wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Bevolking en Ruimte (NL, DU, CH)

Total questions: 46

Worksheet time: 23mins

Name
Class
Date
1.

Welke vorm heeft deze bevolkingsdiagram?

a)

Urn

b)

Kogel

c)

Pyramide

2.

Welke vorm heeft deze bevolkingsdiagram?

a)

Urn

b)

Kogel

c)

Pyramide

3.

Welke vorm heeft deze bevolkingsdiagram?

a)

Urn

b)

Kogel

c)

Pyramide

4.

Wat betekent het begrip vergrijzing?

a)

De bevolking bestaat dan uit veel oudere mensen

b)

De bevolking bestaat dan uit veel jongere mensen

c)

Er waren veel oude mensen maar er komen nu erg veel jongere mensen.

5.

Welke van de twee antwoorden past bij het begrip immigratie

a)

Mensen die in Nederland komen wonen

b)

Mensen die uit Nederland weggaan

6.

Welke zin past bij het begrip emigratie?

a)

Mensen die naar het buitenland toe verhuizen

b)

Mensen die naar een ander gebied in Nederland verhuizen

7.

De meeste Chinezen migreren naar het oosten voor de grote steden en het werk

a)

Juist

b)

Onjuist

8.

Een nadeel van eenkindpolitiek is...

a)

ontgroening

b)

vergrijzing

9.

Deze foto laat een nadeel van de eenkindpolitiek zien..

a)

Juist

b)

Onjuist

10.

Voor 1980 was China een kapitalistisch land

a)

Juist

b)

Onjuist

11.

Briljante studenten mogen zelfs naar het buitenland om er te gaan studeren. Drie van de vier studenten blijven er na hun studie wonen.

a)

Dit noem je braindrain

b)

Dit noem je een vertrekoverschot

c)

Dit noem je een vestigingsoverschot

12.

Wat is een megastad?

a)

Een stad met meer dan 1 miljoen inwoners

b)

Een stad met meer dan 10 miljoen inwoners

c)

Een stad met meer dan 100 miljoen inwoners

13.

Wat is een SEZ in China?

a)

Speciaal ecologische zone

b)

Speciaal economische zijstraat

c)

Speciaal economische zone

d)

Speciaal ecologische zijstraat

14.

Waarom had China de eenkindpolitiek ingevoerd.

a)

Omdat China houdt niet van Kinderen

b)

Vanwege de overbevolking

c)

Omdat ze toch allemaal 1 wilde krijgen

d)

Omdat er te weinig mensen waren.

15.

Wat is het meest welvarende deel van China?

a)

Noorden

b)

Oosten

c)

Zuiden

d)

Westen

16.

Waarom wonen de meeste mensen in het oosten van China

a)

Goede natuurlijke omstandigheden

b)

De beste natuurlijke omstandigheden

c)

De slechtste natuurlijke omstandigheden

d)

De minste natuurlijke omstandigheden.

17.

Wat is de hoofdstad van China?

a)

Hongkong

b)

Shanghai

c)

Beijing

d)

Shenzhen

18.

Urbaan is een ander woord voor

a)

Stad

b)

Platteland

19.

Ruraal is een ander woord voor

a)

Stad

b)

Platteland

20.

De periode na 1985 kenmerkt zich door

a)

Re-urbanisatie

b)

Urbanisatie

c)

Suburbanisatie

21.

Een voorziening heeft een minimum aantal klanten nodig om te kunnen bestaan

a)

Reikwijdte

b)

Drempelwaarde

c)

Verzorgingsgebied

22.

Welk begrip hoort hierbij: dalende geboortecijfers zorgen voor een lager aandeel jongeren

a)

vergrijzing

b)

levensverwachting

c)

ontgroening

23.

suburbanisatie komt later dan urbanisatie

a)

juist

b)

onjuist

24.

De bevolkingstoename tussen 1950 en nu was vooral het gevolg van ....

a)

De dalende sterftecijfers

b)

De natuurlijke bevolkingsgroei

c)

De afnemende emigratie

d)

De immigratie

25.

