wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

GTH2 5.1 Handel en nijverheid in de Republiek

Total questions: 10

Worksheet time: 8mins

Name
Class
Date
1.

Welke omschrijving past het beste bij nijverheid?

a)

Specialiseren in veeteelt.

b)

Graan oogsten van het land.

c)

Een grondstof bewerken tot een eindproduct.

2.
In Amsterdam worden allerlei goederen opgeslagen in pakhuizen. Vanuit daar worden ze verder verhandeld. Amsterdam is een...
a)
wereldstad
b)
beurs
c)
multinational
d)
stapelmarkt
3.
Een voorbeeld van een specerij is
a)
hout
b)
wol
c)
slaven
d)
kruidnagel
4.

Welke producten zijn grondstoffen en welke zijn luxe producten

a)

Wol

1.

Grondstof

b)

Hout

2.

Grondstof

c)

Lakens

3.

Luxeproduct

d)

Diamanten

4.

Luxeproduct

e)

Graan

5.

Grondstof

5.

Welke twee oorzaken waren er voor economische groei in Holland en Zeeland​ ​ (a)   ​ (b)  

Choose from the below words
Groeiende handel met het Oostzeegebied
Verovering Antwerpen
Groei van de nijverheid
Handelscontacten
Stapelmarkt
Droogleggen van meren
6.

Antwerpen was een belangrijke handelsstad

a)

Waar

b)

Niet waar

7.

Wat namen de protestantse kooplieden en ambachtslieden mee naar Amsterdam?

a)

Handelswaar

b)

Familie

c)

Geld, kennis en handelscontacten

d)

Het huis waar ze in woonden

8.

Wat is een stapelmarkt?

(a)  

9.

Wat zijn twee voorbeelden van handelskapitalisme?

a)

Het verdiende geld investeren in een grote partij wollen stoffen

b)

Het verdiende geld sparen en er een grachtenpand van kopen

c)

Je werkplaats verkopen en van de opbrengst gaan leven

d)

Mooie schilderijen kopen van het verdiende geld

e)

Van het verdiende geld snellere schepen bouwen

10.

Ik heb moeite met het leren van een geschiedenis toets.

a)

Ja, ik vind dit lastig, ik zou graag meer leertips willen

b)

Ja, ik vind dit lastig, maar het boeit me niet

c)

Nee, geschiedenis vind ik heel erg makkelijk