Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

H3 Weer en klimaat in de VS

Total questions: 44

Worksheet time: 20mins

Name
Class
Date
1.

Wat is van toepassing voor dit klimaat?

a)

De koudste maand is januari - deze plek ligt op het noordelijk halfrond.

b)

De koudste maand is juli- deze plek ligt op het noordelijk halfrond.

c)

De koudste maand is januari - deze plek ligt op het zuidelijk halfrond.

d)

De koudste maand is juli- deze plek ligt op het zuidelijk halfrond.

2.

Wat betekent klimaat?

a)

Het gemiddelde weer over een periode van 10 jaar.

b)

Het gemiddelde weer over een periode van 30 jaar.

c)

Het gemiddelde weer over een periode van 50 jaar.

d)

De toestand van de atmosfeer op een bepaald moment.

3.

In de foto zie je een voorbeeld van extensieve veeteelt

a)

Juist

b)

Onjuist

4.

Welke sector binnen de landbouw en andere voedselsectoren draagt het meest bij aan het bnp van de VS?

a)

primaire sector

b)

secundaire sector

c)

tertaire sector

5.

Welke uitspraak is juist

a)

De VS importeren meer landbouwproducten dan ze exporteren

b)

De VS importeert groente en fruit, omdat er meer vraag naar is dan ze zelf produceren

c)

De VS produceert weinig vlees

6.

Dit is een voorbeeld van arbeidsintensieve landbouw

a)

Juist

b)

Onjuist

7.

Dit is een voorbeeld van arbeidsintensieve landbouw

a)

Juist

b)

Onjuist

8.

In de secundaire sector worden kippen vermalen tot kipnuggets.

a)

Juist

b)

Onjuist

9.

De afkorting van Bruto Nationaal Product is ..

(a)  

10.

Het verkopen van producten aan het buitenland noem je

(a)  

11.

Het kopen van producten uit het buitenland noem je..

(a)  

12.

De meeste landarbeiders die in Amerika werken zijn geboren in Mexico en 60% van hen werkt (a)   in de V.S.

13.

Van welk gebied in de VS is deze foto

a)

Rocky Mountains

b)

Great Plains

c)

Centrale laagvlakte

d)

Great Basin

14.

Welk type akkerbouw zie je vooral in de centrale laagvlakte?

a)

Mais

b)

Tarwe

15.

Wat hoort NIET bij de Rocky Mountains

a)

Noord Zuid ligging

b)

Hooggebergte

c)

Oud gebergte

d)

Westen

16.

Ondanks dezelfde breedteligging wordt het in New York veel kouder dan Lissabon. Waarom?

a)

Lissabon ligt voor een gebergte en NY achter een gebergte

b)

NY heeft aanlandige wind en Lissabon een aflandige wind

c)

NY heeft een aflandige wind en Lissabon een aanlandige wind

17.

Welke windrichting heeft een matigende invloed op het klimaat in Nederland?

a)

Noorderwind

b)

Oostenwind

c)

Zuidenwind

d)

Westenwind

18.

Aan de ....?.... van een gebergte ontstaat .........

a)

Loefzijde, stuwingsneerslag

b)

Loefzijde, stijgingsneerslag

c)

Lijzijde, stuwingsneerslag

d)

Lijzijde, stijgingsneerslag

19.

Waarom heeft Miami een klein verschil tussen een zomer en winter temperatuur?

a)

Hoge breedteligging

b)

Lage breedteligging

c)

Veel aanlandige wind

d)

Veel aflandige wind

20.

Waardoor ontstaat een Tornado?

a)

Door veel verdamping boven de oceaan

b)

Door het botsen van koude en warme lucht

21.

Wanneer ontstaan de meeste orkanen

a)

Begin van de lente

b)

Begin van de zomer

c)

Eind van de zomer

d)

Eind van de herfst

22.

Ten westen van de 100 graden lengtecirkel is bijna alleen akkerbouw met irrigatie mogelijk

a)

Juist

b)

Onjuist

23.

Tornado's komen vaker voor dan orkanen.

a)

Juist

b)

Onjuist

24.

Vraag 1 - Welk land?

(a)  

25.

Vraag 3 - Welk land?

(a)  

26.

Vraag 5 - Welk land?

(a)  

27.

Vraag 7 - Welk land?

(a)  

28.

Vraag 9 - Welk land?

(a)  

29.

Welke foto hoort bij het landbouwtype 'veeteelt'?

a)
b)
c)
d)
e)
30.

Welke foto hoort bij het landbouwtype 'akkerbouw'?

a)
b)
c)
d)
e)
31.

Welke foto hoort bij het landbouwtype 'tuinbouw'?

a)
b)
c)
d)
32.

Welke twee begrippen passen bij 'gespecialiseerde landbouw'?

a)

Dure machines

b)

de boer is zelfvoorzienend (maakt enkel voedsel voor z'n gezin)

c)

De boer wil zoveel mogelijk winst behalen

d)

De boer heeft een klein stukje grond

33.

Wat betekent irrigatie?

a)

Gewassen besproeien op een kunstmatige manier

b)

Gewassen besproeien met regenwater

c)

De machines nemen we werk over

34.

Machines nemen hier het werk over.

Welk begrip past hier bij?

a)

Mechanisatie

b)

irrigatie

c)

Kunstmest

d)

Intensivering

35.

Welke foto hoort bij het landbouwtype 'akkerbouw'?

a)
b)
c)
d)
36.

Waar of niet waar?

Om zoveel mogelijk winst te maken, kan men het DNA van planten aanpassen. Zo groeien er bijvoorbeeld alleen maar 'perfecte' tomaten.

a)

Waar

b)

Niet waar

37.

Tegenwoordig kan men voedsel produceren op de droogste gronden. Waardoor is dit mogelijk?

a)

Mechanisatie

b)

irrigatie

c)

kunstmest

38.

De Rocky Mountains vind je in het oosten van de Verenigde Staten

a)

waar

b)

niet waar

39.

Het zeeklimaat vind je zowel aan de oostkust als de westkust?

a)

Waar

b)

Niet waar

40.

Het steppeklimaat vind je vooral in het....

a)

Midden van de VS

b)

Noorden van de VS

c)

Oosten van de VS

d)

Zuiden van de VS

41.

Het hooggebergteklimaat vind je voornamelijk bij de.....

a)

Sierra Nevada

b)

Central Valley

c)

Appalachen

d)

Rocky Mountains

42.

Welk soort landbouw komt het meest voor in de VS

a)

veeteelt

b)

tuinbouw en akkerbouw

c)

bosbouw

d)

visteelt

43.

Welke 2 buurlanden heeft de Verenigde Staten

a)

Hawaï en Mexico

b)

Canada en Mexico

c)

Bolivia en Canada

d)

Panama en Mexico

44.
Welke broeikasgas komt er vooral vrij door het storten van afval en de landbouw? 
a)
CO2
b)
Stikstof
c)
Methaan