wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Quiz Geluid

Total questions: 17

Worksheet time: 10mins

Name
Class
Date
1.

Welke van de onderstaande is geen geluidsbron?

a)

Je stembanden

b)

Een luidspreker

c)

Een microfoon

d)

Een trommel

2.

Welke van de onderstaande is niet juist?

a)

Een geluidsbron maakt trillingen.

b)

Je trommelvlies trilt mee met de trillingen van geluid.

c)

Onderwater kun je niet horen.

d)

In de ruimte kun je niet horen.

3.

Waarom is er in de ruimte geen geluid?

a)

Er is geen tussenstof, waardoor het geluid zich niet kan verplaatsen

b)

De zon is zo luid dat je al het andere geluid niet kan horen.

c)

Er zijn geen geluidsbronnen.

d)

In de ruimte is geen zwaartekracht waardoor het geluid zich niet kan verplaatsen.

4.

Tijdens een feest kun je na een aantal minuten al gehoorschade oplopen. Hoe kun je dit voorkomen?

a)

Oordoppen in doen zodat minder geluid in je oren komt.

b)

Verder van de speaker af staan zodat het geluid zachter is.

c)

In een andere kamer staan waar de muziek zachter is.

d)

Alle drie de antwoorden zijn goed.

5.

Geluid heeft een volume en een frequentie. Met welke woorden drukken we deze uit?

a)

Volume in decibel (dB) en frequentie in Hertz (Hz).

b)

Volume in liter (L) en frequentie in Hertz (Hz).

c)

Volume in decibel (dB) en frequentie in kilometer per uur (km/h).

d)

Volume in liter (L) en frequentie in kilometer per uur (km/h).

6.

Vanaf hoeveel decibel kun je gehoorschade oplopen?

a)

Ongeveer 60 decibel (bijv. het geluid van een gesprek).

b)

Ongeveer 80 decibel (bijv. een vol restaurant).

c)

Ongeveer 100 decibel (bijv. een kroeg met muziek).

d)

Ongeveer 120 decibel (bijv. een brandweersirene).

7.

Bij een concert, feestje of club kan de muziek al gauw boven de 100 decibel worden. Hierbij krijg je permanente gehoorschade al na 15 minuten.

Beloof je me dat je oordoppen draagt tijdens concerten en feestjes?

a)

Ja

b)

Nee

8.

Geluid kan hoog of laag zijn. Hoe maakt een luidspreker een hogere toon?

a)

Door vaker per seconde te trillen.

b)

Door minder vaak per seconde te trillen.

c)

Door grotere trillingen te maken.

d)

Door kleinere trillingen te maken.

9.

Je kunt op drie manieren een hogere toon maken met een gitaar. Met welk antwoord maak je GEEN hogere toon?

a)

De snaar strakker spannen

b)

Een lichtere snaar aanslaan

c)

De snaar korter maken met je vingers

d)

De snaar harder aanslaan

10.

Wanneer de frequentie van een geluid hoger wordt, verandert ... van het geluid.

a)

de toonhoogte

b)

het volume

c)

de geluidsbron

d)

de tussenstof

11.

Wat is de eenheid van frequentie? Geef de afkorting.

(a)  

12.

Wat is de eenheid van geluidssterkte? Geef de afkorting

(a)  

13.

Om muizen te verjagen heb je apparaten die een hoge piep kunnen maken van tot wel 65 000 Hertz. Tot welke toonhoogte kunnen mensen ongeveer horen?

a)

20 Hertz

b)

200 Hertz

c)

2000 Hertz

d)

20 000 Hertz

14.

Wat betekent Hertz?

a)

Het aantal trillingen per seconde van geluid.

b)

De toonhoogte van geluid.

c)

Het volume van geluid.

d)

Het type geluidsbron.

15.

Hier zie je twee verschillende geluidsgolven, weergegeven door een oscilloscoop. Wat is het verschil tussen het linker en rechter geluid?

a)

Het volume van de rechter is hoger.

b)

Het volume van de rechter is zachter.

c)

De rechter heeft een hogere toon.

d)

De rechter heeft een lagere toon.

16.

Hier zijn twee geluidsgolven, weergegeven door een oscilloscoop. Hoe verschillen deze van elkaar?

a)

Het volume van de rechter is hoger.

b)

Het volume van de rechter is lager.

c)

De rechter heeft een hogere toon.

d)

De rechter heeft een lagere toon.

17.

Welke lijn geeft 1 golflengte weer?

a)

De paarse lijn

b)

De rode lijn

c)

De gele lijn

d)

De groene lijn