wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

De allerslimste hulpverlener - project 2M16

Total questions: 11

Worksheet time: 6mins

Name
Class
Date
1.

Hoeveel keer moet je pompen per cyclus?

a)

30

b)

60

c)

90

d)

120

2.

Hoe noemen we de plaats waar het micro-organisme vandaan komt?

a)

verspreidingsweg

b)

besmettingsbron

c)

ingangspoort

d)

ontvankelijke gastheer

3.

Wat zijn de basisprincipes voor een ergonomische werking?

a)

Sta stabiel, stimuleer zorgvrager tot medewerking, vermijd tillen.

b)

Werk zoveel mogelijk rechtopstaand, goed tillen en heffen, vermijd torsie in de rug.

c)

Ken je grenzen, gebruik bij tillen vooral de armen, werk zoveel mogelijk krom.

d)

Zet je bed nooit op hoogte, sta stabiel en ken je grenzen.

4.

Wat is het telefoonnummer van de ambulance?

a)

99

b)

110

c)

112

d)

116

5.

Wat is RSI?

a)

klachten en symptomen in de bovenrug (nek- schoudergebied) en uitstralend naar armen en polsen.

b)

klachten in de bovenbenen en de onderrug.

c)

Response symptoms from injury.

6.

Moet je je handen ontsmetten na het uittrekken van handschoenen?

a)

Ja

b)

Nee

7.

Wat moet je doen om de luchtweg te openen in een eerste hulpsituatie?

a)

Hoofdlift

b)

Neuslift

c)

Mondlift

d)

Kinlift

8.

Welke specifieke lift gebruik je bij een bedlegerige zorgvrager?

a)

actieve lift

b)

glijzeil

c)

passieve lift

d)

tillift

9.

Moet je altijd beademen tijdens het reanimeren?

a)

Ja

b)

Nee

10.

Wat is GEEN kenmerk of eigenschap van het ontsmetten van de handen?

a)

snelle werking

b)

micro organismen worden gedood door alcohol

c)

duurt minder lang

d)

micro organismen worden niet gedood

11.

Wat is de eerste stap van het 4 stappenplan bij het reanimeren ?

a)

beoordeel de toestand van het slachtoffer

b)

verwittig gespecialiseerde hulp

c)

zorg voor veiligheid

d)

reanimeren en defribilleren