Font size
WorksheetsMatch 3 - herhaling Thema 3 - Wiskunde
Total questions: 25
Worksheet time: 37mins
Welke breuk is net zo veel als 43 ?
127
2015
2012
4050
25−41
24
44
49
411
=125
=245
=126
=1446
21+32=
67
53
63
21
Vereenvoudig 2012 tot een basisbreuk.
54
53
106
32
In een fotoboek kunnen 80 foto's. 43 van het boek is al gevuld. Hoeveel foto's zitten er al in het boek?
Welk deel is hier gekleurd?
61
21
72
31
Wat is de noemer van deze breuk?
4
7
74
73 van 210 =
90
490
Gelijknamige breuken zijn breuken met eenzelfde ... .
(a)
Maak 73 en 32 gelijknamig.
Schrijf deze breuk als een kommagetal.
3/2
(a)
Welk kommagetal is
52 ?2,5
0,4
5,2
0,04
Schrijf deze breuk als een kommagetal.
3/4
(a)
81+41=...
82
83
43
61
143+47=...
(a)
Schrijf deze breuk als een kommagetal.
100538
(a)
103=
3,0
0,3
0,03
0,003
Schrijf dit kommagetal als een basisbreuk.
2,250
(a)
Welke breuk hoort bij 0,20?
1020
51
21
52
Welke breuk hoort bij 0,25?
21
31
41
51
Schrijf dit kommagetal als een basisbreuk.
1,25
(a)
Van de 1 200 000 kinderen in Vlaanderen gaan er elke dag 150 000 met een lege brooddoos naar school.
Welke basisbreuk komt overeen met het aantal kinderen dat met een lege brooddoos naar school gaat?
1200000150000
403
81
61
De leerkrachten organiseerden een spaghettiavond. Er werd € 1 500 ingezameld.
Ze besteden 203 van het geld aan borden, messen en lepels.
Met 53 van het geld voorzien ze alle leerlingen elke dag van verse soep met brood.
Hoeveel geld is er over?
(a)
125100 − 82 =
(a)
