WorksheetsVwo idiom ch 1
Total questions: 14
Worksheet time: 10mins
Name
Class
Date
1.
Infatuated with
a)
verliefd zijn op
b)
klaar zijn met
c)
aangeslagen door
d)
vol zitten met
2.
Tenant
a)
bezwaarmaker
b)
huurder
c)
bieder
d)
kandidaat
3.
despicable
a)
verachtelijk
b)
vreselijk
c)
aantoonbaar
d)
zichtbaar
4.
to mourn
a)
berouwen
b)
bezuren
c)
treuren
d)
bewonderen
5.
affiliation
a)
overeenkomst
b)
verbondenheid
c)
steun
d)
hulp
6.
domestic
(a)
7.
spouse
(a)
8.
Innate
(a)
9.
obituary
a)
gelijkheid
b)
kansberekening
c)
baan om de aarde
d)
overlijdensbericht
10.
animosity
a)
enthousiasme
b)
vijandigheid
c)
plezier
d)
weerspannigheid
11.
puber
(a)
12.
kennis
(a)
13.
peer
a)
peer
b)
leeftijdsgenoot
c)
toffe gast
d)
hard schot
14.
lijken op
(a)
100 %
