WorksheetsMeerkeuzetoets Arbeid
Total questions: 31
Worksheet time: 16mins
Wat wordt bedoeld met de arbeidsmarkt?
De plek waar goederen worden verhandeld.
De plaats waar vraag en aanbod van arbeid samenkomen.
Een platform voor online winkelen.
De manier waarop productie georganiseerd is.
Wat gebeurt er bij een stijging van de werkloosheid?
De vraag naar arbeid neemt toe.
Het aanbod van arbeid neemt af.
Het aanbod van arbeid blijft gelijk, maar de vraag daalt.
Zowel vraag als aanbod van arbeid stijgen.
Wat is een gevolg van een stijging van het minimumloon?
Werkgevers nemen meer werknemers aan.
Het werkloosheidspercentage kan stijgen.
Arbeid wordt goedkoper.
Het minimumloon heeft geen invloed op de arbeidsmarkt.
Welke vorm van werkloosheid wordt veroorzaakt door economische schommelingen?
Seizoenswerkloosheid
Structurele werkloosheid
Conjuncturele werkloosheid
Frictiewerkloosheid
Wat is een kenmerk van structurele werkloosheid?
Het wordt veroorzaakt door een tekort aan vraag.
Het wordt veroorzaakt door een mismatch tussen vraag en aanbod.
Het komt alleen voor in de winter.
Het wordt veroorzaakt door te weinig scholing.
Wat is een mogelijke oplossing voor structurele werkloosheid?
Het verhogen van het minimumloon.
Het verlagen van belastingen op consumptie.
Investeren in scholing en omscholing.
Meer werknemers ontslaan.
Welke groep behoort tot de beroepsbevolking?
Mensen van 15 tot 67 jaar die betaald werk hebben of zoeken.
Alle mensen die werkloos zijn.
Alleen mensen met een vaste aanstelling.
Studenten en gepensioneerden.
Wat wordt bedoeld met verborgen werkloosheid?
Werkloosheid die niet officieel geregistreerd is.
Werkloosheid onder hoogopgeleiden.
Werkloosheid die ontstaat door automatisering.
Werkloosheid in de landbouwsector.
Wat is het gevolg van een vergrijzende bevolking voor de arbeidsmarkt?
Een stijging van het aantal werkzoekenden.
Een daling van de productiviteit.
Een toenemende vraag naar personeel in de zorg.
Een stijging van de jeugdwerkloosheid.
Wat is een voorbeeld van primaire arbeidsvoorwaarden?
Vakantiedagen
Salaris
Reiskostenvergoeding
Opleidingsmogelijkheden
Wat is een voorbeeld van secundaire arbeidsvoorwaarden?
Werktijden
Pensioenregeling
Minimumloon
Arbeidscontract
Wat betekent het als de arbeidsmarkt krap is?
Er is meer aanbod van arbeid dan vraag.
Er is meer vraag naar arbeid dan aanbod.
De arbeidsmarkt functioneert niet goed.
Er zijn te weinig werkgevers.
Wat is een gevolg van automatisering op de arbeidsmarkt?
Een stijging van de vraag naar laaggeschoold werk.
Een daling van de werkloosheid.
Een verschuiving van banen naar de dienstensector.
Een toename van handmatig werk.
Wat wordt bedoeld met loonelasticiteit?
De mate waarin werkloosheid verandert bij loonwijzigingen.
De verandering van het aanbod van arbeid bij een loonsverandering.
Het verschil tussen minimumloon en gemiddelde lonen.
De mate van flexibiliteit van arbeidscontracten.
Wat is een voordeel van flexibele arbeidscontracten?
Werknemers hebben meer werkzekerheid.
Werkgevers kunnen sneller inspelen op veranderingen.
Het aantal vaste banen neemt toe.
Het ziekteverzuim daalt.
Wat is de invloed van een werkloosheidsuitkering op de arbeidsmarkt?
Het stimuleert werknemers om snel een baan te zoeken.
Het zorgt voor een hogere werkloosheid.
Het biedt
Wat is de invloed van een werkloosheidsuitkering op de arbeidsmarkt?
Het stimuleert werknemers om snel een baan te zoeken.
Het zorgt voor een hogere werkloosheid.
Het biedt een sociaal vangnet voor werkzoekenden.
Het verlaagt de lonen.
Welke vorm van pensioen is gebaseerd op solidariteit tussen generaties?
AOW
Kapitaaldekkingsstelsel
Aanvullend pensioen
Individueel pensioenfonds
Wat is een mogelijke oorzaak van frictiewerkloosheid?
Verouderde machines
Het zoeken naar een geschikte baan na afstuderen
Een daling van de vraag naar producten
Een economische crisis
Wat is het doel van een CAO?
Het verhogen van de belastingen.
Het vastleggen van arbeidsvoorwaarden voor een hele sector.
Het stimuleren van concurrentie tussen werkgevers.
Het verbeteren van de internationale handel.
Welke groep wordt niet direct beïnvloed door een stijging van het minimumloon?
Mensen met een vast contract.
Zelfstandigen zonder personeel (ZZP’ers).
Mensen die het minimumloon verdienen.
Parttimers.
Wat is een kenmerk van een flexibele schil in een bedrijf?
Het bestaat uit medewerkers met vaste contracten.
Het bevat medewerkers met tijdelijke en oproepcontracten.
Het wordt alleen ingezet tijdens economische groei.
Het verlaagt de productiviteit van bedrijven.
Wat betekent arbeidsmobiliteit?
Het aantal uren dat een werknemer werkt.
De mate waarin werknemers van baan of regio kunnen veranderen.
Het aantal vacatures per sector.
De werkloosheid onder jongeren.
Wat is een oplossing om de arbeidsparticipatie te verhogen?
Het verhogen van de pensioenleeftijd.
Het verlagen van de lonen.
Het invoeren van een hogere belasting op arbeid.
Het verhogen van het aantal vakantiedagen.
Wat is een voorbeeld van seizoenswerkloosheid?
Minder banen in de bouw in de winter.
Een daling van de vraag naar arbeid door een crisis.
Het verlies van banen door automatisering.
Een stijging van de jeugdwerkloosheid.
Wat wordt bedoeld met werkgelegenheid?
Het aantal banen in een economie.
Het aantal werklozen in een land.
Het aantal openstaande vacatures.
Het totaal aantal werkenden en werkzoekenden.
Wat is de invloed van globalisering op de arbeidsmarkt?
Een daling van de vraag naar geschoold werk.
Een toename van internationale concurrentie.
Het verdwijnen van laaggeschoolde arbeid.
Een afname van arbeidsmigratie.
Wat is een voorbeeld van arbeidsintensieve productie?
Productie waarbij veel werknemers nodig zijn.
Productie die volledig geautomatiseerd is.
Productie die afhankelijk is van grondstoffen.
Productie gericht op export.
Wat is een mogelijk nadeel van een flexibele arbeidsmarkt?
Een lagere werkloosheid.
Minder baanzekerheid voor werknemers.
Een hogere belastingdruk.
Een stijging van de lonen.
Wat wordt bedoeld met arbeidsproductiviteit?
Het aantal uren dat werknemers gemiddeld werken.
De output per gewerkt uur of werknemer.
Het aantal werknemers in een bedrijf.
De verhouding tussen vraag en aanbod van arbeid.
Welke factor heeft invloed op de loonkosten per eenheid product?
De werkloosheid.
De arbeidsproductiviteit.
Het aantal openstaande vacatures.
De belastingtarieven.
