wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

bvj kgt 1Thema 1 planten en dieren bs 1-4

Total questions: 76

Worksheet time: 3620secs

Name
Class
Date
1.

Is deze bloesemtak levend, dood of levenloos?

a)

Levend

b)

Dood

c)

Levenloos

2.

Welk levensverschijnsel zie je hier?

a)

Voortplanten

b)

Groeien

c)

Waarnemen

d)

Uitscheiden

3.

Is Filet American levend, dood of levenloos?

a)

Levend

b)

Dood

c)

Levenloos

4.

Welk levensverschijnsel zie je hier?

a)

Voeden

b)

Bewegen

c)

Voortplanten

d)

Groeien

5.

Zijn paddenstoelen levend, dood of levenloos?

a)

Levend

b)

Dood

c)

Levenloos

6.

Welk levensverschijnsel zie je hier?

a)

Voeden

b)

Bewegen

c)

Voortplanten

d)

Groeien

7.

Is dit flesje levend, dood of levenloos?

a)

Levend

b)

Dood

c)

Levenloos

8.

Welk levensverschijnsel zie je hier?

a)

Bewegen

b)

Waarnemen

c)

Groeien

d)

Uitscheiden

9.

Is een konijn levend, dood of levenloos?

a)

Levend

b)

Dood

c)

Levenloos

10.

Welk levensverschijnsel zie je hier?

a)

Bewegen

b)

Waarnemen

c)

Groeien

d)

Uitscheiden

11.

Is keukenpapier levend, dood of levenloos?

a)

Levend

b)

Dood

c)

Levenloos

12.

Welk levensverschijnsel zie je hier?

a)

Ademhalen

b)

Voeden

c)

Uitscheiden

d)

Bewegen

13.

Is een robot levend, dood of levenloos?

a)

Levend

b)

Dood

c)

Levenloos

14.

Welk levensverschijnsel zie je hier?

a)

Bewegen

b)

Waarnemen

c)

Groeien

d)

Uitscheiden

15.

Is dit gebraden kippetje levend, dood of levenloos?

a)

Levend

b)

Dood

c)

Levenloos

16.

De zon is een organisme

a)

juist

b)

onjuist

17.

Ontwikkeling is het veranderen van bouw, vorm en leefwijzen van organismen

a)

juist

b)

onjuist

18.

Wat is de naam van deel 7?

a)

De navel

b)

De zaadhuid

c)

Het poortje

d)

De zaadlob

19.

Wat is de functie van onderdeel 6

a)

opslaan van reservevoedsel

b)

Opnemen van water

c)

Beschermen van het zaad

d)

Hiermee zat het zaad aan de moederplant

20.

Welk onderdeel heeft de volgende functie:

Het opnemen van water

a)

De navel

b)

Het poortje

c)

De zaadlab

d)

De kiem

21.

Een koper standbeeld op een plein is..

a)

levenloos

b)

dood

c)

levend

22.

Wat betekent het woord Biologie

a)

De leer van dieren

b)

De leer van het leven

c)

Het vak van het leven

d)

Planten en dieren

23.

Kruis alleen levenskenmerken aan

a)

Ademhalen

b)

Huilen

c)

Voeden

d)

Waarnemen

e)

Lopen

24.

Een omgevallen boom is...

a)

Dood

b)

Levend

c)

Levenloos

25.

Wat is groeien?

a)

Het langer en zwaarder worden van een organisme

b)

Het zwaarder worden van een organisme

c)

Het groter en zwaarder worden van een organisme

d)

Het langer en breder worden van een organisme

26.

wat is de functie van de zaadhuid?

a)

Water opnemen

b)

Beschermen van het zaad

c)

Helpt de zaad bij het kiemen

d)

Het heeft geen functie

27.

Veranderingen in de bouw van een organisme noemen we

a)

Groeien

b)

Aanpassen

c)

Ontwikkeling

d)

Ziekte

28.

