Wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Taaltoets 1 - V1

Total questions: 26

Worksheet time: 14mins

Name
Class
Date
1.

Wat is een bijvoeglijk naamwoord?

a)

Dat zegt iets over een ander woord.

b)

Dat zegt iets over een werkwoord.

c)

Dat zegt iets over de staat van de zin.

d)

Dat zegt iets over een zelfstandig naamwoord.

2.

Waar is een bijvoeglijk naamwoord vetgedrukt?

a)

Die lieve hond poepte op straat.

b)

Die lieve hond poepte op straat.

c)

Die lieve hond poepte op straat.

d)

Die lieve hond poepte op straat.

3.

In welke zin is het zelfstandig naamwoord vetgedrukt?

a)

Die lieve hond poepte op straat.

b)

Die lieve hond poepte op straat.

c)

Die lieve hond poepte op straat.

d)

Die lieve hond poepte op straat.

4.

In welke zin is het zelfstandig werkwoord vetgedrukt?

a)

Die lieve hond poepte op straat.

b)

Die lieve hond poepte op straat.

c)

Die lieve hond poepte op straat.

d)

Die lieve hond poepte op straat.

5.

Waar is het bepaalde lidwoord vetgedrukt?

a)

Heeft het leuke jongetje haar gepest?

b)

Heeft het leuke jongetje haar gepest?

c)

Heeft het leuke jongetje haar gepest?

d)

nergens

6.

Waar is een zelfstandig naamwoord eigennaam, vetgedrukt?

a)

In het café 'De halve maan', wordt wekelijks opgetreden.

b)

In het café 'De halve maan', wordt wekelijks opgetreden.

c)

In het café 'De halve maan', wordt wekelijks opgetreden.

d)

nergens

7.

Waar is een bijwoord vetgedrukt?

a)

Hey, ga je mee, want ik weet een heel grote speeltuin.

b)

Hey, ga je mee, want ik weet een heel grote speeltuin.

c)

nergens

d)

Hey, ga je mee, want ik weet een heel grote speeltuin.

8.

Heb jij het nieuwe spel van Pokémon ook al gespeeld?

Welke woordsoort is 'heb'?

a)

lidwoord

b)

werkwoord

c)

bijvoeglijk naamwoord

d)

zelfstandig naamwoord

9.

Heb jij het nieuwe spel van Pokémon ook al gespeeld?

Welke woordsoort is 'het'?

a)

lidwoord

b)

werkwoord

c)

bijvoeglijk naamwoord

d)

zelfstandig naamwoord

10.

Heb jij het nieuwe spel van Pokémon ook al gespeeld?

Welke woordsoort is 'nieuwe'?

a)

lidwoord

b)

werkwoord

c)

bijvoeglijk naamwoord

d)

zelfstandig naamwoord

11.

Heb jij het nieuwe spel van Pokémon ook al gespeeld?

Welke woordsoort is 'spel'?

a)

lidwoord

b)

werkwoord

c)

bijvoeglijk naamwoord

d)

zelfstandig naamwoord

12.

Heb jij het nieuwe spel van Pokémon ook al gespeeld?

Welke woordsoort is 'Pokémon'?

a)

lidwoord

b)

werkwoord

c)

bijvoeglijk naamwoord

d)

zelfstandig naamwoord

13.

Heb jij het nieuwe spel van Pokémon ook al gespeeld?

Welke woordsoort is 'gespeeld'?

a)

lidwoord

b)

werkwoord

c)

bijvoeglijk naamwoord

d)

zelfstandig naamwoord

14.

De politie denkt dat mijn oudste broer lid is van een criminele bende.

Hoeveel bijvoeglijke naamwoorden bevat deze zin?

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

15.

De politie denkt dat mijn oudste broer lid is van een criminele bende.

Hoeveel zelfstandige naamwoorden bevat deze zin?

a)

1

b)

2

c)

3

d)

4

16.

Volgens mij is die lopende man de dief.

Wat is in deze zin het werkwoord?

(a)  

17.

De gelopen afstand was in totaal 14 kilometer.

Wat is in deze zin het bijvoeglijk naamwoord?

(a)  

18.

In welke zin is een bijvoeglijk naamwoord dikgedrukt?

a)

Die gekke hond poepte in de tuin.

b)

Die gekke hond poepte in de tuin.

c)

Die gekke hond poepte in de tuin.

d)

Die gekke hond poepte in de tuin.

19.

In welke zin is een zelfstandig naamwoord (eigennaam) vetgedrukt?

a)

nergens

b)

In het café 'Het Rode Hert' wordt maandelijks opgetreden.

c)

In het café 'Het Rode Hert' wordt maandelijks opgetreden.

d)

In het café 'Het Rode Hert' wordt maandelijks opgetreden.

20.

Benoem het onderstreepte woordsoort in de zin.

De felblauwe raceauto rijdt als een speer.

(a)  

21.

Benoem het onderstreepte woordsoort in de zin.

De wedstrijd van Max Verstappen was spannend.

(a)  

22.

Benoem het onderstreepte woordsoort in de zin.

De honden renden tijdens de wedstrijd naar de streep.

(a)  

23.

Benoem het onderstreepte woordsoort in de zin.

Tegenwoordig is op alle dancefeesten beveiliging aanwezig.

(a)  

24.

Benoem het onderstreepte woordsoort in de zin.

Uw bestelling is vandaag verzonden en u kunt deze via track-and-trace volgen.

(a)  

25.

Benoem het onderstreepte woordsoort in de zin.

In Amsterdam gingen we 's avonds naar een voorstelling.

(a)  

26.

Benoem het onderstreepte woordsoort in de zin.

In Amsterdam gingen we 's avonds naar een voorstelling.

(a)