Font size
WorksheetsImparfait
Total questions: 18
Worksheet time: 6mins
Vervoeg in de imparfait: (chanter, vous)
(a)
Vervoeg in de imparfait: (entendre, ils)
(a)
Vervoeg in de imparfait: (choisir, tu)
(a)
Vervoeg in de imparfait: (aimer, on)
(a)
Vervoeg in de imparfait: (finir, nous)
(a)
Vervoeg in de imparfait: (perdre, je)
(a)
Vervoeg in de imparfait: (avoir, elles)
(a)
Vervoeg in de imparfait: (mettre, vous)
(a)
Vervoeg in de imparfait: (être, tu)
(a)
Vervoeg in de imparfait: (pouvoir, nous)
(a)
Vervoeg in de imparfait: (vouloir, il)
(a)
Vertaal in het Nederlands: j'habitais
(a)
Vertaal in het Nederlands: on attendait
(a)
Vertaal in het Nederlands: nous vendions
(a)
Vertaal in het Frans: u bloosde
(a)
Vertaal in het Frans: zij was
(a)
Vertaal in het Frans: zij (vmv) luisterden
(a)
Vertaal in het Frans: jij beantwoordde
(a)