Waardoor wordt de vergrijzing in veel Europese landen zoals Nederland en Duitsland versterkt?

a)

De toenemende levensverwachting.

b)

De vestiging van gastarbeiders.

c)

De vestiging van economisch vluchtelingen.

d)

Het stijgende sterftecijfer.

26.
Het geboortecijfer gaat over het aantal levend geboren per ....
a)
10 inwoners
b)
100 inwoners
c)
1000 inwoners
d)
10000 inwoners
27.

In West-Berlijn kon tot 1989 geen suburbanisatie voorkomen. Waarom niet?

a)

door de strenge overheid

b)

het sterftecijfer lag heel hoog dus er was geen woningnood

c)

de Berlijnse Muur stond om West-Berlijn heen

d)

in het communistische westen waren mensen arm

28.

Het demografische transitiemodel geeft inzicht in:

a)

de natuurlijke bevolkingsgroei

b)

de sociale bevolkingsgroei

29.

Het Ruhrgebied en de Randstad hebben allebei een meerkernengroeimodel

a)

Juist

b)

Onjuist

30.

De Democratische Republiek Duitland was:

a)

democratisch

b)

communistisch

c)

Kapitalistisch

31.

Klik zinnen die waar zijn aan

a)

De grens tussen Oost en West lag dwars door Duitsland

b)

Berlijn werd communistisch

c)

Berlijn werd kapitalistisch

d)

Niet alleen Duitsland, maar ook Berlijn werd verdeeld

32.

Wat zijn oorzaken van de vergrijzing in Duitsland?

a)

Emigratie en immigratie

b)

Hoger geboortecijfer

c)

Hogere levensverwachting

d)

Lager geboortecijfer

e)

Lagere levensverwachting

33.

Wat wordt er door stedelijke vernieuwing verbeterd?

a)

Leefbaarheid

b)

Integratie

c)

Renovatie

34.
Wanneer was de val van de Berlijnse Muur?
a)
1945
b)
1961
c)
1984
d)
1989
35.

Wat zijn, qua bevolking, echte krimpregio's in Nederland?

a)

De Randstad

b)

Groningen en Drenthe

c)

Noord-Brabant en Limburg

d)

Flevoland en Gelderland

36.

Waar of niet waar. De Nederlandse bevolking groeit.

a)

Waar.

b)

Niet waar.

37.

Bekijk de afbeelding. Wat zien we hier?

a)

Saneren

b)

Restaureren

c)

Renoveren

38.

Met ongeveer hoeveel mensen nam de bevolking tussen 1850 en 2010 toe?

a)

Met 13 miljoen inwoners

b)

Met 17 miljoen inwoners

c)

Met 10 miljoen inwoners

d)

Met 7 miljoen inwoners

39.

Bevolkingsspreiding is ...

a)

...de manier waarop de bevolking over een land verdeed is.

b)

… de manier waarop de bevolking over een stad verdeeld is.

c)

...het aantal inwoners gedeeld door de oppervlakte van een land.

d)

… het aantal inwoners keer de oppervlakte van een land

40.

welke stad ligt niet in de Randstad?

a)

Amsterdam

b)

Haarlem

c)

Utrecht

d)

Amersfoort

41.

wat is het Groene Hart?

a)

De groene parken in de steden

b)

de polders en weilanden tussen de grote steden van de Randstad

c)

Het midden van de Randstad

d)

De plek waar Vinex wijken staan

42.

een agglomeratie is

a)

een ander woord voor een stad

b)

een ander woord voor een verstedelijkt gebied

c)

een stad met de randgemeenten eraan vast

d)

een ander woord voor Randstad

43.

wat betekent de blauwe kleur op het plaatje

a)

aantal Jongens

b)

aantal meisjes

c)

aantal immigraten

d)

aantal emigranten

44.

Er is in deze bevolkingsdiagram sprake van:

a)

Vergrijzing

b)

Ontgroening

c)

Sociale bevolkingsgroei

d)

Natuurlijke bevolkingsgroei

e)

Migratie

45.
Het sterfteoverschot is een ..... getal.
a)
Negatief
b)
Positief
46.
In welke fase van het demografische transitiemodel zit Nederland?
a)
Fase 2
b)
Fase 3
c)
Fase 4
d)
Fase 5