Welke levensverschijnselen vertoont een plant?

a)

Voeden

b)

Groeien

c)

Voortplanten

d)

Uitscheiden

29.

Water is .....

a)

levenloos

b)

dood

c)

levend

30.

Het groter en zwaarder worden van een organisme noemen we

a)

ontwikkeling

b)

groeien

c)

metamorfose

d)

ontkiemen

31.

Verandering in de bouw (uiterlijk) van een organisme heet .............

a)

groei

b)

ontwikkeling

c)

uitscheiding

d)

waarnemen

32.

Welke twee levenskenmerken hebben te maken met "reageren op de omgeving"?

a)

ademhalen

b)

voeden

c)

uitscheiden

d)

waarnemen

e)

bewegen

33.

- Appelmoes in een pot is

a)

levenloos

b)

dood

c)

levend

34.
Iets wat  geleefd heeft ,noemen we .....
a)
levend
b)
levenloos
c)
dood
d)
bewegend
35.

Welke levensverschijnselen vertoont een plant?

a)

Voeden

b)

Groeien

c)

Voortplanten

d)

Uitscheiden

36.
Wat is geen levenskenmerk?
a)
Voeden
b)
Bewegen
c)
Slapen
d)
Voortplanten
37.
Uit een kiem groeit een nieuwe plant.
a)
Waar
b)
Niet waar
38.
Hoeveel zaadlobben heeft een bruine boon?
a)
één
b)
twee
c)
drie
d)
vier
39.

Als een boom elk jaar groeit en zwaarder wordt, noem je dat ontwikkeling.

a)

ja

b)

nee

40.

Met welk nummer is de navel aangegeven?

a)

nummer 1

b)

nummer 2

c)

nummer 3

d)

nummer 4

41.

Wat is een goed voorbeeld van motorische ontwikkeling?

a)

Een schoolkind dat leert te schrijven.

b)

Een puber die in de groeispurt zit.

c)

Een adolescent die zelfstandig wordt.

d)

Een bejaarde die zijn wijsheid deelt.

42.

Welke levensfase komt er na puber?

a)

volwassene

b)

adolescent

c)

peuter

d)

baby

43.

Tot welke levensfasen behoor je als je tussen de 4 en de 6 jaar oud bent?

a)

peuter

b)

kleuter

c)

schoolkind

44.

Wat voor soort ontwikkeling is leren lezen?

a)

Motorische ontwikkeling

b)

Geestelijke ontwikkeling

c)

Lichamelijke ontwikkeling

45.

Jongens krijgen baardgroei, dit is een voorbeeld van

a)

lichamelijke ontwikkeling

b)

motorische ontwikkeling

c)

geestelijke ontwikkeling

46.

Een kleuter leert een blokkentoren bouwen

a)

lichamelijke ontwikkeling

b)

motorische ontwikkeling

c)

geestelijke ontwikkeling

47.

Wat is groei?

a)

Het groter en zwaarder worden van een organisme

b)

Het langer worden van een organisme

c)

Het groter worden van een organisme

48.

Pubers hebben vaak het gevoel dat ze bij een groep willen horen. Wat voor soort ontwikkeling is dit?

a)

lichamelijke ontwikkeling

b)

geestelijke ontwikkeling

c)

motorische ontwikkeling

d)

groei

49.

Wat is een goed voorbeeld van motorische ontwikkeling?

a)

Een schoolkind dat leert te schrijven.

b)

Een puber die in de groeispurt zit.

c)

Een adolescent die zelfstandig wordt.

d)

Een bejaarde die zijn wijsheid deelt.

50.

Welke levensfase komt er na puber?

a)

volwassene

b)

adolescent

c)

peuter

d)

baby

51.

Tot welke levensfasen behoor je als je tussen de 4 en de 6 jaar oud bent?

a)

peuter

b)

kleuter

c)

schoolkind

52.

Wat voor soort ontwikkeling is leren lezen?

a)

Motorische ontwikkeling

b)

Geestelijke ontwikkeling

c)

Lichamelijke ontwikkeling

53.

