wayground logo

Free Printable Worksheets

Font size

S
M
L
XL
Worksheets

H1 nova 3TL

Total questions: 15

Worksheet time: 9mins

Name
Class
Date
1.

Een oplosmiddel is:

a)

Een vloeistof waar andere stoffen goed in oplossen

b)

Een vaste stof die goed oplost in water

c)

Een vloeistof waar alle stoffen in kunnen oplossen

d)

Een vloeistof die goed oplost

2.

op de foto zie je een

a)

oplossing

b)

suspensie

c)

emulsie

3.

Welke van onderstaande zijn stofeigenschappen?

a)

Kleur

b)

Smeltpunt

c)

Massa

d)

Dichtheid

4.

Wat is geen mengsel?

a)

Wijn

b)

Kraanwater

c)

Suiker

d)

Cola

5.

Geef het juiste reactieschema met fase-aanduiding voor het verhitten van salmiakpoeder en er ontstaan de gassen waterstofchloride en ammoniak

a)

salmiakpoeder(s) +zuurstof(g) --> waterstofchloride(g) +ammoniak(g)

b)

salmiakpoeder(s) --> waterstofchloride(g) + ammoniak(g)

c)

waterstofchloride(g) + ammoniak(g) --> salmiakpoeder(s)

d)

salmiakpoeder --> waterstofchloride +ammoniak

6.

wat is de faseovergang als een stof van gas fase naar vaste fase gaat?

a)

sublimeren

b)

verdampen

c)

rijpen

d)

condenseren

7.

Wat betekent dit gevarensymbool?

a)

Giftig

b)

Schadelijk

c)

Ontvlambaar

d)

Corrosief (bijtend)

8.

Aan welke twee stofeigenschappen herken je benzine?

a)

Geur

b)

Kleur

c)

Smaak

d)

Brandbaarheid

9.

Wat gebruik je om de bestanddelen van een emulsie gemengd te houden?

(a)  

10.

Welke faseovergang gaat niet van of naar vaste stof?

a)

Smelten

b)

Sublimeren

c)

Stollen

d)

Condenseren

11.

Wat betekent dit gevarensymbool?

a)

Giftig

b)

Schadelijk

c)

Ontvlambaar

d)

Corrosief (bijtend)

12.

Verdampen is een chemische reactie.

a)

waar

b)

niet waar

13.

op de foto zie je een

a)

oplossing

b)

suspensie

c)

emulsie

14.

Dichtheid:

Volume = 12 cm3

massa = 33 gram

ρ=mV\rho=\frac{m}{V}  

(a)  

15.

Een stuk zeep ruikt vaak lekker. In welke fase is een stof die je ruikt?

a)

vaste fase

b)

vloeibare fase

c)

gasfase