wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Werkwoordspelling: tegenwoordige tijd

Total questions: 20

Worksheet time: 6mins

Name
Class
Date
1.

__ hij soms dat hij wereldberoemd is?

a)

Denk

b)

Denkt

c)

Denken

2.

__ jij wel eens een dier omdat je honger hebt?

a)

Dood

b)

Doodt

3.

Jij __ hem stevig vast, ik maak de boeien vast.

a)

hou

b)

houdt

c)

hout

4.

Ik __ dit jaar 50.

a)

wordt

b)

word

5.

Zij __ het hier ook niet zo gezellig.

a)

vind

b)

vindt

6.

Naar __ heeft onze ploeg gewonnen.

a)

verluid

b)

verluidt

7.

Moeder __ elke dag soep.

a)

kook

b)

kookt

8.

... toch eens op!

a)

Past

b)

Pas

9.

... de barbecue al?

a)

Brand

b)

Brandt

10.

Annika ... van Taylor Swift

a)

houd

b)

houdt

11.

Israël __ de Gazastrook.

a)

bezed

b)

bezet

c)

bezett

12.

... je dat ik al uren op je wacht?

a)

Besef

b)

Beseft

13.

... jij ook dat het morgen gaat regenen?

a)

Vermoed

b)

Vermoedt

14.

Hij ... elke week 3 konijnen.

a)

dood

b)

doodt

15.

Hij ... filmregisseur worden.

a)

wilt

b)

wil

c)

wild

16.

Jij ... om 8u op de training verwacht.

a)

wordt

b)

word

17.

Neem alle borstels die je in de kast ...

a)

vind

b)

vindt

18.

... je de ooievaar gezien?

a)

Heb

b)

Hebt

c)

Heeft

19.

... ik nu gediskwalificeerd?

a)

Word

b)

Wordt

20.

... dat we morgen om 10u hebben afgesproken!

a)

Onthoud

b)

Onthoudt