wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

De Geo h.8 m1. Brazilië: Het land van de toekomst?

Total questions: 54

Worksheet time: 27mins

Name
Class
Date
1.
Wat is de juiste volgorde van de windrichtingen?
a)
Noord-West-Zuid-Oost
b)
Noord-Oost-Zuid-West
c)
West-Zuid-Noord-Oost
d)
Noord-West-Oost-Zuid
2.

Ik sta bij rood en loop naar groen. Welke richting loop ik op?

a)

Oosten

b)

Zuiden

c)

Zuidoosten

d)

Zuidwesten

3.

Als ik naar het noorden kijk, dan ligt het oosten ...

a)

achter mij

b)

aan mijn rechterhand

c)

aan mijn linkerhand

4.

Als ik naar het noorden kijk, dan ligt het westen ...

a)

achter mij

b)

aan mijn rechterhand

c)

aan mijn linkerhand

5.

Als ik naar het zuiden kijk, dan ligt het … aan mijn linkerkant.

a)

noorden

b)

oosten

c)

zuiden

d)

westen

6.

Zuid-Afrika is een:

a)

Centrumland

b)

Land in de periferie

c)

Ontwikkelingsland

d)

BRICS-land

7.

Grote verschillen tussen arm en rijk komen we veel tegen in:

a)

Brazilië

b)

Duitsland

c)

Hongarije

d)

Japan

8.

In ontwikkelde landen werken weinig mensen in de primaire sector omdat....

a)

Er weinig aan landbouw wordt gedaan

b)

Er veel buitenlandse arbeiders worden ingezet

c)

Er veel met machines wordt gewerkt

d)

Vrijwel alle landbouwproducten worden geïmporteerd vanuit het buitenland

9.
Wat is het bnp per hoofd van de bevolking?
a)

Het bnp is alle inkomsten van een land gedeeld door de beroepsbevolking.

b)

Het bnp is het gemiddeld inkomen van een land.

c)

Het bnp is alle inkomsten gedeeld door alle mensen die in een land wonen.

d)

Het bnp is het gemiddeld inkomen van de beroepsbevolking.

10.
Beoordeel de volgende stellingen. Welke is juist?
I De hoogte van het analfabetisme zegt iets over het welzijn in een land.
II Het percentage mensen dat in de landbouw werkt, zegt iets over de welvaart in een land.
a)
Alleen I is juist.
b)
Alleen II is juist.
c)
Beide zijn juist.
d)
Beide zijn onjuist.
11.

Noem een nadeel van het bnp

a)
De verschillende muntsoorten maken vergelijken lastig.
b)
Dit geeft niet aan of er grote verschillen in welvaart zijn.
c)

Landen met veel inwoners zullen een hoger bnp hebben

12.
 Welk van onderstaande landen is geen BRIC-land 
a)
Brazilië
b)
Rusland
c)
Indonesië
d)
China
13.

Wat betekent het woord krottenwijk? Kies de twee goede antwoorden.

a)

Een krottenwijk is een illegaal gebouwde wijk

b)

Een krottenwijk is voor mensen met weinig geld die toch in de stad willen wonen

c)

Een krottenwijk is een veilige wijk voor rijkere mensen

d)

Een krottenwijk is een nette wijk met goede winkels

14.

Wat betekent het begrip globalisering

a)

Het proces waarbij plaatsen in de wereld steeds meer met elkaar verbonden zijn

b)

Het proces waarbij plaatsen in de wereld steeds minder met elkaar praten

c)

Het proces waarbij landen zich meer richten op zichzelf

15.

in ontwikkelingslanden werken veel mensen in de landbouwsector

a)

Waar

b)

Niet waar

16.

In ontwikkelingslanden is een goede gezondheidszorg en kunnen de mensen de makkelijk naar het ziekenhuis.

a)

Waar

b)

Niet waar

17.

In ontwikkelingslanden werken veel mensen in de .......

a)

Landbouw

b)

Industrie

c)

Dienstensector

18.

Van welk klimaat of landschap zijn dit de kenmerken:

In het Noordwesten van Brazilië

Altijd warm en veel neerslag

Dichtbegroeid

a)

Tropisch Regenwoud

b)

Pantanal

c)

Savanne

d)

Steppe

19.

Van welk klimaat of landschap zijn dit de kenmerken:

Moerasgebied

Grensgebied met Bolivia en Paraguay

Staat deel van het jaar onder water

Dunbevolkt

a)

Tropisch Regenwoud

b)

Savanne

c)

Steppe

d)

Pantanal

20.

Van welk klimaat of landschap zijn dit de kenmerken

In het noordoosten van Brazilië

Droogst en heetst

Grassen en doornachtige struiken

Bevolkingsafname

a)

Steppe

b)

Pantanal

c)

Savanne

d)

Tropisch Regenwoud

21.

De bevolkingsspreiding in Brazilië is

a)

Gelijk

b)

Ongelijk

22.

Het grootste landschap in Brazilië is

a)

Steppe

b)

Tropisch Regenwoud

c)

Savanne

23.

Waar in Brazilië is de bevolkingsdichtheid het hoogst

a)

Zuidwesten

b)

Zuidoosten

c)

Noordoosten

d)

Noordwesten

24.

Favela is Braziliaans voor krottenwijk. Wat is een krottenwijk

a)

Nieuwbouwwijk

b)

Recyclewijk

c)

Een zelfbouwwijk

d)

Duurzamewijk

25.

Wat zorgt voor een hoog geboortecijfer?

a)

Jonge bevolking

b)

Grote bevolking

c)

Veel mensen in de stad

26.

