open voor hulp.

a)

ontkenning

b)

overpeinzing

c)

beslissing

d)

actie

e)

handhaving

9.

Welke fase van gedragsverandering wordt hier omschreven: De ander begint aan zijn gedrag te twijfelen. De nadelen worden in deze fase vaak nog weggewimpeld.

a)

ontkenning

b)

overpeinzing

c)

beslissing

d)

actie

e)

handhaving

10.

Benoem 1 manier van houding tijdens een motiverend gesprek. Het zijn er 5. Een daarvan is "Je accepteert de ander volledig zoals hij is".

4 lines
11.

Benoem een valkuil bij motiverende gespreksvoering. Het zijn er 4. Een daarvan is "Je overvoert de ander met informatie".

4 lines
12.

Wat wordt hier omschreven: Iemand die je minder graag mag, ken je minder aardige eigenschappen toe

a)

halo-effect

b)

horn-effect

13.

Wat is interpreteren? Wat doe je dan?

4 lines
14.

Wat wordt hier omschreven: Letterlijk herhalen wat een ander heeft gezegd

a)

vooroordeel

b)

papegaaien

c)

bagatelliseren

d)

moraliseren

15.

Wat wordt hier omschreven: De ander vertellen wat juist gedrag is volgens jouw opvattingen

a)

vooroordeel

b)

papegaaien

c)

bagatelliseren

d)

moraliseren