wayground logo

Free Printable Worksheets

NEW

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

Quiz lesstof week 1

Total questions: 10

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.

Welke 2 bekende definities bestaan er van het begrip beleid?

a)

Beleid is een vastomlijnd plan zonder ruimte voor interpretatie of aanpassing

b)

Beleid is enkel een document waarin regels worden opgeschreven

c)

Beleid is het streven naar het bereiken van bepaalde doeleinden met bepaalde middelen en bepaalde tijd keuzen en beleid is een politiek bekrachtigd plan

2.

Wat is een juist voorbeeld van doelen van beleid?

a)

Bevorderen van welvaart en rechtvaardiger inrichten van de samenleving

b)

Het doel van een beleid is om alle problemen direct op te lossen

c)

Het doel van een beleid is om iedereen tevreden te stellen

3.

Wat betekend het begrip decentralisatie (einde verzorgingsstaat)?

a)

De overheid neemt de taken van zorg en welzijn van de burgers op zich (actieve rol) en er wordt lokaal bestuurt

b)

De overheid draagt de verantwoordelijkheid van de burgers hun welzijn over aan gemeenten, er wordt lokaal bestuurt

c)

De overheid doelt op de zelfredzaamheid en veerkracht van het individu, er wordt lokaal bestuurt, de gemeente is verantwoordelijk voor zorg en welzijn

d)

De overheid neemt de taken van zorg en welzijn van de burgers op zich (actieve rol) en er wordt nationaal bestuurt

4.

Waarom was het einde van de verzorgingsstaat (vanaf 1980) noodzakelijk?

a)

De overheid ervaarde geldzorgen, de burgers werden steeds afhankelijker en waren minder zelf reddend

b)

Betutteling van de burgers, onbeheersbare kosten (uitkeringen), sociale passiviteit van de burgers, welzijnscriminaliteit

c)

De overheid ervaarde geldzorgen, burgers hun welzijn ging harder achteruit dan voorheen en werden passiever (niet meer zelfredzaam geen veerkracht meer)

d)

Betutteling van de burgers, onbeheersbare kosten (uitkeringen), sociale passiviteit van de burgers

5.

Wat is het belangrijkste doel van preventie in sociaal werk volgens Linders (2019)?

a)

Het voorkomen dat mensen vastlopen op cruciale levensgebieden en het bieden van ondersteuning bij het vinden van een aanvaardbaar evenwicht in het dagelijks leven, zodat situaties niet verslechteren of onbeheersbaar worden

b)

Het doel van preventie in sociaal werk is om direct ingrijpen te voorkomen en alleen hulp te bieden wanneer een situatie al kritiek is

c)

Preventie in sociaal werk richt zich voornamelijk op het tijdelijk ondersteunen van cliënten zonder lange termijn strategieën of plannen

d)

Het belangrijkste doel van

preventie is om cliënten volledig zelfstandig te maken zonder verdere ondersteuning van sociaal werkers

6.

Wat houdt de transformatie van sociaal werk in volgens Bredewold e.a. (2018)?

a)

Sociaal werkers houden zich uitsluitend bezig met het oplossen van problemen na de opkomst van ernstige situaties, zonder preventieve maatregelen of ondersteuning van netwerken.

Het betekent dat sociaal werkers zich alleen richten op administratieve taken en het verminderen van bureaucratie, zonder verdere betrokkenheid bij de directe ondersteuning van mensen en hun netwerken

b)

De transformatie van sociaal werk betekent dat sociaal werkers minder afhankelijk worden van informele netwerken en zich richten op de ontwikkeling van formele zorginstellingen en instellingen voor sociaal werk

c)

Sociaal werkers doen meer beroep op de eigen draagkracht van mensen en hun sociale netwerken, met focus op nabijheid en outreachend werken, het activeren van informele netwerken, om preventie en vroegtijdige signalering van problemen te bevorderen.

d)

Transformatie in sociaal werk betekent dat sociaal werkers zich alleen richten op administratieve taken en het verminderen van bureaucratie, zonder verdere betrokkenheid bij de directe ondersteuning van mensen en hun netwerken.

7.

Wat is het netwerkmodel in het beleidsproces?

a)

Een model waarin beleid ontwikkeld wordt door de overheid zonder invloed van externe partijen

b)

Een model waarbij verschillende partijen in een beleidsnetwerk samen beleid ontwikkelen vanuit een gelijkwaardige positie

c)

Een model waarin alleen de volksvertegenwoordiging besluiten neemt over beleid zonder inspraak van andere actoren

8.

Benoem de juiste volgorde van de beleidscyclus:

a)

1.Agendavorming

2.Beleidsbepaling

3.Beleidsvoorbereiding 4.Beleidsuitvoering

5.Beleidsevaluatie

b)

1.Beleidsbepaling

2.Beleidsvoorbereiding 3.Agenda vorming 4.Beleidsuitvoering 5.Beleidsevaluatie

c)

1.Agendavorming

2.Beleidsvoorbereiding

3.Beleidsbepaling

4.Beleidsuitvoering

5.Beleidsevaluatie

9.

Binnen de functie ‘Positioneren en profileren’ van de beroepscode wordt er gesproken over de professionele autonomie. Wat wordt hier binnen de context precies mee bedoelt?

a)

Het opleggen van vastgelegde normen en waarden vanuit de professional richting de desbetreffende doelgroep met als doel het vertrouwen onderling te verbeteren

b)

Het zichzelf opleggen van een stelsel van normen die individuen en de samenleving als geheel het vertrouwen geeft dat professionals zich in de dagelijkse praktijk laten leiden door ethische uitgangspunten

c)

Het de maatschappij opleggen van een stelsel van normen en waarden die individuen en professionals het vertrouwen geeft dat de beroepsgroep zich in de dagelijkse praktijk laten leiden door ethische uitgangspunten

d)

Het recht hebben om als beroepsgroep en professional zelf besluiten vanuit de opgedane kennis te kunnen maken richting de desbetreffende doelgroep

10.

Welke van de onderstaande antwoordopties is niet correct binnen het thema ‘Complexiteit door ecologische crisis’ (blz. 36)?

a)

Mensen krijgen te maken internationale, nationale en lokale maatregelen die alle duurzaamheid betreffen

b)

Energiearmoede kan ontstaan door hogere kosten van energie, eisen en problemen rond voedsel, bouwen en wonen

c)

Mensen in kwetsbare situaties worden door een ecologische crisis vaak het eerst en meest geraakt

d)

Het is niet van belang om direct mensen die te maken krijgen met maatregelen en de effecten ervan te informeren, betrekken en bepaalde invloed te geven