wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Ordening en evolutie M3

Total questions: 15

Worksheet time: 12mins

Name
Class
Date
1.

Organismen worden in gedeeld in drie domeinen. Welke zijn dit?

a)

Eukaryoten en prokaryoten

b)

Eukaryoten, bacteriën en archaea

c)

Bacteriën, Archaea en schimmels

d)

Dieren, planten en schimmels

2.

Het domein eukaryoten delen we in drie rijken, welke?

a)

Dieren, planten, schimmels

b)

Bacterie en Archaea

c)

Vissen, mensen en planten

d)

Bacterien, dieren en planten

3.

De domeinen zetten we in groepen op basis van...

a)

Wel of geen celwand

b)

ze lopen, zwemmen of vliegen

c)

Wel of geen celkern

d)

Wel of geen DNA

4.

Rijken delen we in op basis van...

a)

Celkenmerken

b)

De grootte van de cel

c)

De hoeveelheid cellen

d)

Of ze kunnen lopen of niet.

5.

Plantencellen zijn kenmerkend vanwege...

a)

Vacuole en celwand

b)

Vacuole en bladgroenkorrels

c)

Bladgroenkorrels en celwand

d)

Celmembraan en celkern

6.

Je bent pas soortgenoot als je...

a)

...hetzelfde fenotype (uiterlijk) hebt

b)

...samen met elkaar optrekt.

c)

...nakomelingen voort kan brengen

d)

...vruchtbare nakomelingen voort kan brengen

7.

Teken een dierlijke cel en geef het celmembraan, cytoplasma en celkern aan.

8.

Wie heeft de evolutietheorie bedacht?

a)

Isaac Newton

b)

Tom Berkers

c)

Charles Darwin

d)

Cristiano Ronaldo

9.

Wat is genotype?

a)

De erfelijke eigenschappen van een organisme

b)

De zichtbare eigenschappen van een organisme

c)

Dat is een ander woord voor DNA

d)

Dat wil zeggen dat een organisme zich aanpast aan haar omgeving.

10.

Wat is evolutie?

a)

Een geleidelijke verandering van de aarde

b)

De verandering, ontwikkeling en het komen en gaan van organisme in de loop van miljoenen jaren.

c)

De manier om organismen te ordenen.

11.

Een organisme is aangepast aan de kleuren van de omgeving. Hoe noem je een dergelijk verdedigingsmechanisme?

a)

Variatie

b)

Schutkleur

c)

Genotype

d)

Evolutie

12.

In de afbeelding zie je een voorbeeld van...

a)

Isolatie

b)

Variatie

c)

Genotype

d)

Natuurlijke selectie

13.

Wat zijn rudimentaire organen?

a)

Organen die een dubbele functie hebben.

b)

Organen die geen functie meer hebben.

c)

Organen die sommige mensen wel hebben en sommige mensen niet.

d)

Organen die meer dan 2 functies hebben.

14.

Wat is een fossiel?

a)

Een oud versteende rest van een organisme.

b)

Een brandstof die gebruikt wordt om te verbranden.

c)

Een organisme die al miljoenen jaren als soort aanwezig is.

15.

Wat hebben alle organismen met elkaar gemeen?

a)

DNA is hetzelfde opgebouwd

b)

Ze hebben allemaal een celkern

c)

Allemaal meercellige organismen

d)

Ledematen en organen