wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Bevruchting & Bevalling

Total questions: 32

Worksheet time: 16mins

Name
Class
Date
1.

Welke geslachtscellen kunnen zelf bewegen?

a)

Zaadcellen

b)

Eicellen

2.

Welke geslachtscellen zijn het grootst?

a)

Zaadcellen

b)

Eicellen

3.

Waarvoor dient de opbouw van het baarmoederslijmvlies?

a)

Om bevruchting mogelijk te maken

b)

Om innesteling mogelijk te maken

c)

Om menstruatie mogelijk te maken

4.

Wanneer is een vrouw het meest vruchtbaar?

a)

Vlak na de menstruatie

b)

Vlak voor de menstruatie

c)

Vlak na de eisprong

d)

Vlak voor de eisprong

5.

Wat is de ovulatie

a)

Menstruatie

b)

Eisprong

c)

Eilancering

d)

Bevruchting

6.
 Met welke letter wordt de plek aangegeven waar een eicel wordt bevrucht?
a)
P
b)
Q
c)
S
d)
R
7.

Wat is bevruchting?

a)

de eicel en de zaadcellen treffen elkaar

b)

de kern van de eicel smelt samen met de kern van de zaadcel

c)

de eicel nestelt zich in het baarmoederslijmvlies

d)

de spermacel zwemt naar de eicel toe

8.

Er zijn verschillende fase bij de bevalling.

1 Uitdrijving.

2 Ontsluiting.

3 Nageboorte

Wat is de juiste volgorde tijdens een bevalling?

a)

1 - 2 - 3

b)

2- 3 - 1

c)

2- 1 - 3

d)

3 - 1 - 2

9.

Vinden bij een zwangere vrouw menstruatie plaats? En ovulatie?

a)

Zowel menstruatie als ovulatie

b)

Wel menstruatie maar geen ovulatie

c)

Wel ovulatie maar geen menstruatie

d)

Geen ovulatie en geen menstruatie

10.

Een eeneiige tweeling ontstaat uit....

a)

Een eicel en een zaadcel

b)

Een eicel en twee zaadcellen

c)

Twee eicellen en een zaadcel

d)

Twee eicellen en twee zaadcellen

11.

Wanneer spreken we van een embryo

a)

Tijdens de hele zwangerschap

b)

Na drie maanden van de zwangerschap

c)

De eerste 10 weken van de zwangerschap

d)

Wanneer de baby geboren is

12.

Wat is een foetus?

a)

Een embryo

b)

Een ongeboren baby vanaf 10 weken van de zwangerschap tot aan de geboorte

c)

Een ongeboren baby tot aan 3 maanden van de zwangerschap

d)

Een baby

13.

Wat is de duur van de zwangerschap?

a)

35 weken

b)

39 weken

c)

40 weken

d)

28 weken

14.
Roken is minder erg dan drinken tijdens een zwangerschap.
a)
Onzin, beide zijn ontzettend schadelijk voor een ongeboren kind.
b)
Klopt.
15.

Welke volgorde van levensfasen klopt?

a)

Baby - peuter - kleuter - schoolkind

b)

Baby - kleuter - peuter - schoolkind

c)

Peuter - baby - schoolkind - kleuter

16.

Een meisje kan al zwanger worden van de eerste keer seks

a)

waar

b)

niet waar

17.

Wanneer je klaar bent voor seks, is voor iedereen anders

a)

waar

b)

niet waar

18.

De meeste soa's gaan vanzelf over

a)

waar

b)

niet waar

19.

Als je een soa hebt, merk je dat altijd

a)

waar

b)

niet waar

20.

Als je jezelf goed wast na de seks, krijg je geen soa

a)

waar

b)

niet waar

21.

De pil beschermt ook tegen soa's

a)

waar

b)

niet waar

22.

Als een jongen niet klaarkomt tijdens de seks, kan een meisje toch zwanger worden

a)

waar

b)

niet waar

23.

Anticonceptiemiddelen zorgen ervoor dat een vrouw niet zwanger raakt.

a)

Juist

b)

Onjuist

24.

een condoom..

a)

kan meerdere malen gebruikt worden en gaat niet over de datum.

b)

kan maar één maal gebruikt worden en gaat niet over de datum.

c)

kan maar één maal gebruikt worden en gaat wel over de datum.

d)

kan meerdere malen gebruikt worden en gaat wel over de datum.

25.

Bij deze vorm van voortplanting smelten een eicel en een zaadcel samen.

a)

Geslachtelijke voortplanting

b)

Ongeslachtelijke voortplanting

c)

Hermafrodiet (tweeslachtig)

26.

Waarvoor dient de opbouw van het baarmoederslijmvlies?

a)

Om bevruchting mogelijk te maken

b)

Om innesteling mogelijk te maken

c)

Om menstruatie mogelijk te maken

27.

Wanneer is een vrouw het meest vruchtbaar?

a)

Vlak na de menstruatie

b)

Vlak voor de menstruatie

c)

Vlak na de eisprong

d)

Vlak voor de eisprong

28.

Welke vorm van geboorteregeling wordt hieronder beschreven

In de vruchtbare periode rond de eisprong hebben man en vrouw geen gemeenschap. Zeer onbetrouwbaar.

a)

Onderbroken geslachtsgemeenschap

b)

Periodieke onthouding

c)

Coïtus interruptus

29.

Twee uitspraken over de pil:

Gerdien zegt als je per ongeluk 1 dag de pil bent vergeten, je dan nog steeds betrouwbaar bent beschermd tegen zwangerschap.

Hans zegt dat de pil hormonen bevat.

Wie heeft /hebben gelijk

a)

Alleen Gerdien

b)

Alleen Hans

c)

Beide gelijk

d)

Beide ongelijk

30.

Wat is bevruchting?

a)

de eicel en de zaadcellen treffen elkaar

b)

de kern van de eicel smelt samen met de kern van de zaadcel

c)

de eicel nestelt zich in het baarmoederslijmvlies

d)

de spermacel zwemt naar de eicel toe

31.

Bij een gesteriliseerde vrouw rijpen er nog eicellen.

a)

Waar

b)

Niet waar

32.

Bij een sterilisatie wordt het volgende doorgeknipt/dichtgebonden

a)

Baarmoedermond

b)

Baarmoeder

c)

Eileider

d)

Eierstok