Het urbanisatietempo is de snelheid waarmee de verstedelijking toeneemt

a)

Goed

b)

Fout

27.

Rio de Janeiro is een stad met een ........... urbanisatiegraad

a)

Hoge

b)

Lage

28.

Wat is juist?

a)

Brazilië heeft een lage bevolkingsdicht-heid in het binnenland

b)

Brazilië heeft een hoge bevolkingsdicht-heid in het binnenland

29.

Waardoor is in Brazilië de export enorm toegenomen?

a)

Globalisering

b)

De grote bevolking

c)

De grote jonge bevolking

d)

Veel mensen die verhuizen van het platteland naar de stad

30.

Welk landschap wordt er afgebeeld?

a)

Pantanal

b)

Tropisch Regenwoud

c)

Savanne

d)

Steppe

31.

Welke landschap wordt er afgebeeld?

a)

Tropisch Regenwoud

b)

Savanne

c)

Steppe

d)

Pantanal

32.

Welke landschap wordt er afgebeeld?

a)

Steppe

b)

Savanne

c)

Pantanal

d)

Tropisch Regenwoud

33.

Verschillen in welvaart tussen het ene en het andere gebied noemen we:

a)

Regionale ongelijkheid

b)

Sociale ongelijkheid

34.

Verschillen in welvaart tussen verschillende groepen mensen in een gebied noemen we:

a)

Sociale ongelijkheid

b)

Regionale ongelijkheid

35.

De meest welvarend regio in Brazilië is:

a)

Noordoosten

b)

Zuidoosten

c)

Noordwesten

36.

In de Braziliaanse provincie: Goias (midden Brazilië) is een rood vakje te zien het inkomen is daar dus meer dan 10.000.

Waarom?

a)

Door het aangename klimaat wonen hier veel oudjes met een dik pensioen.

b)

Dit is de hoofdstad, hier zijn veel goede banen.

c)

Hier zijn veel goudmijnen.

d)

Hier is veel biodiversiteit.

37.

Mensen in de arme delen van de stad wonen in:

a)

Zelfbouwwijken

b)

Favela's

c)

Gated community's

38.

Mensen in de rijke delen van de stad wonen in:

a)

Zelfbouwwijken

b)

Favela's

c)

Gated community's

39.

Wat laat deze kaart zien

a)

Sociale ongelijkheid

b)

Regionale ongelijkheid

40.

verstedelijkingsgraad is

a)

het aandeel van de totale bevolking dat in een stedelijke omgeving woont

b)

het aandeel van de totale bevolking dat in een landelijke omgeving woont

c)

het aandeel van de totale bevolking dat in een huis woont

d)

het aandeel van de totale bevolking dat werk heeft

41.

Sloppenwijken zijn

a)

rijke stadswijken met krotwoningen

b)

arme stadswijken met krotwoningen

c)

rijke stadswijken met deftige woningen

d)

arme stadswijken met deftige woningen

42.

Voor welk land staat de C uit de BRICS-landen

a)

Congo

b)

China

c)

Cambodja

d)

Canada

43.

Waar staat de B voor in de BRICS-landen?

a)

Bolivia

b)

Brazilië

c)

Brunei

d)

Beiroet

44.

Lowie zijn inkomen blijft gelijk, maar de prijzen stijgen... welk antwoord is juist?

a)

Lowie heeft meer koopkracht

b)

Lowie heeft minder koopkracht

45.

Wat is het bnp per inwoner van de bevolking?

a)

Het bnp/inwoner is alle inkomsten van een land gedeeld door de beroepsbevolking.

b)

Het bnp/inwoner is het gemiddeld inkomen van een land.

c)

Het bnp/inwoner is alle inkomsten gedeeld door alle mensen die in een land wonen.

d)

Het bnp/inwoner is het gemiddeld inkomen van de beroepsbevolking.

46.

Wat zijn de kenmerken van het tropisch regenwoud?

a)

Warm en vochtig gebied, veel soorten planten en bomen, etages, het hele jaar groen.

b)

Warm en droog gebied, veel soorten planten en bomen, etages, het hele jaar groen.

c)

Warm en vochtig gebied, weinig soorten planten en bomen, etages, er zijn seizoenen.

47.

Bekijk de foto van een stukje Braziliaans regenwoud goed. Wat kan je op deze foto zien. Beschrijf met je eigen woorden.

4 lines
48.

Was is de verbinding tussen bosbranden/ontbossing en klimaatverandering

a)

Niet genoeg dieren

b)

Meer CO2 aan de atmosfeer

c)

Minder papier

d)

Meer zuurstof

49.

Wat is ontbossing?

a)

De producten van bossen

b)

De vernietiging van bossen

c)

De beschermen van bossen

50.

Het tropisch regenwoud vind je in Brazilië vooral in:

a)

Het oosten

b)

Het westen

c)

Het zuiden

d)

Het noorden

51.

Wat is de grootste rivier in Brazilie?

a)

Xingu

b)

Belo Monte

c)

Itaipu

d)

Amazone

52.
Steenkool, aardgas en aardolie zijn.......brandstoffen.
a)
Natuurlijk
b)
Groene
c)
Oneindige
d)
Fossiele
53.

Wat is geen nadeel van een stuwdam?

a)

De levering van energie is ongelijk

b)

Akkers en dorpen lopen onder water

c)

Vissen kunnen geen gebruik meer maken van de rivier

d)

Handel over de rivier wordt bemoeilijkt

54.

Aan groene energie zoals windmolens, zonnepanelen, hydro-energie zitten geen nadelen

a)

Juist

b)

Onjuist