Jongens krijgen baardgroei, dit is een voorbeeld van

a)

lichamelijke ontwikkeling

b)

motorische ontwikkeling

c)

geestelijke ontwikkeling

54.

Een kleuter leert een blokkentoren bouwen

a)

lichamelijke ontwikkeling

b)

motorische ontwikkeling

c)

geestelijke ontwikkeling

55.

Wat is groei?

a)

Het groter en zwaarder worden van een organisme

b)

Het langer worden van een organisme

c)

Het groter worden van een organisme

56.

Pubers hebben vaak het gevoel dat ze bij een groep willen horen. Wat voor soort ontwikkeling is dit?

a)

lichamelijke ontwikkeling

b)

geestelijke ontwikkeling

c)

motorische ontwikkeling

d)

groei

57.

Een mensenleven bestaat uit ... fasen

a)

6

b)

7

c)

8

d)

9

58.

Ik moet nog 5 jaar werken voor ik op pensioen mag, ik ben een....

a)

Adolecent

b)

Volwassenen

c)

Bejaarde

d)

Schoolkind

59.

Ik kan niet goed lopen want mijn knieën doen pijn. Ik ben een....

a)

Baby

b)

Bejaarde

c)

Kleuter

d)

Peuter

60.

Ik leer lezen, schrijven en rekenen. Ik ben een...

a)

Peuter

b)

Kleuter

c)

Schoolkind

d)

Puber

61.

Hoeveel groeispurten komen er voor in de levenscyclus van de mens?

a)

1

b)

2

c)

3

d)

geen

62.

Ik leer fietsen zonder zijwieltjes, ik ben een.

a)

Kleuter

b)

peuter

c)

schoolkind

d)

bejaarde

63.

Welke levensfase komt er na puber?

a)

volwassene

b)

adolescent

c)

peuter

d)

baby

64.

Tot welke levensfasen behoor je als je tussen de 4 en de 6 jaar oud bent?

a)

peuter

b)

kleuter

c)

schoolkind

65.

Wat voor soort ontwikkeling is leren lezen?

a)

Motorische ontwikkeling

b)

Geestelijke ontwikkeling

c)

Lichamelijke ontwikkeling

66.

Jongens krijgen baardgroei, dit is een voorbeeld van

a)

lichamelijke ontwikkeling

b)

motorische ontwikkeling

c)

geestelijke ontwikkeling

67.

Wat is groei?

a)

Het groter en zwaarder worden van een organisme

b)

Het langer worden van een organisme

c)

Het groter worden van een organisme

68.

Pubers hebben vaak het gevoel dat ze bij een groep willen horen. Wat voor soort ontwikkeling is dit?

a)

lichamelijke ontwikkeling

b)

geestelijke ontwikkeling

c)

motorische ontwikkeling

d)

groei

69.

Wat is ontwikkeling?

a)

Het beter worden van een lichaam

b)

Het veranderen van de lichaamsbouw

70.

In welke levensfasen heb je een groeispurt?

a)

Baby & puberteit

b)

Kleuter & puberteit

c)

Baby & kleuter

d)

Kleuter & peuter

71.

Welke volgorde van levensfasen klopt?

a)

Baby - peuter - kleuter - schoolkind

b)

Baby - kleuter - peuter - schoolkind

c)

Peuter - baby - schoolkind - kleuter

72.

Welke levensfase duurt tot je ongeveer 65 bent?

a)

Bejaarde

b)

Volwassene

c)

Puber

d)

Adolescent

73.

Koolstofdioxide wordt omgezet in zuurstof door

a)

planten

b)

dieren

c)

schimmels

d)

bacteriën

74.

Planten hebben nodig:

a)

zuurstof

b)

koolstofdioxide

c)

zuurstof en koolstofdioxide

75.

Het maken van zuurstof en glucose door een plant heet

a)

fotosynthese

b)

verbranding

76.

Glucose wordt NIET gemaakt in

a)

bladeren

b)

wortels

c)

stengel

d)

bloem