wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

SO De vrouw en Menstruatie

Total questions: 31

Worksheet time: 16mins

Name
Class
Date
1.

Bekijk de afbeelding.

Wat is de naam van deel 1?

a)

baarmoeder

b)

eileider

c)

trechter

d)

eierstok

2.

Bekijk de afbeelding.

Wat is de naam van deel 11?

a)

baarmoeder

b)

eileider

c)

trechter

d)

eierstok

3.

Bekijk de afbeelding.

Wat is de naam van deel 2?

a)

baarmoeder

b)

eileider

c)

trechter

d)

eierstok

4.

Bekijk de afbeelding.

Wat is de naam van deel 3?

a)

baarmoeder

b)

eileider

c)

trechter

d)

eierstok

5.

Bekijk de afbeelding.

Wat is de naam van deel 4?

a)

urineblaas

b)

urinebuis

c)

baarmoeder

d)

endeldarm

6.

Bekijk de afbeelding.

Wat is de naam van deel 6?

a)

urineblaas

b)

urinebuis

c)

baarmoeder

d)

endeldarm

7.

Bekijk de afbeelding.

Wat is de functie van deel 3?

a)

hierin groeit de baby

b)

hierin wordt urine tijdelijk opgeslagen

c)

hierin rijpen de eicellen

d)

dit is gevoelig voor seksuele prikkels

8.

Bekijk de afbeelding.

Wat is de functie van deel 2?

a)

hierin groeit de baby

b)

hierin wordt urine tijdelijk opgeslagen

c)

hierin rijpen de eicellen

d)

dit is gevoelig voor seksuele prikkels

9.

Bekijk de afbeelding.

Wat is de functie van deel 7?

a)

hierin groeit de baby

b)

hierin wordt urine tijdelijk opgeslagen

c)

hierin rijpen de eicellen

d)

dit is gevoelig voor seksuele prikkels

10.

Bekijk de afbeelding.

Wat is de functie van deel 8?

a)

hierin groeit de baby

b)

maken slijm waardoor de vagina gladder wordt

c)

deze liggen om de grote (buitenste) schaamlippen heen

d)

dit is gevoelig voor seksuele prikkels

11.

Wat is ovulatie?

a)

het afvoeren van baarmoeder- slijmvlies en bloed via de vagina

b)

het vrijkomen van een eicel uit de eierstok

c)

het ontwikkelen van een nieuwe diersoort

d)

een nabespreking

12.

Wat is menstruatie?

a)

het afvoeren van baarmoeder- slijmvlies en bloed via de vagina

b)

het vrijkomen van een eicel uit de eierstok

c)

het ontwikkelen van een nieuwe diersoort

d)

een nabespreking

13.

Wat is een ander woord voor ovulatie?

a)

eierstok

b)

menstruatie

c)

overgang

d)

eisprong

14.

Hoe vaak vindt een menstruatie plaats?

a)

1x per 2 weken

b)

1x per 4 weken

c)

1x per 6 weken

d)

1x per 8 weken

15.

Wat is de overgang?

a)

het vrijkomen van een eicel uit de eierstok

b)

het afvoeren van baarmoeder- slijmvlies en bloed uit de vagina

c)

dat je geen ovulaties en menstruaties meer hebt

d)

dat je net zwanger bent

16.

Bekijk de afbeelding.

Wat is de naam van deel 10?

a)

urineblaas

b)

urinebuis

c)

baarmoeder

d)

vagina

17.

Bekijk de afbeelding.

Wat is de naam van deel 7?

a)

clitoris

b)

urinebuis

c)

baarmoeder

d)

vagina

18.

Bekijk de afbeelding.

Wat is de functie van deel 1?

a)

hierin rijpen de eicellen

b)

hierin vindt de bevruchting plaats

c)

hierin groeit de baby

d)

gevoelig voor seksuele prikkels

19.

Bekijk de afbeelding.

Wat is de functie van deel 10?

a)

hier komt sperma in bij geslachtsgemeen- schap

b)

hierin vindt de bevruchting plaats

c)

hierin groeit de baby

d)

gevoelig voor seksuele prikkels

20.

Wat is het maagdenvlies?

a)

een randje weefsel aan het begin van de baarmoeder

b)

een randje weefsel aan het begin van de vagina

c)

een randje weefsel aan het begin van de eileider

d)

een randje weefsel aan het begin van de eierstok

21.

Wat is een ander omschrijving voor menstruatie?

a)

een ovulatie hebben

b)

ongesteld zijn

c)

erg chagrijnig zijn

d)

een orgasme hebben

22.

Wat is een menstruatie-cyclus?

a)

een menstruatie die langer duurt dan 5 dagen

b)

een menstruatie die nooit ophoudt

c)

een periode tussen twee opeenvolgende menstruaties

d)

de periode tussen de puberteit en de overgang

23.

Hoe lang duurt een menstruatie-cyclus?

a)

5 dagen

b)

21 dagen

c)

14 dagen

d)

28 dagen

24.

Wat vindt er plaats 14 dagen na het begin van de menstruatie?

a)

de overgang

b)

de ovulatie

c)

de menopauze

d)

ongesteld zijn

25.

Wat vindt er plaats 14 dagen na de ovulatie (als je niet zwanger raakt)?

a)

de overgang

b)

de ovulatie

c)

de menopauze

d)

de menstruatie

26.

Als een eicel niet wordt bevrucht, dan..

a)

wordt de eicel bewaard voor een volgende ovulatie

b)

wordt de eicel afgebroken

c)

wordt de eicel groter

27.

Wanneer is bij een vrouw de vruchtbare periode?

a)

rondom de menstruatie

b)

rondom de ovulatie

c)

rondom de overgang

28.

Hoe lang leeft een eicel na de ovulatie?

a)

12 uur

b)

24 uur

c)

12 tot 24 uur

d)

24 tot 36 uur

29.

Bekijk de afbeelding hiernaast. In de afbeelding is een menstruatie-cyclus afgebeeld. Op welke dag(en) vindt de menstruatie plaats?

a)

dag 1 t/m 5

b)

dag 9 t/m 16

c)

dag 14

d)

dag 6 t/m 8

30.

Bekijk de afbeelding hiernaast. In de afbeelding is een menstruatie-cyclus afgebeeld. Op welke dag(en) vindt de ovulatie plaats?

a)

dag 1 t/m 5

b)

dag 9 t/m 16

c)

dag 14

d)

dag 6 t/m 8

31.

Bekijk de afbeelding hiernaast. In de afbeelding is een menstruatie-cyclus afgebeeld. Op welke dag(en) is de vruchtbare periode?

a)

dag 1 t/m 5

b)

dag 9 t/m 16

c)

dag 14

d)

dag 6 t/m 8